De Nederlandse natuurorganisaties verdienen een groot compliment voor hun poging nieuw elan te genereren.
De afgelopen jaren, zo constateerde de directeur van Staatsbosbeheer zaterdag in Trouw, zaten zij voornamelijk in het defensief. Nu hebben vijftig clubs besloten aan een gezamenlijke strategie te werken en zich daarbij niet meer afhankelijk op te stellen van de overheid. Applaus daarvoor.
De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de Nederlandse natuurorganisaties ook geen andere keus hadden. De afgelopen jaren daalde bij veel clubs het ledental, vanuit de overheid verminderde de subsidies in rap tempo. Hoewel er een breed gedragen besef bestaat dat de natuur in ons kleine land belangrijk is om te behouden, bestaat er bepaald geen overstemming over de vraag wat de term 'natuur' precies behelst en tegen welke prijs de natuur moet worden behouden. Soms lag de nadruk zo zwaar op het creƫren van grootschalige ecologische hoofdstructuren, dat vergeten werd dat voor het publieke draagvlak de 'eenvoudige' natuur om de hoek misschien nog wel belangrijker is.
Het goede aan het initiatief is de nadruk op de veelvoudige kwaliteit van de natuur. Die heeft niet alleen belang voor fauna of flora, maar heeft ook een groot belang voor recreatie, veiligheid (wateroverloopgebieden), de drinkwatervoorziening (duinen), de energievoorziening (biobrandstof), de opvang van CO2 en ga zo maar door.
Het integreren van deze thema's in het Nederlandse natuurbeleid zal mogelijk het draagvlak kunnen verbreden en de fondsenwerving kunnen vergemakkelijken. Datzelfde geldt voor het initiatief van de natuurorganisaties om het publiek actief te laten meedenken over projecten waardoor de soortenrijkdom in Nederland kan worden verdubbeld.
Dat de natuurorganisaties het initiatief naar zich toetrekken, wil niet zeggen dat de overheid achterover kan leunen. Nederland bungelt in de Europese ranglijstjes onderaan waar het gaat om de kwaliteit van het natuurbeheer. In Brussel zijn ze ook bepaald niet vergeten hoe Nederland terug is gekomen op zijn belofte de aantasting van de natuur in de Westerschelde te compenseren door het ontpolderen van een deel van Zeeuws-Vlaanderen. Goed natuurbeheer vergt een lange adem en consistent beleid, waarbij de overheid goede en heldere randvoorwaarden schept zonder de organisaties met kennis van de materie in de weg te zitten.
Aan consistentie en distantie heeft het de laatste jaren in hoge mate ontbroken.
Commentaar
Nu nog een consistent overheidsbeleid
De Nederlandse natuurorganisaties verdienen een groot compliment voor hun poging nieuw elan te genereren.
De afgelopen jaren, zo constateerde de directeur van Staatsbosbeheer zaterdag in Trouw, zaten zij voornamelijk in het defensief. Nu hebben vijftig clubs besloten aan een gezamenlijke strategie te werken en zich daarbij niet meer afhankelijk op te stellen van de overheid. Applaus daarvoor.
De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat de Nederlandse natuurorganisaties ook geen andere keus hadden. De afgelopen jaren daalde bij veel clubs het ledental, vanuit de overheid verminderde de subsidies in rap tempo. Hoewel er een breed gedragen besef bestaat dat de natuur in ons kleine land belangrijk is om te behouden, bestaat er bepaald geen overstemming over de vraag wat de term 'natuur' precies behelst en tegen welke prijs de natuur moet worden behouden. Soms lag de nadruk zo zwaar op het creƫren van grootschalige ecologische hoofdstructuren, dat vergeten werd dat voor het publieke draagvlak de 'eenvoudige' natuur om de hoek misschien nog wel belangrijker is.
Het goede aan het initiatief is de nadruk op de veelvoudige kwaliteit van de natuur. Die heeft niet alleen belang voor fauna of flora, maar heeft ook een groot belang voor recreatie, veiligheid (wateroverloopgebieden), de drinkwatervoorziening (duinen), de energievoorziening (biobrandstof), de opvang van CO2 en ga zo maar door.
Het integreren van deze thema's in het Nederlandse natuurbeleid zal mogelijk het draagvlak kunnen verbreden en de fondsenwerving kunnen vergemakkelijken. Datzelfde geldt voor het initiatief van de natuurorganisaties om het publiek actief te laten meedenken over projecten waardoor de soortenrijkdom in Nederland kan worden verdubbeld.
Dat de natuurorganisaties het initiatief naar zich toetrekken, wil niet zeggen dat de overheid achterover kan leunen. Nederland bungelt in de Europese ranglijstjes onderaan waar het gaat om de kwaliteit van het natuurbeheer. In Brussel zijn ze ook bepaald niet vergeten hoe Nederland terug is gekomen op zijn belofte de aantasting van de natuur in de Westerschelde te compenseren door het ontpolderen van een deel van Zeeuws-Vlaanderen. Goed natuurbeheer vergt een lange adem en consistent beleid, waarbij de overheid goede en heldere randvoorwaarden schept zonder de organisaties met kennis van de materie in de weg te zitten.
Aan consistentie en distantie heeft het de laatste jaren in hoge mate ontbroken.
Plaats een reactie!
Deel jouw mening met de andere bezoekers
Commentaar
Lees het volledige dossier »
Verwant nieuws
Meer over
volg trouw.nl
trouw.nl op mobiel
trouw de verdieping
Service
Contact
© 2013 - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.