*

 

De tandarts gaat de markt op

Jeroen den Blijker − 20/05/11, 21:38
De microscoop (met beeldscherm) heeft zijn intrede gedaan in de tandartspraktijk. Rob Barnasconi, voorzitter van de NMT, kijkt goedkeurend toe. Foto Werry Crone

De tandarts staat te popelen om de ketenen af te gooien. Weg met de door de overheid gecontroleerde prijzen en tot op de millimeter voorgeschreven verrichtingen. Leve de vrije markt. Maar kan de consument dat wel aan?

Ook zo'n moeite met de tandartsrekening? Code zus, code zo. Eigenlijk is alleen de prijs begrijpelijk. En die is vaak hoog. Maar volgens Rob Barnasconi, tandarts te Beverwijk, wordt het allemaal beter. "De patiënt krijgt eindelijk iets te kiezen", zegt hij.

Barnasconi is voorzitter van de Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Tandheelkunde (NMT), zeg maar de belangenvereniging van tandartsen, kaakchirurgen en orthodontisten. En hij is een groot voorstander van een vijfjarig experiment met vrije prijzen in zijn sector, een besluit dat minister Schippers naar verwachting volgende maand zal nemen. Over de behandeling en prijs van de beugel, kroon en vulling kan dan met ingang van 1 januari 2012 worden onderhandeld. Concurrentie dus in de mondzorg. Per saldo zal dat betere zorg tegen een betere prijs opleveren, aldus de Haagse mantra.

Barnasconi denkt er precies zo over. Natuurlijk is Nederland gezegend met uitstekende mondzorg, benadrukt hij meermalen. "We horen tot de top van de wereld." Maar het kan nóg beter, zegt hij. Wat tandarts, orthodontist of mondhygiënist in uw mond uitspoken, is namelijk precies door de overheid omschreven in allerlei procedures en verrichtingencodes - en alleen die mogen ze declareren. "Preventie is zo belangrijk. Maar als ik een halfuurtje uittrek voor een gesprek over de keerzijde van roken of over een juist voedingspatroon, dan kan ik dat nergens declareren. Hetzelfde geldt voor innovatieve technieken. Een operatiemicroscoop mag ik alleen gebruiken en declareren bij een wortelkanaalbehandeling. Terwijl zo'n apparaat ook het zicht verbetert bij allerlei andere ingrepen."

En wat te denken van dat gehap in pasta, voor het aanmeten van een kroon? "Tegenwoordig heb je een 3D-scanner. Die maakt zo'n lepel met pasta overbodig. Alleen: ik bega een economisch delict als ik zo'n scan in rekening breng. Zo strikt zijn de regels hier in Nederland." Belachelijk, vindt Barnasconi. Tachtig procent van de mondzorg wordt door de klant zelf betaald. "Mag er dan ook wat te kiezen zijn?"

Wil de kritische consument echt wat te zeggen hebben, dan moet er wel het een en ander veranderen in de mondzorg, constateerde de Nederlandse Zorgautoriteit (NZA) al in het rapport 'Bekostingsstructuur mondzorg' uit maart 2009. De markt moet transparant worden, er moet informatie komen over prijs en kwaliteit, van behandelaar en behandeling. En alles natuurlijk in begrijpelijke taal, spoort de NZA de beroepsgroep aan.

De sector heeft die boodschap begrepen, zegt Barnasconi. Inmiddels zijn de eerste stappen naar transparantie gezet. Hij verwijst naar de website allesoverhetgebit.nl, waarop informatie is terug te vinden over behandelingen, vergoedingen en rolverdeling binnen de mondzorg. Wat is bijvoorbeeld het verschil tussen een brug en een kroon? En wat doet de tandarts, endodontoloog (wortelkanaaldeskundige) of de paradontoloog (implantatiedeskundige)? "Verder krijgt iedere praktijk een tarievenkaart. In de wachtkamer, maar ook op de site. Daarop staat precies wat u moet betalen voor een kroon. Vindt u de prijs bij ene kliniek te hoog, dan kunt u via internet altijd nog op zoek naar een andere tandarts." Voor iedere behandeling duurder dan honderdvijftig euro, moet de consument vooraf worden geïnformeerd. De NZA zal zo ruim honderd 'prestaties' vaststellen, waarvan iedere praktijk de prijs op haar website moet vermelden. En niks rekeningen met vage codes of afkortingen, gewoon in begrijpelijk Nederlands, onderstreept Barnasconi.

