*

 
dossier

Archief

Heeft die mevrouw niks beters te doen?

WILLEM BREEDVELD − 04/12/96, 00:00

Zo min als de Franse president Chirac in het kader van de Action commune hier ooit een coffeeshop zal willen openen, zal Wim Kok het in zijn hoofd halen het bestaan van zogenaamde no go areas te Parijs als dé oplossing voor het drugsprobleem aan te prijzen. Tussen de Franse slag en het Hollandse gedoogbeleid gaapt nu eenmaal een onoverbrugbare kloof en dat weten ze.

Als zulke heren daarom samen al iets moeten (en soms moet dat ter wille van Europa en ter beslechting ook van enkele grensoverschrijdende problemen) is het niet ongebruikelijk dat men in zulke gevallen zijn toevlucht zoekt in het formuleren van multi-interpretabele teksten. Die horen een beetje bij de Europese praktijk, zegt Frans Andriessen, oud vice-voorzitter van de Europese Commissie (in NRC Handelsblad van maandag). En niet alleen daar, de internationale diplomatie kan evenmin zonder. Het is zoiets als het Nederlandse 'gedogen', maar dan op Europees of diplomatiek niveau.

Vraag die vervolgens rijst: als dit zo is, hoe is het dan mogelijk dat er over zo'n tekst zo'n rel kon ontstaan? Is Nederland echt zo naïef om te denken dat Chirac ons gedoogbeleid zal willen omarmen? Of omgekeerd: denkt Frankrijk in ernst hier met de sterke arm van Europa onze coffeeshops (nog een uitvinding van Irene Vorrink aan het eind van de jaren zeventig) uit te kunnen roken? Uitgesloten. De enig denkbare verklaring is dat er ergens op een departement (lees: Volkgezondheid), al dan niet na een telefoontje van een paniekerige Europarlementariër (lees: Hedy d'Ancona) het idee heeft postgevat dat deze tekst wel eens niet multi-interpretabel zou kunnen zijn en onze coffeeshops dus in gevaar zouden zijn.

Wat zich op zo'n moment wreekt, is dat vrijwel niemand over de letterlijke tekst van de formulering beschikt. Europa leeft op het punt van openbaarheid nog zo ongeveer in het stenen tijdperk. Dat kan soms zijn voordelen hebben, maar in dit geval kon jan-en-alleman roepen wat-ie wou, want het viel toch niet te controleren.

Binnen de kortste keren ontstond daarom in de media het beeld dat Nederlandse ambtenaren zich te Brussel in het pak hadden laten naaien. Reden voor Kok het grofst denkbare geschut uit de kast te halen: als Frankrijk niet zou inbinden, zou Nederland zich genoodzaakt zien een veto uit te spreken.

Pas nadat het kwaad geschied was, bleek er genoeg over de gewraakte tekst te zijn uitgelekt om inmiddels vast te kunnen stellen dat het ging over “een gemeenschappelijk optreden betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen en praktijken van de lidstaten van de Europese Unie ter bestrijding van de drugsverslaving en ter voorkoming en bestrijding van de illegale drugshandel”. Geen woord derhalve over onze coffeeshops. Integendeel, Nederland kan op grond van deze tekst zelfs aannemelijk maken dat onze coffeeshops buitengewoon effectief zijn in de strijd tegen de drugsverslaving.

Afijn, Nederland wilde toch deze tekst van tafel, wat niet lukte, waarop minister van justitie Sorgdrager en haar Franse collega Toubon de ruzie voorlopig bijlegden met de toevoeging “dat het iedere lidstaat vrij staat meer efficiënte maatregelen tegen de drugsverslaving te nemen”.

Nou, daar zijn we enorm mee opgeschoten. Zoals Andriessen constateert: zo'n tekst is minstens zo multi-interpretabel. Bovendien is Chirac nu pas goed gealarmeerd en dat zou wel eens niet zonder gevolgen kunnen blijven. Hij zal er ongetwijfeld op terugkomen bij de top in Dublin, of later, voorspelt Andriessen. Kok is dus nog niet van hem af.

Ondertussen hebben we ter wille van een gevecht om des keizers baard wel het prestige van ons komend voorzitterschap van de Unie op het spel gezet. Soms denkt een mens wel eens: hebben die lui op volksgezondheid en heeft die mevrouw in Straatsburg niks beters te doen?

mailIcon print |