*

 
dossier

Archief

Politie machteloos in het Oosterpark

BARBARA BERGER − 02/01/98, 00:00

GRONINGEN - “Meneer, ik ben hier strontziek van!” Gistermiddag, vier uur in de Groningse Oosterparkwijk. De politievrouw, die met vijf collega's op de Irislaan staat te posten, kan niet meer tegen de stroom kritiek van buurtbewoners op het slappe optreden tijdens de rellen van de laatste dagen.

Voordat een collega haar de mond snoert, bijt ze een boze, plat Gronings pratende man toe: “Laat uw buurt eerst eens beter samenwerken met de politie. En neemt u van me aan: vandaag zijn de meest gefrustreerde mensen niet u hier, maar mijn collega's uit de nachtdienst van dinsdag.”

Terwijl een tiental jongeren hout, autobanden, kerstbomen, fietsen en een geluidsbox stoïcijns langs de politie richting brandstapel op het Goudenregenplein draagt, kijken de agenten toe. Jochies van hooguit zes, zeven jaar doen dienst als loopjongens. Gevaarlijk dicht bij het vuur vissen zij bundels rotjes op, die de groten mis hebben gegooid.

Buurtbewoners staan er in losse groepen omheen. Ze blijken de meeste pubers bij het vuur te kennen. Maar niemand spreekt ze aan, niemand grijpt in, mensen brengen alleen hun eigen kinderen in veiligheid als er weer een golf vonken neerdaalt. De agenten vertrekken na een half uurtje. “Ze doen hier nooit wat”, schreeuwt een vrouw. “Dinsdagnacht kwam de politie drie uur na ons telefoontje, lekker op tijd.”

Tegenover de brandstapel, vlak naast de cafetaria, die als trefpunt dient voor jongeren, gapen de donkere gaten van twee leeggeplunderde rijtjeshuizen. De huizen, net als de rest van de wijk door onder meer Berlage gebouwd, zijn dinsdagnacht door een zestigtal jongeren opengebroken. Met oud en nieuw ging er dan nog de fik in één huis, dat in gebruik was als opslagruimte van een grofvuil-handelaar. Van de bezittingen van de andere bewoonster is niets meer over, behalve een familiefoto aan de muur. Voor de deur staan kinderen de meegepikte cd's te bespreken. De muziek viel in de smaak.

- Lees verder op pagina 3.

Angstig Oosterpark 'Het was totale anarchie, een nachtmerrie' VERVOLG VAN PAGINA 1

Een oude mevrouw, die al zestig jaar naast de geplunderde huizen woont, vindt het vooral zonde van de bomen die dinsdagnacht in haar straat, als voorbode van de rellen, door de jongeren zijn omgezaagd. Haar moeder was nog bij het planten van de bomen geweest. De getroffen buren kent ze niet. Ze wordt getroost door een kennis, die net als zoveel oude bewoners verhuisd is naar de betaalbare, maar steriele nieuwbouwwijken van Bedum.

Het huis van Statenlid Sjon Lammerts van de Socialistische Partij iets verderop is dichtgetimmerd. Hij had een paar dagen geleden de gemeente per brief gewaarschuwd dat er de laatste weken al veel brandjes gesticht waren en dat hij ernstigere rellen verwachtte in de wijk.

De relschoppers, van wie velen voorzien zijn van bivakmuts, gooiden dinsdagavond vuurwerk, stenen en blikjes naar zijn huis. Daarna volgde een urenlange belegering waarbij het Statenlid er slechts met grote moeite in slaagde de jongeren buiten de deur te houden. Volgens Lammerts heerste er dinsdagavond de 'totale anarchie, een nachtmerrie' in de wijk. Zijn brief aan de gemeente had hem tot doelwit gemaakt, denkt hij. Maar buurtbewoners zeggen dat Lammerts niet erg geliefd is omdat hij 'altijd ruzie zoekt'.

Lammerts houdt de politie en burgemeester Hans Ouwerkerk verantwoordelijk voor het uit de hand lopen van de rellen. “Signalen dat er onrust in deze wijk is, zijn er al zo lang. Daar wordt absoluut niet op gereageerd. En dat de ME uren nadat de rellen waren begonnen eindelijk verschijnt, is toch niet te geloven. Mensen waren doodsbang.”

