*

 
dossier

Archief

Canal-Kees en de kijkcijfers van de HBW: nihil

MART SMEETS − 03/01/98, 00:00

Het is ongeveer het verschil tussen de Radetzky-mars en die engerd van 'The bold & the beautiful' (zelfs met een pistool op mijn borst zou ik zijn naam niet weten) die ook denkt iets muzikaals te doen.

Ik zag de man donderdagavond op de betaal-tv. Hij was als spektakel aangekondigd bij de Haarlem Basketball Week (HBW), maar de keiharde bb-bal-junk moest (gelukkig) niets van zo'n product hebben. De Canal-jongens lieten, om wat voor reden dan ook, nog geen minuutje van het gekweel zien, alvorens terug te keren op het pad waarvoor ze in Haarlem waren: het tonen van sport op de tv.

Ik vroeg me af, terwijl ik naar Nieuw-Zeelanders en Cubanen zat te kijken die een hele aardige wedstrijd speelden, hoeveel landgenoten geïnteresseerd zouden zijn in deze beelden en vroeg dat de volgende dag op bij de kijkcijferspecialisten in Hilversum: nihil dus.

Wat betekent nihil?

Nou, misschien wel minder dan honderd, misschien 308 of misschien wel 1157, maar in ieder geval onwaarschijnlijk weinig. Pardon? Dat kon toch niet. Ja, dat kon wel. Ik werd fijntjes herinnerd aan de kijkcijfers van RTL5, een gratis zender dus, die twee of drie jaar geleden bedroevend slechte cijfers aan de HBW overhield en met grote spoed dit op het oog zo populaire sportfeestje achterliet.

Een kijkcijferspecialist: “Het lijkt aannemelijk dat alle basketbal-enthousiastelingen die dagen zelf in de zaal zitten, dit is een héél klein publiek.”

Ik vond het schokkend, maar begreep het wel.

En die Radetzky-klanten dan?

Het is Nieuwjaarsochtend. De mens staat moe, dikbuikig, loom, gapend en soms zelfs geradbraakt op. Een palet van champagne, zalm, sigaren, oliebollen en pils trekt in het behang. . . ha, laten we eens kijken wat de tv te bieden heeft. Joop van Zijl die de Wienersüngerknaben voorstelt, die de werken van de jonge en oude Strauss bij ons binnenbrengt en als we de befaamde 'tieten-kont-tieten-kont-tieten-kont-kont-kont' mars hebben gehad gaan we naadloos over naar een sport waar geen Nederlander verstand van heeft, waar we geen kanshebber zelfs maar bij naam kennen en waar we met bijna één miljoen mensen naar gaan zitten kijken.

Hoewel? Kijken? Het is meer dat de tv aanstaat en dat we soms de kreet 'Telemark-landing' van Evert ten Napel doorkrijgen, maar kijken we echt?

Ik kan het me niet voorstellen, maar we (de NOS) zenden nu al onnoemelijk veel jaren dit gespring uit, terwijl andere spring-klassiekers moeiteloos passeren zonder dat we zelfs maar de resultaten noemen.

Ik vind dat gek. Bijna een miljoen vaderlanders keken ook deze week weer naar die oranje pakken die naar beneden zoefden en in V-hang op aarde terugkwamen.

Ga de straat op en vraag wie er won. Je moet een doorgewinterde sportfreak zijn als je al 'die Japanner' weet te zeggen. Een test? Weet u het . . . wees eerlijk, weet u hoe die Japanner heette? Neen toch. Ik moest het ook even opzoeken (zeg ik er eerlijkheidshalve bij) en zal zijn naam hierbij noemen: Funaki. Glad to meet you.

Wat ik nu wil zeggen? Dat we op de publieke zender met bijna een miljoen mensen naar ons volkomen vreemde schansspringers zitten te koekeloeren en dat slechts een paar tientallen of hooguit een paar honderd mensen naar ons volkomen onbekende basketballers uit Nieuw-Zeeland en Brazilië, Israël en Cuba gaat zitten kijken. Is dat het verschil tussen Canal-Kees en de NOS? Of tussen schansspringers en basketbal?

Een diep ingeslepen gewoonte heeft ons naar Radetzky en het schansspringen in Garmisch gebracht. Het is een merkwaardige gewoonte, nauwelijks te verklaren, boeiend om te ontleden zelfs.

De marketeers van die HBW mochten zulke kijkcijfers wensen, wat zeg ik, met 10 procent waren ze al spekkoper en konden hun sponsoren tevreden stellen.

Voor hen gaat de steeds terugkerende vraag op: wat is beter? Langdurig, dagelijks, een week lang voor bijna niemand op de betaal-tv of kort en bondig op de publieke zender met een ongekend veelvoud aan kijkers?

En toch blijft bij mij de vraag: hoe kijken wij naar schansspringen? Hopen we op één mooie val? Op zo'n molenwiekende Slowaak die als een Icarus onze eerste dag van het nieuwe jaar heel even opvrolijkt? En waarom kijken we niet naar een onwaarschijnlijk lenige dunker die Ron Curry heet?

Wat niet weet, dat deert niet.

mailIcon print |