Van onze parlementsredactie DEN HAAG - Een meerderheid van de Tweede Kamer neigt ernaar om al opgelegde WAO-boetes niet meer te innen, nu het kabinet die per 1 juli wil afschaffen. De fracties van VVD, D66 en CDA hebben dat laten blijken aan de vooravond van het Kamerdebat over het afschaffen van de bonus/malusregeling.
Op grond van de bonus/malusregeling, die sinds drie jaar bestaat, krijgt een werkgever een premie (bonus) als hij een gedeeltelijk arbeidsongeschikte in dienst neemt. Anderzijds hangt de werkgever een boete (malus) boven het hoofd voor elke werknemer die hij laat afvloeien in de WAO. Werkgevers hebben de regeling van meet af aan als onrechtvaardig beschouwd, omdat ze ook met een boete worden geconfronteerd als de werknemer geheel buiten hun schuld in de WAO belandt.
Ook in de politiek is de regeling omstreden geraakt. Gaandeweg is gebleken dat die zich tegen werkzoekende gedeeltelijk arbeidsongeschikten begon te keren: werkgevers zijn steeds minder bereid iemand aan te nemen, van wie zij het idee hebben dat ze een groot risico lopen arbeidsongeschikt te raken.
Het kabinet heeft daarom besloten de bonus/malusregeling af te schaffen. De boete verdwijnt, en de premie wordt vervangen door andere maatregelen die de kansen van gedeeltelijk arbeidsongeschikten om een baan te vinden moeten vergroten. Het kabinet wil nu weliswaar per 1 juli van de malus af, maar het wil wèl nog de boetes laten innen die inmiddels zijn opgelegd. De fracties van VVD en D66 (die het paarse kabinet steunen) en de grootste oppositiepartij CDA hebben daar echter moeite mee.
De christen-democraten gaan daarin het verst. Zij spreken onomwonden uit dat ze de boeteregeling willen terugdraaien en alle werkgevers hun geld willen teruggeven. De VVD informeert wat voorzichtiger of dat zou kunnen. Zo niet, dan zou het kabinet toch minstens moeten overwegen om boetes die zijn opgelegd na 15 februari (toen de Centrale raad van beroep op formele gronden een streep haalde door een aantal WAO-boetes) kwijt te schelden.
D66 kiest dezelfde lijn als de Raad van State, het hoogste adviescollege van de regering. Als de kosten van inning (beroepszaken meegerekend) nauwelijks opwegen tegen de opbrengst van de boetes, moet het kabinet de oude boetes maar laten zitten. Volgens het kabinet overtreft de opbrengst van de WAO-boetes ruimschoots de kosten van inning. Maar de Kamerleden plaatsen vraagtekens bij de berekeningen van staatssecretaris Linschoten (VVD) van sociale zaken en werkgelegenheid.
De staatssecretaris wil de bonus/malusregeling vervangen door een reeks van maatregelen om (gedeeltelijk) arbeids-ongeschikten aan een baan te helpen. Hij trekt daarvoor 475 miljoen gulden per jaar uit. Zo wil hij het onder meer mogelijk maken dat een (deels) arbeidsongeschikte op proef bij een werkgever aan de slag gaat. Linschoten gaat daarbij uit van vrijwilligheid. De VVD pleit voor een meer verplichtend karakter (zowel voor werkgever als voor werknemer) van deze regeling.
Ook wil Linschoten het loon van een gedeeltelijk arbeidsongeschikte, die bij zijn eigen werkgever in dienst blijft, tijdelijk aanvullen. Die aanvulling moet het verschil overbruggen tussen het (als gevolg van de handicap) lagere salaris en de WAO-uitkering. D66 vindt die regeling te mager en stelt een andere manier van berekenen voor.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.