De zaaltjes van het clubcircuit, bloedheet, volgepakt, te klein of rumoerig, ze voldeden prima voor de versterkte muziek van Johan. Totdat de band rond zanger-gitarist Jacco de Greeuw bij een akoestisch optreden op festival Oerol in 2006 ontdekte hoe fijn het eigenlijk is om ’voor zittende en luisterende mensen te spelen’.
Dat soort mensen vind je in het theater en dus is Johan daar de komende maanden te vinden, met een programma dat je een carrièreoverzicht kunt noemen. Een bezinnend ’waar waren we gebleven’, in de aanloop naar het vierde album ’4’, dat op de vierde van de vierde verschijnt.
Vijf muzikanten onder vijf hanglampen, zo eenvoudig is het toneelbeeld, met verder een gitaar spelende tuinkabouter die herinnert aan de talloze kabouters die te pletter sloegen op de straatstenen in de videoclip bij de single ’Tumble and Fall’. De mascotte is even nieuwbouwwijk-Hollands als het straatnaambordjesblauw dat de huiskleur van de band is sinds de cd ’Pergola’ (2001) werd vernoemd naar die straat in Hoorn, de stad waar De Greeuw veelal ongelukkig was, wat weer prachtige muziek opleverde.
Bij het begin beginnend verwijst openingsnummer ’Visions of Johanna’ naar de vroege jaren negentig, toen die songtitel van Bob Dylan nog de bandnaam was. Vanaf 1996 werd de wereld korter en krachtiger tegemoet getreden als Johan, en met succes. Het verfrissende gitaargeluid van de debuut-cd verraste zelfs de Amerikaanse muziekjournalistiek. In de nu verschenen cd-box ’12.5 years, 3 albums, 36 songs’ schrijft Bradley Bambarger hoe hij als journalist voor het Amerikaanse tijdschrift Billboard verliefd raakte op de ’begeesterde melodieën’ en gevoelsrijke teksten van De Greeuw, die hij als songschrijver vergelijkt met Ray Davies en Neil Finn. Complimenten genoeg en Johan had kunnen heersen, als ze maar niet tussentijds zo lang onderdoken. Als de duikboot eindelijk bovenkwam, zorgde dat wel steevast voor flinke deining, zoals ook bij ’THX JHN’ (2006).
Dat het in het theater best even duurt voordat de stemming erin zit, komt doordat de nummers in blokjes worden opgediend, waardoor regelmatig applaus niet gepast lijkt. Het is lekker om de nuances in De Greeuws stem beter te kunnen horen, gitarist Maarten Kooijman doet leuke dingen op een harmonium en het nieuwe bandlid Matthijs van Duijvenbode strooit met aangename extraatjes op toetsen. Maar al met al blijft Johan keurig binnen de lijntjes en bij gebrek aan echte verrassing zie je even lief uit naar het volgende broeierige clubconcert.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.