*

 

Wat voert hij uit met die leerling?

Jann Ruyters − 11/04/09, 00:00

Koubaa’s vorige romans waren volgens critici niet meeslepend genoeg. Dat gaat niet op voor ’De leraar’: een wurgend spannend boek over een ernstig gefrustreerde leraar.

Leraren genoeg in de Nederlandse literatuur, alleen niet veel gelukkige. De nieuwste leraar duikt op in de vierde roman van de Vlaamse schrijver Bart Koubaa (pseudoniem voor Bart van den Bossche). De titel ’De Leraar’ suggereert een archetype, net als trouwens de foto op de cover. Het gezicht van een oude grijze man met kleine stoppelbaard bedekt de hele pagina, zijn lege ogen staren je aan. Als dit een leraar is, dan is het een angstaanjagend illusieloos exemplaar, een die dringend aan zijn pensioen toe is. Maar het is geen leraar, zo ontdekte ik op internet, het is Albert Fish, de Amerikaanse seriemoordenaar die in 1936 werd geëxecuteerd.

Zie het als een waarschuwing, deze foto. Net als trouwens het plaatje van auteur Bart Koubaa zelf op de achterflap. De schrijver blikt duivels glimlachend de camera in. Had ik je daar mooi te pakken, zegt die foto. En inderdaad, daar zit je dan als lezer, na afloop. Murw alsof je er zelf een leven van vergeefs docentschap op hebt zitten.

Bart Koubaa werd bij zijn vorige romans geprezen om zijn ingenieuze constructies, heldere denkkracht en betrokkenheid – het kon alleen allemaal wel wat sappiger en meeslepender. Daar heeft hij aan gewerkt.

In ’De Leraar’ geeft hij het woord aan een leraar Nederlands op een Vlaamse beroepsschool met de opdracht van zijn leerlingen voor ’tachtig procent een Nederlandssprekende automecanicien te maken en voor twintig procent mens’. De Kraai, zoals zijn bijnaam luidt, laat zich kennen als de typische leraar op leeftijd, een die vindt dat vroeger beter was (’meer kraaien, minder mensen, minder meningen’) en die nu weinig meer van zichzelf verwacht. Van zijn leerlingen en collega’s verwacht hij nog minder. De eersten spreken amper Nederlands (’zij die wel in het Nederlands zijn grootgebracht, spreken een ander Nederlands dan ik hun moet aanleren’) en de collega’s zijn meer met aanwezigheidslijsten dan met het onderwijs in de weer (’leerlingenaantallen zijn voor een school als kijkcijfers voor een televisiezender’).

Wat zo begint als een welsprekende maar ook vertrouwd incorrecte moppertirade, wordt via speldenprikjes die je eerst niet helemaal kunt plaatsen steeds onheilspellender. Op bladzijde twee is er al sprake van een voorval waar op school ’in alle talen over gezwegen wordt’ maar waar De Kraai zelf dagelijks mee wordt geconfronteerd: „de blikken in de lerarenkamer, een overvliegende straaljager, motregen of de geur van basketbal kunnen het oproepen.”

Geven deze woorden al blijk van een wat obsessieve natuur, ook andere schijnbaar losse flodders suggereren dat deze verteller zo zijn eigen werkelijkheid bewoont. De Kraai drinkt meer dan goed voor hem is, de dood van zijn dement geworden moeder laat hem uit het lood geslagen achter, en na ’het voorval’ schijnt hij een speciale leerling onder zijn hoede te hebben genomen, om – zo zegt hij zelf – in ieder geval een mens te redden voor de wereld. Alleen, wat doet hij eigenlijk met die leerling? En waar doet hij dat? En waarom sneeuwt het steeds? En wat zoekt hij de hele tijd in dat bos?

Onderhuids, nooit hardop, sluipen Dutroux en Vlaams Belang de tekst binnen. Wel hardop, diverse malen zelfs, verwijst de leraar naar de film ’Rashomon’ van Kurosawa, een film over een verkrachting, een film waarin getoond wordt dat dé waarheid niet bestaat, alleen verschillende versies van een gebeurtenis. „De natuur daarentegen zegt dat alle leven één is, en dat is de enige onomstotelijke waarheid die in dit universum geldt”, vindt De Kraai. Op bladzijde 52 is dat nog niet meer dan een gedachte waar je alle kanten mee op kunt, zoals dit boek vol staat met prikkelende zinnen die pas later veelbetekenend blijken.

Tot en met het einde laat de auteur je aan het gissen wat er nu gebeurd is, of het wel echt gebeurd is, waarom het gebeurd is, en wat het betekent dat het gebeurd is. Heel knap laat hij het voorstelbare overgaan in dat wat we niet meer kunnen begrijpen, maar evengoed heeft plaats gevonden. Als niet in deze roman, dan wel in het echt. Het maakt van ’De Leraar’ een wurgend, verontrustend boek, een uitdagende reflectie op onze werkelijkheid, een die je niet meer loslaat.

mailIcon print | |
<spring:message code='commonMessages.loading' />