Voor het eerst is in Nederland iemand overleden aan een gemuteerde variant van de Mexicaanse griep. De mutatie maakt het virus resistent tegen de virusremmer Tamiflu. Dat heeft het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) vandaag bekendgemaakt. De man is zondag in het Universitair Medisch Centrum Groningen overleden.
Al eerder had het RIVM bij drie patiënten resistentie tegen Tamiflu geconstateerd. De Groningse patiënt zat daar ook bij. Hij had al een ernstige onderliggende ziekte toen hij besmet raakte met het H1N1-virus. Hij werd vervolgens langdurig met Tamiflu behandeld, maar gaandeweg ontwikkelde de ziekteverwekker resistentie.
Wereldwijd is al tientallen keren zulke resistentie opgetreden bij patiënten met Mexicaanse griep. Zorgwekkend is dat niet, aldus het RIVM. Het probleem blijft namelijk steeds beperkt tot geïsoleerde gevallen; de patiënten hebben het gemuteerde virus tot nu toe niet verder verspreid, ook niet in Groningen.
Voor verder gezonde mensen is de mutatie sowieso ongevaarlijk. Als zij Mexicaanse griep krijgen, worden ze toch al niet met Tamiflu behandeld, dus ze hebben ook geen last van de resistentie. Het virus zelf wordt er niet besmettelijker of dodelijker door. Het is eerder omgekeerd: als een virus genetisch ’investeert’ in resistentie tegen een medicijn, gaat dat vaak ten koste van zijn ziekmakende vermogen. Het virus wordt dan dus slapper.
De mutatie heeft niets met het vaccin te maken. Van de buitenkant is het virus namelijk niet veranderd, en dat is het enige wat telt voor de afweer. Wie is ingeënt tegen de Mexicaanse griep, is dus ook beschermd tegen de resistente variant, mocht die ooit gaan circuleren.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.