ROTTERDAM (ANP) - Uit onverwachte hoek wordt er steeds vaker negatief op het atheïsme gereageerd. Niet van gelovigen is die kritiek afkomstig, maar van degenen die min of meer als geestverwanten worden gezien: wetenschappers, filosofen, journalisten en kunstenaars.
Dit schrijft Jan Vis in De Vrije Gedachte, het tijdschrift van de vrijdenkersvereniging met dezelfde naam. De oorzaak is volgens hem niet zozeer dat die geestverwanten in de verte nog gelovigen zijn, maar de zekerheid van de atheïst. Immers, “de atheïst kent geen twijfel als het over boven- en buitenmenselijke spirituele ervaringen gaat: die bestaan niet”, schrijft Vis.
De hedendaagse critici menen echter dat je nergens zeker van kunt zijn, omdat het moderne denken telkens weer laat zien dat alles uiteindelijk betrekkelijk is. Daarom vinden zij dat de atheïst onverdraagzaam en dogmatisch is. De feiten lijken hen gelijk te geven, aldus Vis. “De atheïst wijst het geloof en de godsdienst radicaal af. Sterker nog: hij vindt dat geloof en godsdienst levensgevaarlijke verschijnselen zijn omdat zij de mensen in een ziekelijke waan gevangen houden.”
Maar dankzij die opvatting dat er niets zeker is, floreert in de moderne maatschappij het geloof meer dan ooit. “Het geloof màg weer”, constateert Vis met immense spijt. Dat lijkt te getuigen van grote tolerantie, maar het is in feite een uiting van betreurenswaardige intellectuele lafheid, volgens hem.
Godsdiensten die bedoeld zijn om de dienstbaarheid aan hogere machten te bevorderen, kunnen per definitie nimmer op het welzijn van de individuele mensen uit zijn, aldus Vis.
Hij hoopt de jubileumviering in oktober van De Vrij Gedachte (140 jaar) uit te laten lopen op een grootse Atheïstische Manifestatie.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.