Daarnaast wordt hard gewerkt aan kwaliteit, verzekert hij. Weliswaar is nog niet de helft van de praktizerende tandartsen aangesloten bij het Kwaliteitsregister Tandartsen (KRT), dat toeziet op nascholing, literatuurstudie en het bestaan van een klachtenregeling, maar volgens Barnasconi is dat aantal nog steeds groeiende. Verder wordt in overleg met Zorgverzekeraars Nederland, de Nederlands Patiënten Consumentenfederatie (NPCF), Consumentenbond en VWS hard gewerkt aan een lijst van achttien kwaliteitsindicatoren.

"Dat zijn gegevens die er voor patiënten toe doen. Die lijst moet antwoord bieden op vragen als: hoe is de naleving van de hygiënerichtlijn? Hoe lang gaan vullingen mee die de tandarts maakt? Maar ook: hoe vaak worden er röntgenfoto's gemaakt?" Per saldo gaat het dus de goede kant op, vindt Barnasconi. "We zijn er op 1 januari 2012 klaar voor."

Daar denkt de Consumentbond heel anders over. De bond vindt dat het vrije-prijzenfestival echt niet kan doorgaan per 1 januari aanstaande, zo heeft hij de minister laten weten. "Uitstel is nodig. Want kiezen op kwaliteit is nog steeds onmogelijk", vat een woordvoerdster de bezwaren samen. Er is meer tijd nodig voor overleg over de kwaliteitscriteria en hoe deze handen en voeten moeten krijgen. De bond vreest verder dat weinig tandartsen en orthodontisten hun prijzen zullen verlagen, omdat hun aantal nu eenmaal beperkt is. Ze hebben dus een stevige marktpositie. Aan fors tegenspel, bijvoorbeeld van zorgverzekeraars, ontbreekt het ook nu al. Waarom zou een systeem van vrije prijzen dat opeens veranderen, redeneert de bond. Per saldo staat de consument er dus alleen voor.

Juist daarom vindt de NMT-voorzitter het zo goed dat minister Schippers waarschijnlijk besluit tot een experiment van vijf jaar, zoals de NMA ook voorstelde in 2009. "Iedereen heeft daar baat bij", zegt hij. Mochten bijvoorbeeld de prijzen flink stijgen, zoals critici vrezen, dan kan het oude regime alsnog worden hersteld. Zelf is hij niet bang voor zo'n prijsexplosie. Prijsstijging is vooral een symptoom van aanbodschaarste. En daarvan is geen sprake. "In het Amsterdamse IJburg heb je zelfs om de zestig meter een tandarts. Daar is een overaanbod. Wel is er rond Enschede een gebrek aan tandartsen. Dat gaan we dus oplossen." Het Capaciteitsorgaan - dat de minister adviseert over opleidingsplaatsen - ziet in ieder geval geen redenen om opeens veel meer mondzorgspecialisten op te leiden.

Ook de relatie patiënt-tandarts maakt een forse prijsstijging onwaarschijnlijk, denkt de NMT-voorzitter. "Tandartsen hebben een vertrouwensrelatie met patiënten. Zij zijn de enige beroepsgroep in de zorg die hun patiënten tenminste eens per jaar zien. Dat is uniek. Die relatie ga je toch niet op de proef stellen? Patiënten moeten bovendien vooraf worden geïnformeerd. Als ik nu voor een kroon vijfhonderd euro reken en volgend jaar zevenhonderd, dan heb ik dus wel wat uit te leggen. Zint het de patiënt niet, dan kan hij gewoon naar een andere praktijk gaan."
mailIcon print | |

Plaats een reactie!

Deel jouw mening met de andere bezoekers

Aan het laden ...
<spring:message code='commonMessages.loading' />