*

 

Henk Hofland ’Leest allen Céline’

Joost van Velzen − 07/11/09, 00:00

Henk Hofland (1927), journalist en auteur.

  • Henk Hofland

Hoeveel boeken heeft u?

„Geen flauw idee. In mijn tamelijk kleine werkkamertje staan twee kasten vol boeken haaks op elkaar. Op de bovenste planken staan de beste boeken. Daaronder staan de ongeveer veertig titels die ik zelf heb geschreven en daar weer onder de boeken waarvan ik de inleiding mocht schrijven.”

Heeft u alles gelezen?

„Ja, ik denk het wel. En ik ga nu beginnen met ’Wired for war: The Robotics Revolution and Conflict in the 21st Century’, het laatste boek van P.W. Singer, waarin hij uitzoekt wat er gebeurt als robots en science fiction de boel overnemen op het slagveld.”

Wat voor soort boeken komen uw kast niet in?

„Ik sluit geen boeken uit. Zolang ze maar goed geschreven zijn. Dat is het voornaamste criterium. Of als ze mooi uitgevoerd zijn, zoals ’The architecture of war’ van Keith Mallory en Arvid Ottar. Daar staan zowel mooie foto’s als mooie omschrijvingen in van oorlogsbouwwerken.”

Koopt u uw boeken of krijgt u ze?

„Vanmiddag was ik even langs bij boekhandel en uitgeverij Lubberhuizen en daar kreeg ik nog een boekje. ’Literaire ontmoetingen’ van Hans Keller, een verzameling van de schrijversportretten, die de Avro in de jaren zestig op tv uitzond.”

Wat zijn uw favorieten?

„’Haat is een deugd’ van Flaubert, ’Die Geüchteten’ van Ernst von Salomon, ’Der Einzige und sein Eigentum’ van Max Stirner, ’Reis naar het einde van de nacht’ van Céline - een vertaling van E.Y. Kummer - en ik moet toch ook ’Opperlans!’ van Hugo Brandt Corstius even noemen. Fantastisch boek.”

Welk boek moet iedereen gelezen hebben?

’Reis naar het einde van de nacht’ van Céline. Uiterst leerzaam.”

Waarom?

„Door zijn filosofie en vanwege de mooie stijl. Céline noemde dat zelf zijn muziekje. En het is gewoon een ’alles-boek’. Céline bewonder ik omdat hij zich door niemand iets wijs liet maken.”

Kijkt u in andermans boekenkast?

„Dat doe ik tersluiks. Vreemd genoeg hebben mensen vaak een zekere gêne voor hun boekenverzameling.”

We kunnen nog één titel kwijt

„Dan noem ik u ’De huid’ van Malaparte.”

mailIcon print |