Het is onvoorstelbaar dat het gebeurt, en toch overkomt het alleen al in Amsterdam zo'n twee- tot driehonderd vrouwen. Ze zitten in huis opgesloten door hun eigen man en schoonfamilie, en mogen nooit naar buiten.
De problematiek van deze 'verborgen vrouwen' is eindelijk in kaart gebracht, in opdracht van de Amsterdamse gemeenteraad. En de cijfers liegen er niet om. Wie na dit rapport nog meent dat het gaat om een enkel geval, of om een louter hoofdstedelijk verschijnsel, vindt in het rapport van het Verwey-Jonker Instituut het bewijs dat opsluiting niet zomaar een incident is, maar een probleem dat om urgente, landelijke aandacht schreeuwt.
Het is de verdienste van twee partijen dat er nu meer duidelijk is over de omvang van het probleem. Beide kunnen niet genoeg geprezen worden om de inzet die zij ook de afgelopen jaren al hebben getoond om opgesloten vrouwen te hulp te komen. De eerste is de Amsterdamse gemeenteraad, die al concrete maatregelen voorstelde om hulpverleners als huisartsen en vroedvrouwen alerter te laten zijn, zelfs als een vrouw 'vrijwillig' lijkt binnen te blijven.
De tweede is nog belangrijker geweest: zonder de persoonlijke inzet van voormalig slachtoffer Fayza Oum'Hamed zou het hele onderwerp van de opgesloten vrouwen waarschijnlijk nooit de aandacht hebben gekregen die het verdient. Als zestienjarige importbruid werd Fayza Oum'Hamed door haar Marokkaanse man en schoonfamilie opgesloten in huis, waar de regel gold dat een vrouw slechts twee keer in haar leven het huis verlaat: als ze trouwt en als ze sterft. Oum'Hamed werd mishandeld, mocht geen Nederlands leren, sprong in wanhoop van het balkon en schreef daarover een boek. Nu strijdt zij in de Marokkaanse gemeenschap en elders voor bewustwording en betere hulpverlening.
Wat dat betreft is er een interessante overeenkomst met een andere kwestie, van vrouwen die gevangen zitten in een islamitisch huwelijk dat hun man niet wil ontbinden. Ook daar heeft een voormalig slachtoffer, Shirin Musa, persoonlijk het voortouw genomen in de strijd in eigen kring, en krijgt daarvoor brede politieke steun.
Dit soort nieuwe allianties zijn veelbelovend, omdat ze van binnenuit komen. Ze zijn ook een teken dat de politiek allang niet meer wegkijkt van gevoelige kwesties in migrantengemeenschappen. Vervolgens moeten wel resultaten worden geboekt. Niet alleen in Amsterdam, maar door in heel Nederland in actie te komen voor dit probleem.
Commentaar
Snel landelijk actie nodig voor opgesloten vrouwen
Het is onvoorstelbaar dat het gebeurt, en toch overkomt het alleen al in Amsterdam zo'n twee- tot driehonderd vrouwen. Ze zitten in huis opgesloten door hun eigen man en schoonfamilie, en mogen nooit naar buiten.
De problematiek van deze 'verborgen vrouwen' is eindelijk in kaart gebracht, in opdracht van de Amsterdamse gemeenteraad. En de cijfers liegen er niet om. Wie na dit rapport nog meent dat het gaat om een enkel geval, of om een louter hoofdstedelijk verschijnsel, vindt in het rapport van het Verwey-Jonker Instituut het bewijs dat opsluiting niet zomaar een incident is, maar een probleem dat om urgente, landelijke aandacht schreeuwt.
Het is de verdienste van twee partijen dat er nu meer duidelijk is over de omvang van het probleem. Beide kunnen niet genoeg geprezen worden om de inzet die zij ook de afgelopen jaren al hebben getoond om opgesloten vrouwen te hulp te komen. De eerste is de Amsterdamse gemeenteraad, die al concrete maatregelen voorstelde om hulpverleners als huisartsen en vroedvrouwen alerter te laten zijn, zelfs als een vrouw 'vrijwillig' lijkt binnen te blijven.
De tweede is nog belangrijker geweest: zonder de persoonlijke inzet van voormalig slachtoffer Fayza Oum'Hamed zou het hele onderwerp van de opgesloten vrouwen waarschijnlijk nooit de aandacht hebben gekregen die het verdient. Als zestienjarige importbruid werd Fayza Oum'Hamed door haar Marokkaanse man en schoonfamilie opgesloten in huis, waar de regel gold dat een vrouw slechts twee keer in haar leven het huis verlaat: als ze trouwt en als ze sterft. Oum'Hamed werd mishandeld, mocht geen Nederlands leren, sprong in wanhoop van het balkon en schreef daarover een boek. Nu strijdt zij in de Marokkaanse gemeenschap en elders voor bewustwording en betere hulpverlening.
Wat dat betreft is er een interessante overeenkomst met een andere kwestie, van vrouwen die gevangen zitten in een islamitisch huwelijk dat hun man niet wil ontbinden. Ook daar heeft een voormalig slachtoffer, Shirin Musa, persoonlijk het voortouw genomen in de strijd in eigen kring, en krijgt daarvoor brede politieke steun.
Dit soort nieuwe allianties zijn veelbelovend, omdat ze van binnenuit komen. Ze zijn ook een teken dat de politiek allang niet meer wegkijkt van gevoelige kwesties in migrantengemeenschappen. Vervolgens moeten wel resultaten worden geboekt. Niet alleen in Amsterdam, maar door in heel Nederland in actie te komen voor dit probleem.
Plaats een reactie!
Deel jouw mening met de andere bezoekers
Commentaar
Lees het volledige dossier »
Verwant nieuws
Meer over
volg trouw.nl
trouw.nl op mobiel
trouw de verdieping
Service
Contact
© 2013 - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.