*

 
dossier

Archief

ENTOMOLOGIE

MARK TRAA − 15/01/97, 00:00

'Insecten en maatschappij', serie lezingen georganiseerd door de Landbouwuniversiteit Wageningen. Tot en met 26 maart elke woensdagavond om 20.00 uur in Hotel 'De Wereld' in Wageningen.

Wat hebben we met insecten? Meer dan we wellicht vermoeden, is de boodschap van de wetenschappers die tot eind maart in Wageningen bekende en vooral onbekende aspecten van de entomologie de revue laten passeren.

Onbekende aspecten van de insectenkunde, dat zijn voor velen ook feitjes als deze: alle insecten tezamen wegen meer dan alle andere dieren op aarde bij tezamen. En er zijn ruim 900 000 soorten bekend, waarvan een aanzienlijk aantal rijk is aan eiwitten en dus bijzonder voedzaam. In potentie is er voldoende grondstof voorhanden om tot Sint Juttemis insectenhamburgers te bakken. Maar ja.

Over het eten van insecten, in veel Afrikaanse en Aziatische landen zeer gebruikelijk, is al gesproken in Wageningen. Lezingen over Spaanse vlieg als lustopwekkend middel, over genetische manipulatie van insecten, over malariamuggen staan nog op het programma.

Over een wel zeer bijzondere tak van de insectenkunde spreekt dr. Jan Krikken op 26 februari. Krikken is verbonden aan het Nationaal natuurhistorisch museum in Leiden en is voorzitter van de Nederlandse entomologenvereniging. Daarnaast noemt hij zich forensisch entomoloog. Hij onderzoekt de rol die insecten kunnen spelen bij het oplossen van misdrijven. Preciezer: bij de bepaling van het overlijdenstijdstip van een slachtoffer.

Wie wil weten hóe, moet de gevoelsknop maar even op 'uit' zetten. Er zijn dingen die we niet wíllen weten, en daartoe behoren zeker details over wat er met ons lichaam gebeurt na het overlijden. En als er een insectenkundige bij wordt gehaald, is het wel duidelijk, dan gaat het over de beestjes die zich aan onze overleden lichamen tegoed doen.

Dát heeft de interesse van Jan Krikken. Het onderwerp geniet ook de warme belangstelling van de technische recherche en het Gerechtelijk laboratorium, want die houden volgens de Leidse entomoloog wel van originele onderzoeksmethoden. Klopt het alibi van de verdachte? Als een krioelend nestje bromvlieglarven op het lichaam van het slachtoffer uitsluitsel kan bieden, dan is een welkom stukje aanvullend bewijs verkregen.

Spektorren

“We weten”, zegt Krikken, “dat een bepaalde opeenvolging van vliegen en insecten op een dood lichaam afkomt dat in de open lucht is gevonden. In onze klimaatstreek is de ruwe volgorde: eerst de bekende groen en blauw glanzende bromvliegen, dan de mieren, vervolgens de spiegelkevers, de kortschildkevers, de mijten, de spektorren en de knaagkevers. Die laatste zien we in ons land overigens nauwelijks. Ze doen zich tegoed aan de huid en de botten, en voordat het zover is, is een lijk meestal al gevonden.”

Behalve de volgorde waarin de diertjes arriveren, is ook van elke soort bekend hoe lang het duurt voordat de eitjes die ze in of op het lichaam leggen, zijn uitgegroeid tot volwassen insecten. Een geoefend entomoloog kan zien hoe oud een insect is, en dan is het nog slechts een kwestie van terugrekenen. Zijn de diertjes ouder dan het tijdstip van het misdrijf, dan is nader onderzoek geboden.

Verdacht!

De medewerkers van het Gerechtelijk laboratorium beschikken over een handleiding waarin is vermeld hoe ze aangetroffen insecten moeten behandelen. Worden eitjes of larven gevonden, dan is de regel dat ze van het lichaam worden verwijderd en in het laboratorium worden doorgekweekt. Zo komt hun identiteit vanzelf aan het licht.

Er wordt niet vaak beroep gedaan op de entomologen: vorig jaar waren er in ons land drie gevallen. Meestal zijn de insectenkenners simpelweg niet nodig, omdat langs gebruikelijker wegen het overlijdenstijdstip kan worden achterhaald.

Van een toeloop van insecten is bovendien alleen sprake als een lichaam buiten wordt aangetroffen, en dan is er in bijna alle gevallen sprake geweest van een misdrijf.

“Zoiets gebeurt in ons land nu eenmaal niet zo vaak”, zegt Krikken. “In de Verenigde Staten wel. Daar is de forensische entomologie dan ook een veel groter onderzoeksgebied. Ik heb drie medewerkers die ik kan inschakelen, meer is niet nodig. Zelf ga ik nauwelijks meer op stap.”

Zijn er opzienbarende resultaten? Dé successtory uit Hongarije werd al genoemd. Een Nederlandse praktijkervaring, vorig jaar opgedaan door Krikken en zijn medewerkers: op een lijk dat door de politie in een afgesloten kamer werd aangetroffen, bevonden zich larven van een type bromvlieg dat zich normalerwijs alleen in het open veld in het zonnetje beweegt. Verdacht! Krikken opperde de gedachte dat het lijk verplaatst kon zijn van buiten naar binnen, en kon daarmee een vermoeden van de recherche bevestigen.

“In het geval van de Hongaarse man was het mogelijk het tijdstip van overlijden op een of twee uur nauwkeurig te bepalen”, zegt Krikken. “Dat lukt niet altijd, maar meestal slagen we er wel in een nauwkeurigheid van een dag te bereiken. Ik vraag vooraf in elk geval nooit aan de recherche wanneer zíj denken dat het misdrijf is gepleegd. Dat maakt het voor ons extra spannend.”

mailIcon print |