Ouwerkerk geeft toe dat de politie de aanwijzingen over dreigende onlusten in de Oosterparkwijk heeft onderschat. “Ik schaam me diep voor wat er gebeurd is. Het is onbestaanbaar dat de politie dinsdagnacht urenlang niet in actie is gekomen. Ik wil dat de volledige waarheid over de gebeurtenissen op korte termijn duidelijk wordt en ik zal dan opening van zaken geven.” Of er ook disciplinaire maatregelen worden genomen, kon Ouwerkerk gisteren nog niet zeggen. Een woordvoerder van de politie wees erop dat kortgeleden 23 mensen uit de wijk zijn opgepakt voor in totaal 43 geweldsmisdrijven die afgelopen zomer de wijk teisterden. “Bovendien waren wij níet op de hoogte van Lammerts' brief. Dinsdagavond zijn na de eerste melding meteen alle beschikbare 35 agenten met de platte pet ernaartoe gegaan - de avonddienst is zelfs langer gebleven -, maar die zijn bekogeld met stenen. Ze moesten spoorslags vertrekken om het vege lijf te redden. Om elf uur zijn we gaan bellen naar de ME en anderhalf uur later waren we op sterkte. In onze regio moeten ME'ers soms wel 60 kilometer rijden voordat ze hier kunnen zijn. En ze hebben gewoon telefoon, geen piepers.” De woordvoerder erkent dat een deel van de problemen te wijten is aan de bezuinigingen waarmee het korps is geconfronteerd.

Hij kon verder nog geen achtergronden geven van de vier mannen die gisteren en eergisteren in verband met de vernielingen zijn opgepakt. Twee van de arrestanten zijn nog minderjarig. “Er zijn in de wijk twee groepen die ruzie hebben: de 14- tot 18-jarigen, en de 18- tot 30-jarigen. Dat zullen we nu ook verder onderzoeken”, aldus de woordvoerder. Hij ontkent dat er een gerucht was over interne kritiek op het late ingrijpen. “Politieagenten willen altijd wel ingrijpen. De officier van dienst moet echter beoordelen of aan een minimumvereiste van veiligheid wordt voldaan. Dat was hier niet het geval.”

Vuurtjes

Na de spanningen dinsdagnacht bleef het op oudejaarsavond redelijk rustig in de wijk. Veel gezinnen stookten vuurtjes met hun kinderen op straat, waarvan de (veelal metalen) resten gistermiddag nog nasmeulden. Politie en ME waren zichtbaar aanwezig tot één uur 's nachts. Pas na hun vertrek vloog er weer een aantal stenen door de lucht. Daarbij lijken willekeurige huizen te zijn getroffen, zoals een pand in de Irislaan, waar nog een grote papieren kerstman aan slingers waait en een half afgebouwde lego-boot tussen de scherven van het raam zwemt.

Niet bekend

Er wonen nu een kleine 3 000 mensen, onder wie veel studenten en weinig allochtonen. Zoals in meer wijken in Groningen zijn juist de randwegen rondom het Oosterpark opgezierd met de mooie façades van dure villa's, terwijl in het hart van de wijk kleine, maar architectonisch mooie arbeidershuisjes de boventoon voeren. De enige dissonant lijken de twee lelijke bejaardenflats, die de huizen van het befaamde 'rode dorp' pal naast het stadion van eredivisionist FC Groningen hebben vervangen.

De wijk lijkt ook wat betreft netheid opgesplitst in afzonderlijke buurtjes van dwarsstraat tot dwarsstraat. Enkele panden van dealers in de Irislaan zijn weleens 'zelf' door samenwerkende wijkbewoners opgeruimd. “Er zijn hier nauwelijks cafés, in de zomer zitten we hier voor de deur met een krat bier”, vertelt een buurtbewoner. Het alcoholisme is groot in de door hoge werkloosheid geteisterde wijk. Op de pleintjes zijn veel speeltuinen, maar voor jongeren is er weinig te doen in de wijk. Hoewel er ook gistermiddag overal kleine groepjes jongeren op de vele straathoeken melig rondhingen, had 'natuurlijk' niemand iets specifieks gehoord of gezien. 'Niemand' kent de relschoppers, alleen de kinderen zeggen dat scherven en vuurtjes in de buurt heel gewoon zijn. Twee oudere mannen in trainingspakken, die naar het vuurtje staren op het Goudsbloemplein, weten dat het nog lang niet over is in het Oosterpark. De jongeren vinden al die aandacht prachtig, weten de mannen. En ze zoeken juist de confrontatie met de politie. “De schuurtjes achter de huizen staan nog vol met oude kerstbomen en de brandgangen liggen vol rommel. De jongens komen hier uit de wijk, en ze moeten hun frustraties kwijt. Dat kan nog heel lang duren.”

mailIcon print |