*

 
dossier

Archief

Jorritsma: Groei zal Indiase armen helpen

KEES BROERE − 13/05/95, 00:00

BOMBAY - Particuliere investeringen en verdergaande economische groei zijn voor India van groot belang, juist ook om de grote armoede in het land te bestrijden. Dat maakte minister Jorritsma (verkeer en waterstaat) gisteren duidelijk in de Indiase havenstad Bombay, aan het einde van een zevendaags bezoek aan het Zuidaziatische land.

“India doet er verstandig aan”, zo zei de bewindsvrouw, “zo langzamerhand gewoon echt handel te drijven en zich niet elke keer volstrekt afhankelijk te maken van ontwikkelingssamenwerking.” Op dit moment is India de grootste ontvanger van Nederlandse ontwikkelingshulp. Minister Pronk besteedt in het land jaarlijks 160 miljoen gulden.

Jorritsma liet weten “bepaald niet” uit te zijn op een snelle stopzetting van de ontwikkelingsrelatie met India. Wel zal de hulp zich volgens haar “steeds meer gaan richten op diegenen, die dat echt nodig hebben en steeds minder op de dingen, die ook op een normale manier kunnen”.

De minister sprak in dit verband van een “overgangsinstrumentarium” voor de relatie tussen Nederland en India. Naast hulp is het volgens haar van groot belang dat in India wordt geïnvesteerd. “Ik ben er van overtuigd dat als de economie niet verder groeit, dat vooral voor de armsten de grootste gevolgen zal hebben”, zo zei zij.

Herijking

Met haar opmerkingen kiest Jorritsma (VVD) positie in een discussie die het Nederlands kabinet voert over de zogeheten herijking van het buitenlandbeleid. In India zelf bestaat bij een aantal deskundigen de angst dat uiteindelijk de buitenlandse hulp, bijvoorbeeld voor de allerarmsten, het zal moeten afleggen tegen de 'handel', die niet iedereen in het immense land zou bereiken.

De bewindsvrouw van verkeer en waterstaat heeft deze week een aantal plaatsen in India bezocht. Behalve in de hoofdstad New Delhi was zij in Madras, Bangalore en Bombay. In het gevolg van de minister reisde een handelsdelegatie mee, met vertegenwoordigers van meer dan twintig Nederlandse bedrijven.

Het accent van het bezoek lag op de ontwikkeling van de Indiase infrastructuur (havens, wegen, vliegvelden) en telecommunicatie. Volgens Jorritsma “ligt er het een en ander” in India, maar is de kwaliteit van de meeste verbindingen “toch nog tamelijk slecht, en dan druk ik me voorzichtig uit”.

Concrete nieuwe contracten zijn de afgelopen dagen niet gesloten. “Zo werkt het niet in dit land”, aldus de minister. Wel is een “aantal stapjes” gezet, bijvoorbeeld in de samenwerking tussen de Nederlandse vliegtuigbouwer Fokker en de HAL, de Indiase aeronautische industrie, die op dit moment stabilisatoren voor de F-50 produceert.

Fokker

Fokker overweegt de samenwerking “behoorlijk te intensiveren”, aldus de bewindsvrouw. Ook hoopt de vliegtuigbouwer door het bezoek van de Nederlandse minister meer toestellen te kunnen verkopen voor met name de Indiase binnenlandse luchtvaart. Daarnaast zal de KLM de onderhandelingen heropenen over nieuwe landingsrechten.

Jorritsma noemde de Indiase markt “zeer en zeer interessant”. Zij wees daarbij op de lage arbeidskosten en op een groeiende produktiviteit.

Nederland kent momenteel een negeatieve handelsbaslans met India. Het voerde vorig jaar voor ruim 660 miljoen gulden naar het Zuid-Aziatische land uit, terwijl de import van Indiase goederen naar Nederland een waarde van ruim een miljard kende. De Indiase export is in vier jaar verdubbeld, de Nederlandse slechts licht gegroeid.

Jorritsma meent niet dat door haar bezoek de handelsbalans snel zal veranderen. Wel noemde zij het een “beetje raar” dat Nederland, dat elders ter wereld tot de grootste investeerders hoort, in India slechts op een achtste plaats komt. Veel Nederlandse bedrijven weten “absoluut niet wat hier aan de gang is”, aldus de minister.

Volgens Jorritsma vinden de Indiase economische hervormingen plaats binnen een “behoorlijk stabiel” politiek klimaat. “Iedereen hier wil liberaliseren, dereguleren en privatiseren”, zo zei zij. “Hoe langzaam dat ook zal gaan.”

mailIcon print |