*

 

Het verleden ontkend, het ambacht afgezworen

Eva van Schaik − 21/04/01, 00:00

opinie UTRECHT - Niet de dans maar het onderwijs en de markt voor de beroepsdans zou in een crisis verkeren, beweert Spring Dance Festivaldirecteur Simon Dove. Daarom zocht hij voor de nieuwste Spring Dance editie naar mensen die in hun fascinatie voor menselijke motoriek in een theater lak hebben aan gangbare criteria, technische verworvenheden en commerciële verwachtingen. Niet zo vreemd dus dat Dove in de zogenoemde softe danssector terechtkwam. Oftewel: op het dramatische drijfzand waar het niet uitmaakt of de danser-choreograaf zijn ware roeping op het danspodium vond, omdat hij eerst als moleculair bioloog of metaalbewerker was afgeknapt. Leiden niet alle wegen uiteindelijk naar (de) dans?

Dove stelt terecht dat het bezit van een erkend beroepsdiploma geen kwaliteitsgarantie op het danspodium biedt. Toch is het onjuist om te denken dat de Dansmuze als Vrouwe Justitia geblinddoekt gaat. In het zoeken naar het mysterie hoe van menselijke motoriek ook theaterdans te maken is, moet bij voorbaat alles mogelijk zijn. Of beter: niets moet uitgesloten worden geacht. Maar Dove en de door hem geselecteerde gasten gaan een stap verder. Ambacht en Artiest zouden ook niet meer door dezelfde deur moeten om op dat podium te komen en met het publiek te 'communiceren'. Amateurs, die nieuwe toneelheiligen, zijn door hun vrijblijvende onbedorvenheid en onverwachte invalshoeken boven die domme, gedisciplineerde, door en door geconditioneerde professionals te stellen.

Ik gruwel van deze trend, met zijn diepgewortelde angst jegens bestaande technieken en verworvenheden. Met kwaliteitscriteria heeft deze kortzichtige vooringenomenheid jegens vrijheid/blijheid zo goed als niets meer te maken.

Erger nog; al decennialang jagen de zogenaamde nieuwe dansontwikkelaars steeds meer mensen het theater uit, want het hoge egocentrische gehalte van hun amateurisme heeft alle kenmerken van anti-propaganda. Hun solidariteit naar vakgenoten is schijn, want zeer selectief.

Er wordt zeer laatdunkend over ambachtelijkheid gedaan. Wie een beetje op de hoogte is van deze sekte weet dat met hun invitatie een hek van de dam wordt getrokken. En inderdaad; tot de dansstallen van Dove in Utrecht stromen de lente-lammeren nu toe, met alle gedragskenmerken van een 'wij kennen en begrijpen elkaar'-kudde uit de speelweide van de jaren zestig en zeventig. De afgelopen kwart eeuw heeft simpelweg niet bestaan! Ouderen zoals ik, zien het met stijgende verbazing aan, maar ook met de absolute zekerheid dat het toen veel minder naar politiek correcte humorloosheid, angst voor de robot en die zure lucht van veganisme rook.

Toch valt deze dansgeneratie moeilijk hun leeftijd te verwijten. Hen treft domweg het lot dat ze de baanbrekende kunstenaars en het geestelijk erfgoed naar wie en wat ze zo schaamteloos knullig verwijzen, nooit zelf zagen optreden. Hadden ze dat wel gedaan dan zouden ze zich nu over hun eigen manifestatiedrang diep schamen. Veel kwalijker is dat de softies de laatste jaren zowel in het onderwijs als in de theaters evident oprukken. Voor mij is dat het bewijs dat de dans wel degelijk in een crisis verkeert. Mijn grootste grief is dat de onafhankelijken het verleden als een vrijbrief gebruiken voor eenkennigheid, gebrek aan zelfkritiek en schaamteloze beroep op het geduld van hun publiek.

Wat bijvoorbeeld bij de start van dit festival te denken van de Fransman Xavier Le Roy in zijn solo Self Unfinished. Kennelijk bestudeerde deze bioloog nooit zijn collega's uit Berkeley California die halverwege de sixties voor een heuse revolutie in de gevestigde danswereld zorgden met hun fenomenale plastisch-organische motoriek. Veertig jaar na Pilobolus komt Le Roy niet verder dan ondersteboven gekeerd rond te schuifelen op zijn schouderbladen, terwijl hij zijn opmerkelijk flexibele polsen haaks op zijn armen draait . Niet de kunstenaar maar zijn werk telt in het theater.

Dat geldt ook voor de Oostenrijker Willi Dorner. Na de jaren tachtig is defragmentatie nog steeds zijn al zo vaak herkauwde trefwoord. In zijn groepsstuk voor vijf beweegt de eerste vrouw haar nek als een springveer. De tweede laat haar heupen nog net niet uit hun kom schieten. De derde kronkelt als een elektronisch stuurbare deegsliert. Als er om niet nader te verklaren redenen wel contact op de geestdodende knettergeluiden wordt gelegd, dan is dat een agressief aftasten van een ander lid van de eigen sekse. Ondertussen tonen monitoren beelden van een kind dat citaten over perceptie van Merleau Ponty voorleest. Bij zoiets neemt dans de benen.

mailIcon print |