Iris Pronk −
23/06/11, 13:16
Samen met zeven andere ouders volgde Trouw-redacteur Iris Pronk de opvoedcursus Triple P, oftewel het positief pedagogische programma. Dat is populair van Medemblik tot Enschede. Hoe komt dat? Wat steek je ervan op?
De telefoon gaat, de deurbel ook. Mijn jongste dochter gilt dat ze moet poepen. De oudste gooit een beker limonade over haar tekening en valt vervolgens van haar stoel. Dit alles gebeurt tegelijkertijd. Daarna ruziën de zusjes om een glitterstift. In de keuken brandt de rijst aan.
Zo dobber ik voort op een stroom van incidentjes. Daaronder, in de diepte, liggen heldere opvoedprincipes: kinderen moet je koesteren, stimuleren, ruimte bieden, begrenzen en consequent op regels wijzen. Maar - wacht even schat, niet aan mijn been hangen, geef die stift terug aan je zusje - hoe breng je die in de praktijk?
Met die vraag betreed ik op een donderdagochtend buurthuis De Meeuw in Amsterdam-Noord. Daar begint een opvoedcursus, volgens een Australische methode die in rap tempo het land verovert: Triple P, oftewel het 'positief pedagogische programma'. Eind dit jaar moet deze methode zijn ingevoerd in 150 Nederlandse gemeenten, zo meldt het Nederlands Jeugdinstituut. Tot nog toe werden al zo'n 6500 crècheleidsters, jeugdhulpverleners en opvoedkundigen getraind in het programma.
Dat dankt zijn populariteit vooral aan de praktische inslag van de bedenker, klinisch psycholoog Matthew R. Sanders. Hij reikt ouders zeventien vaardigheden aan, die makkelijk op één A4'tje passen. Prijs je kind gericht, geef heldere instructies, laat 'm stil zitten op een stoeltje als hij niet naar je luistert. Zo, gedemonteerd in kleine stukjes, lijkt 'opvoeden' een overzichtelijke taak. Triple P heeft de eenvoud van een Ikea-handleiding, en dat is niet denigrerend bedoeld.
Maar op die eerste donderdagochtend in buurthuis De Meeuw weten wij nog van niks. Wij, dat zijn zeven moeders, één opa en een oma. De helft van de moeders draagt een hoofddoek, twee anderen zijn alleenstaand, de moedertalen zijn Arabisch, Spaans en Nederlands. Allemaal hebben we jonge kinderen, die krijsen in de supermarkt, de muur met vingerverf bekladden en zelden luisteren naar ons, hun ouders.
Waarom zijn jullie hier, vragen cursusleidsters Marjan den Hollander van Punt-p Preventie en Touria Belkhyatte van Combiwel. Wat willen jullie leren? Op een flip-over schrijven ze antwoorden, waarachter heel verschillende werelden schuilgaan.
Zo zijn er Marokkaanse moeders, die zien hoe pubers in hun buurt ontsporen, tot het politiebureau aan toe. Voor dat carrièrepad willen ze hun eigen kinderen behoeden, dat is hun inzet bij de cursus.
Een ambitieuze tijgermoeder - laat ik haar Dominique noemen - wil zich graag verzoenen met haar jongste dochter. Die lijkt, anders dan haar succesvolle oudste, niet verder te komen dan het vmbo. "Ik wil leren haar te accepteren en niet steeds zo negatief te benaderen", zegt Dominique. Want het meisje, dat ziet ze óók, is wel heel erg lief.
Frans en Irma Groeneveld hebben weer een andere uitdaging: zij zorgen voltijds voor hun drie kleinkinderen. Dat is voor Frans - van nature een goedmoedige verwenopa - soms best een opgave. "Ze zeggen: oma is de baas", vertelt Irma. Zij trekt de grenzen, bij opa peutert het trio de clandestiene ijsjes los.
Dan is er nog Thalitha - een pseudoniem - moeder van vijf kinderen. "Bij papa zijn ze poeslief", vertelt ze. Maar papa zit in de bak, en dat levert haar dit vraagstuk op: "Mijn jongste vroeg waarom de politie papa kwam halen. Toen dacht ik: wat zal ik zeggen? Dat hij stoute dingen heeft gedaan?"
