*

 

’Vertrekpunt is de stem’

Anthony Fiumara − 19/03/09, 00:00

’Ik hoorde Christianne Stotijn voor het eerst in de Rückert-liederen van Mahler bij het Koninklijk Concertgebouworkest (KCO). Dat was een ongelooflijke ervaring. Ik viel meteen voor haar muzikantschap en haar podiumuitstraling. Ze beleefde de tekst van binnenuit en bracht die ervaring één op één naar het publiek over. Met theatraliteit, zeggingskracht en integriteit: ik geloofde wie ze op dat moment was en uitdrukte. Je moet een zanger kunnen geloven, dat is belangrijk. Als Christianne zingt, opent zich een raam waardoor het publiek naar binnen gezogen wordt.'

  • (Trouw)

„De opdracht voor een liederencyclus voor het KCO had ik toen al. En ineens viel alles op zijn plek. Ik hoorde Christianne daarna nog barokmuziek zingen, met een heel ander geluid. Toen ik dat hoorde, wist ik helemaal dat haar stem paste bij wat ik wilde componeren. Ze kan een caleidoscoop aan kleuren maken met haar stem: van zachte en kaarsrechte tonen tot dramatische. Tijdens de repetities spelen we met al deze kleuren. We gebruiken ze om met de tekst en de muziek mee te gaan – of om er juist contrasten mee te maken.

„’Spaces of Blank’ is anders geworden dan mijn andere stukken. Maar dat zeggen componisten altijd en dan hoor je toch ’een typische Van der Aa’. Voor mijn eigen gevoel is het een werk geworden dat vrij direct aanspreekt. Ik heb de stem veel ruimte gegeven en klein geïnstrumenteerde delen afgewisseld met grote tutti-gebaren.

„De teksten zijn steeds het uitgangspunt geweest. Christianne en ik hielden allebei van Emily Dickinson en Anne Carson. Rozalie Hirs schreef voor ’Spaces of Blank’ gedichten die de lijm tussen de twee andere schrijvers zijn geworden. Een mooie drietrapsraket van generaties. De gedichten uiten zich in analogieën. Ze beschrijven reizen door ruimtes die staan voor ’Angst’ in de Duits-Romantische zin van het woord: ’anxiety’ in het Engels. Dat is een groot en ondefinieerbaar gevoel, dat voor iedereen een andere invulling heeft. En dat door de drie dichteressen ook heel verschillend wordt behandeld.

„Van dat dwalen door die ruimtes heb ik een akoestische vertaling gemaakt. Er zijn momenten in de muziek die claustrofobisch klein zijn, tegenover momenten waarop je je in een weidse ruimte begeeft. Daar schakel ik tussen heen en weer, soms met een plotselinge klik.

„De elektronische samples die ik in ’Spaces of Blank’ gebruik, zijn gebaseerd op klanken uit het orkest. Ik plaats die klanken in steeds andere akoestische ruimtes; ik sla er soms gaten in en laat Christianne dan in een akoestisch vacuüm zingen. Misschien dat het publiek die ruimtes niet bewust mee krijgt, maar onbewust ga je die wel ervaren. Verder gebruik ik de elektronica zoals ik vaker doe: als intern alter ego van het orkest, als contrast of als verlenging van de klank. Christiannes stem wordt niet elektronisch bewerkt, maar de zang beweegt zich continu rond de elektronica. Op een gegeven moment is ze zelfs alleen met de elektronische klanken.

„Mijn vorige orkestwerk ’Second Self’ is vrij conceptueel en streng. ’Spaces of Blank’ neemt daarentegen de tekst en de stem als vertrekpunt. Het orkest gaat als het ware mee op reis met de soliste. Ik ga dramatische gebaren en mooie melodieën niet uit de weg, maar er komen ook passages in voor waarin de muziek lekker weerbarstig is.”

mailIcon print |