De verstilde familieportretten van de Duitse fotograaf Thomas Struth benemen je haast je adem als je ernaar lijkt. De verhoudingen tussen de gezinsleden komen tot leven door zijn oog voor detail.
Waarom zou je gaan kijken naar portretten van onbekende families? Een goede vraag, maar niet als het gaat om familiefoto’s die Thomas Struth (1954) maakt. Sinds een jaar of dertig doet hij dat af en toe. En dan vrijwel alleen van zakenrelaties of vrienden die hij goed kent.
In de Pont, museum voor hedendaagse kunst te Tilburg, hangt een ruime selectie. In de grote witte ruimte komen de foto’s fantastisch tot hun recht. Ze zijn enorm uitvergroot, en dat kan, want ze zijn ragscherp. Geen detail ontgaat je, ieder rimpeltje, pluisje, slordig aangebrachte lipstick of afgetrapte gympen; alles is haarfijn vastgelegd.
Dat de foto’s zo groot kunnen worden getoond heeft te maken met de manier waarop Struth werkt. Door het gebruik van een technische camera weet hij optimale scherpte en diepte te bereiken.
Thomas Struth werd opgeleid aan de befaamde Düsseldorfer Kunstacademie, waar ook grootheden als Joseph Beuys, Gerhard Richter en Anselm Kiefer zijn opgeleid. Samen met de fotografen Thomas Ruff en Andreas Gursky, ook wel het trio Struffsky genoemd, zijn zij dankzij de scholing van het echtpaar Bernd en Hilla Becher, voor de ontwikkeling van de Duitse fotografie van groot belang.
De portretten van Struth worden vaak vergeleken met het werk van zijn voorganger August Sander (1876-1964), van wie in 2007 in het Amsterdamse fotomuseum Foam een mooie overzichttentoonstelling te zien was. De vergelijking ligt voor de hand. Zowel Sander als Struth zou je kunnen zien als portretschilders die historische tableaux maken. Verder valt bij beiden de directheid en het contact dat de geportretteerde met de camera heeft op. Let wel: met de camera, dus niet met de fotograaf. Doordat de ’modellen’ gedwongen zijn zo min mogelijk te bewegen en te kijken naar de lens, ontstaat een verstilling die je bijna de adem beneemt. De camera wordt als het ware een spiegel, zonder dat de geportretteerde het in de gaten heeft. Daar plukt de kijker de vruchten van. Struth heeft per portret zo’n drie tot vijf uur nodig en gebruikt alleen natuurlijk licht.
Het grootste verschil met August Sander zit hem in de diepere betekenis van de foto. Ook Sander gebruikt context om iets aan te tonen over de achtergrond van de door hem gefotografeerde persoon, maar bij Struth gaat dat veel verder. De familieverhoudingen, de psychologie van de familieleden, hun lichaamshouding en soms de afstand tussen hen, spatten van de foto af. Een schijnbaar toevallig leunen of handgebaar, alles kun je interpreteren. Bijvoorbeeld die puberzonen van Charles en Laurence (let op de fijne rozensokken van Charles!): gaan zij hun vader achterna, of neigen ze meer naar de overheersende moeder?
Je fantasie gaat al snel met je op de loop. Dat wordt bevorderd door de summiere bijschriften, die vermelden slechts de naam van de familie, de plaats en tijd. Raden uit welk land de geportretteerden komen geef je ook snel op.
Bij de Japanse familie zit je er natuurlijk niet naast, maar de familie met de Afrikaanse details in het interieur of de Bernstein familie met nog snel even een wit kleedje over de tafel geworpen? Je hebt geen idee en eigenlijk doet het er ook niet toe. Je hebt genoeg aan de mensen zelf die je allemaal aankijken, waardoor je bijna een van hen wordt. Het is net alsof de vele tijd die de fotograaf heeft geïnvesteerd in het fotograferen ons dwingt langzamer te kijken.
Bij iedere foto vraag je je dan ook af hoe het met de familieverhoudingen zit. Die vraag wordt niet beantwoord, maar vaak ben je bijna onbewust blij dat dit niet jouw familie is.
Jammer is dat Struth alleen mensen uit zijn (werk)omgeving heeft gefotografeerd: niet onbemiddeld, opvallend veel kunst of antiek in huis. Een Ikea-bank valt nergens te zien. Uitzondering is het portret van de boerenfamilie Ayvar uit Lima. Dan denk je gelijk: had hij maar meer van zulk soort portretten gemaakt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.