*

 

Waar was Hündel tussen Haarlem en Den Haag?

Peter van der Lint − 17/01/09, 00:00

Voor biografen van historische beroemdheden bestaat er geen grotere uitdaging dan leemten en hiaten in het werk van hun voorgangers op te vullen. Over Georg Friedrich Hündel zijn vele en schitterende biografieën verschenen.

Een gestage stroom boeken en geschriften sinds zijn collega Johann Mattheson in 1761 – twee jaar na Hündels dood – in Hamburg ’Georg Friderick Handels Lebensbeschreibung’ publiceerde.

Steeds werden er gedurende de jaren door onderzoekers feiten aan toegevoegd. Brieven doken op, ooggetuigeverslagen werden ineens openbaar of nalatenschappen bleken onverwacht belangrijke documenten te herbergen.

Het beeld van Hündels leven is 250 jaar na zijn overlijden wel compleet, zou je denken, zeker na de lawine aan uitgaven in 1985, het vorige Hündel-jaar. En toch zijn er nog steeds twee maanden in dat rijke leven die volledig ongedocumenteerd zijn; alsof Hündel even compleet van de aardbodem verdween.

Het gaat om oktober en november van het jaar 1750. Voor ons hier is het bijzonder dat de grote componist in de maanden die deze periode flankeren (augustus/september en december) in Nederland was. Zijn aanwezigheid in Haarlem, Den Haag en Deventer is goed gedocumenteerd. Dat Hündel Nederland aandeed, had verschillende redenen. Op weg van Groot-Brittannië naar familieleden in Duitsland kon hij niet anders dan door Nederland reizen; zijn boot meerde aan in Rotterdam. In Nederland kon Hündel, een fantastisch organist, op de grote orgels in Haarlem, Den Haag en Deventer spelen. En last but not least, in Nederland woonde zijn beste leerling en zijn royaalste begunstiger: prinses Anne van Hannover, in 1734 getrouwd met Willem IV. Voor de huwelijksplechtigheden in Londen had hij speciaal voor hen ’Il Parnasso in festa’ gecomponeerd (zie de cd-rubriek op de vorige pagina).

Dat Hündel langer in Nederland bleef dan eigenlijk gepland, had waarschijnlijk te maken met een ongeluk dat hij eind augustus op weg van Haarlem naar Den Haag kreeg. Zijn koets sloeg over de kop en Hündel blesseerde zich behoorlijk; gezien zijn leeftijd (65 jaar) mocht hij van geluk spreken. Ware zijn ongeluk fataal geweest dan hadden achter de twee grootste barokcomponisten dezelfde jaartallen gestaan: 1685-1750. Bach was in juli in Leipzig overleden.

Maar wat deed Hündel in oktober en november? Heeft hij spijt gehad van het feit dat hij Bach nu echt niet meer kon ontmoeten? Op 8 december vertrok hij weer naar Londen. Vlak voor de afvaart in Rotterdam kreeg hij via een koerier nog een brief van zijn andere beroemde collega Georg Philipp Telemann uit Hamburg in handen.

Vreemd dat noch Telemann, noch Hündel in zijn allerhartelijkste retourbrief over Bach rept.

mailIcon print |