*

 

De dag van de knal kende geen gisteren

Joep Engels − 18/04/09, 00:00

In amper tweehonderd bladzijden proberen de Duitsers Lesch en Zaun de lezer door de geschiedenis van het leven te loodsen. Daar slagen ze aardig in, al duizelt het soms van de hoeveelheid informatie: tijd voor een plaatje.

  • Een ontploffende ster, zoals hier afgebeeld, ging vooraf aan het ontstaan van het zonnestelsel. (Trouw)
  • Een ontploffende ster, zoals hier afgebeeld, ging vooraf aan het ontstaan van het zonnestelsel. (Trouw)

In het begin was er niets. En toen... Tja, en toen hield ons begrip al op. Ons brein kan uiteindelijk niets anders dan naar oorzaken vragen en daaruit volgt maar één conclusie: uit het Niets kan niets ontstaan. Dus hoe is dit universum ooit van de grond gekomen?Religies ontworstelen zich aan dit vraagstuk door te geloven in iets dat er altijd al was, maar de wetenschap staat zichzelf niet toe iemand te postuleren die de Oerknal liet afgaan. Toch bedient ze zich van een vergelijkbare ontsnappingstruc, schrijven Harald Lesch en Harald Zaun in ’De kortste geschiedenis van ons leven’. In navolging van de Griekse filosofen die hadden bedacht dat de natuur één moest zijn, zegt de moderne natuurkunde dat het zinloos is om van een tijd vóór de Oerknal te spreken. De dag van de knal kende geen gisteren.De twee Haralds draaien nog een tijdje om deze filosofische brij heen, maar dan kan hun reis door de geschiedenis toch beginnen. En na deze eerste preciezigheid laten de hoogleraar astrofysica en de wetenschapsjournalist de teugels vieren en doen ze alle moeite om de lezer bij de les –of moet je zeggen: bij de tijd– te houden. Een fascinerende reis, al was het maar omdat zelden zo compact is beschreven wat er heeft moeten gebeuren sinds dat allereerste begin voordat u dit stukje kon lezen.Gemakkelijk is het allemaal niet. Hoezeer de schrijvers ook hun best doen om de wetenschap te vereenvoudigen, ze hebben natuurlijk wel geprobeerd de complete academische bibliotheek in tweehonderd pagina’s samen te vatten. Van kosmologie en geologie tot paleontologie en genetica. Er is geen wetenschapper, laat staan een lezer, die op al die terreinen thuis is.Zo valt er voor iedereen wat te leren. Wist u bijvoorbeeld dat het in de oerdagen van de aarde veertigduizend jaar onafgebroken heeft geregend? Het plensde: dagelijks kletterde er ongeveer drieduizend liter water per vierkante meter. „Zelfs Noachs Ark zou geen kans hebben gehad”, knipogen de schrijvers.Eerlijk gezegd: wij wisten dit niet. Navraag leert dat menig geoloog ook onbekend is met deze ’wetenschappelijk bewezen’ zondvloed. Kennelijk moeten we het adagium van de schrijvers dat ze ’hun’ versie van de geschiedenis weergeven zonder al te veel ’mitsen en maren’ nogal letterlijk nemen.Soms duizelt het je als lezer van de hoeveelheid informatie en dat beseffen de twee maar al te goed. „Hiermee zijn we voorlopig aan het eind van onze denkmogelijkheden”, schrijven ze dan. „Nu rusten we uit. Misschien moest u gewoon maar eens uw lievelingsmuziek in de cd-speler stoppen.” Waarna ze de nieuwe paragraaf beginnen met een olijk „Bent u er weer?”Een grappig trucje, dat de schrijvers echter iets te vaak inzetten. Op een gegeven moment begrijp je ook zelf wel dat het verstandig is een pauze in te lassen. Het is maar een klein minpuntje en het verstoort, evenmin als de enkele onjuistheden, niet de algehele indruk van het boek: een handzaam en goed leesbaar verslag van de geschiedenis van het leven.Een verslag dat sommigen vermoedelijk zal doen verlangen naar meer en anderen in elk geval laat beseffen hoe ’gelukkig’ ons lot is geweest dat wij het tot hier hebben weten te brengen. De vorming van de wereld en van ons heeft aan biljarden zijden draden gehangen. De vereiste beginvoorwaarden voor een universum zoals wij dat kennen, vormen slechts één van de vele mogelijkheden –10 tot de macht 10.120, om precies te zijn: een 1 met 10.120 nullen.Ook daar kunnen we met ons verstand niet bij. De een ziet er het bewijs in van een doelgericht plan, de ander haalt er zijn schouders over op: als wij er niet waren geweest, had niemand zich aan deze ’misser’ van de kosmos kunnen ergeren. Maar dat is de twee Haralds te simpel, dat lijkt hun te veel op de vreugde van een overlevende na een spelletje Russisch roulette.

mailIcon print |