Ik sluit de rij, als werkende moeder. Ik ben pedagogisch geschoold maar geen geboren opvoeder. In de slipstream van poepbroeken en kinderconflictjes raak ik nogal eens het zicht kwijt op mijn ideaal: een duidelijke, liefst tikje strenge moeder zijn.
Op al die verschillende levens laten de cursusleidsters hun opvoedmethode los, compleet met werkboek en instructievideo. Dat doet Belkhyatte, Marokkaanse van origine, deels in het Arabisch. Daarmee ondervangt ze alvast één van de bezwaren tegen de Triple P-aanpak, die praktisch maar ook talig is, en daardoor vooral geschikt zou zijn voor hoogopgeleide en goed Nederlands sprekende ouders.
Stap voor stap, in zeven bijeenkomsten, ontsluieren ze de geheimen van het 'positief opvoeden'. Dat doe je onder meer door een kind aandacht te geven, óók als je met pannen reddert in de keuken. "Geregeld twee minuutjes aandacht, dat werkt beter dan eens per dag een half uur", vertellen de leidsters. Tussendoor toch even die tekening bekijken, zo nemen we ons dus voor.
Belangrijk is ook om het positieve gedrag van kinderen te benoemen, in plaats van in te zoomen op hun geklier. Tot dat laatste zijn we meer geneigd, zo illustreert Den Hollander met drie sommen op het bord:
1 + 1 = 2
4 - 1 = 1
5 - 1 = 4
"Wat valt jullie op? Dat de middelste fout is? Je zou ook kunnen zeggen: de twee andere zijn goed." Het is slechts één van de aha-momentjes die ik tijdens deze cursus beleef. Schat, wat knap dat je zelf je schoenen hebt aangedaan, probeer ik nu te zeggen. En wat houd je je mond mooi open, zo kan ik er met de tandenborstel goed bij.
Zo surfen we van moment naar moment, van driftbui naar tandenpoetsaffaire. Triple P biedt géén grootse vergezichten, geen glanzende theorieën, geen ethische richtlijnen, waarmee we onze kinderen burgerzin of tolerantie kunnen bijbrengen. Wel iets anders, zo ervaren we in het buurthuis: meer inzicht in ons eigen gedrag. En een kist met gereedschap, voor dagelijks onderhoud.
Daaruit put ik nu geregeld: 'het stoeltje' (voor kinderen die niet luisteren) is bij mijn dochters al een begrip. Bij de oudste zet ik de 'gedragskaart' in: voor elke met bestek genuttigde maaltijd krijgt ze een sticker, drie keer scoren is een snoepje.
Het ideaal van de strenge moeder heb ik nog niet bereikt, blijkt uit de individuele test waarmee de cursus besluit. Ik blijk bovengemiddeld toegeeflijk, maar trek al wel strakker aan de teugels dan eerst. Nu doorzetten, neem ik me voor. Niet verslappen.
Triple P, de nieuwe opvoedhypeMijn kind slaapt 's nachts niet door, wat nu? 'Gewoon laten huilen', zegt de consultatiebureau-arts. 'Neem 'm bij je in bed', aldus de crècheleidster. Professionals geven nogal eens tegenstrijdige adviezen; verwarrend voor ouders. De oplossing: train ze allemaal in dezelfde opvoedmethode, dan spreken ze voortaan met één mond.
Voor inmiddels 130 Nederlandse gemeentes was dat één van de redenen om de methode Triple P of 'positief opvoeden' in te voeren, zo vertelt Jacqueline van Rijn van het Nederlands Jeugdinstituut. Maar er zijn meer verklaringen voor deze opvoedhype: de methode is praktisch, uitgebreid getest en 'inhoudelijk sterk'.
Nu duizenden professionals Triple P in de vingers hebben, volgen ook de ouders. Veel crèches organiseren voor hen al Triple P-avondjes. En in Twente, Den Bosch, Eindhoven, Weert en Amsterdam kunnen ouders een uitgebreide opvoedcursus volgen van zes tot acht bijeenkomsten. Meer informatie op:
www.positiefopvoeden.nl.