Meestal staan de acteurs van theatercollectief ’t Barre Land hun toeschouwers uitbundig ’niet spelend’ welkom te heten. Een hoofdknikje hier, een handgroet daar. Dit keer wachten ze hun toeschouwers ingekeerd op, met de ruggen naar het publiek. Bij hoge uitzondering zijn sommige toneelspelers geschminkt.
In afwachting van ’het bezoek’ bestoken de twee vrouwelijke en drie mannelijke personages elkaar met nietszeggende kwinkslagen. ’Ja, het is toch zeker zo?’ of ’Nou ja, zolang je maar overeind blijft.’
Dat verwachte bezoek, dat komt allicht niet. Althans: dat zijn de spelers zelf, die op elkaar en elkaars gevatheden staan te wachten. Het is de prelude voor Het Grote Hannessen. Misschien gaat de voorstelling wel over het leven zelf – je weet het maar nooit. Het leven als een bushalte.
Het ene personage kondigt plompverloren aan: ’Oeijoeijoei: romantiek, romantiek!’ De ander verhaalt van een vrouw die zo klein als een erwt werd nadat haar man haar verliet. Of van een andere vrouw die zo doodsbang was dat ze wilde weten ’wat die wind daar onder de deur doet’. ’Tuurlijk; dan kunnen jullie even jongens onder elkaar zijn’, antwoordt een derde. Niemand die aanstalte maakt samenhang in deze monoloogflarden te zoeken. Niemand die daar naar vraagt, niemand die daar benieuwd naar is. ’Jouw vrouw heeft wel heel weinig heupen, hè?’
Zelf noemt ’t Barre Land de voorstelling ’I think we are in Rats’ Alley’, maar dat is natuurlijk een uitgekiend dwaalspoor. Beter zou klinken ’Droge komediantenparodie op een onbegonnen bezoek’, en doeltreffender: ’Op zoek naar de partituur van De Losse Flodder¿. Want bij gebrek aan een verhaal zoeken de personages al spelend suf naar de volgende kwinkslag, naar de volgende scene, schoorvoetend naar hun volgende levensstap. Ze spelen onsamenhangende toonladders die de repetitieruimte voortijdig verlieten.
Desalniettemin valt er van deze toonladders te genieten. Dank zij het behendige spel van de Barre Landers, dankzij ter plekke verzonnen invallen. Schreeuwende kromspraak weerklinkt, oeverloos zijn ze aan het mieren met het bestijgen van een trapje van drie treden. Wie kan het snelst en mafst z’n eigen en andermans hoed op- en afzetten, hoe hanteer je op een partijtje een als kaasplankje vermomde muizenval? Uitvoerig staat ’t Barre Land stil bij een cocktailact, waarbij de cocktail zelf stabiel blijft en de cocktailschudder zichzelf lens schudt.
Allemaal staan ze, schutterend en tevens overborrelend van bravoure, op hun eigen Godotje te wachten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.