*

 

Een vrouw die vond dat ze recht had op geluk

RUUD VERDONCK − 30/11/02, 00:00

recensie Na de dood van Sijtje van Koedijk (1903-1989) vonden haar kinderen een door haar zelf, als in één adem opgeschreven, levensverhaal. Ze vonden het zo bijzonder dat een dochter het opstuurde naar uitgeverij Querido met de vraag of niet iemand een professionele roman zou kunnen schrijven op basis van die aantekeningen. Op die manier is ook 'Heren van de thee' van Hella Haasse tot stand gekomen, bijvoorbeeld.

Querido vond het verhaal van Sijtje van Koedijk (om privacyredenen niet haar echte naam overigens) zo belangwekkend dat het onbewerkt is uitgebracht, met een inleiding van Elsbeth Etty, die Sijtje's leven tegen de achtergrond van de vorige eeuw zet.

Daar wringt 't hem een beetje. Etty doet dat inleiden namelijk dermate grondig dat vervolgens een werkelijk daverend literair werk moet komen om d t nog te verslaan. In die inleiding worden alle ter zake doende feiten uit een vrouwenleven vol tegenslagen, maar ook met groot geluk, uitgebreid beschreven en geannoteerd. Etty laat maar één geheim te raden over, namelijk hoe Sijtje's tweede man verongelukte, een gegeven dat uit de doeken wordt gedaan in een kort aanhangsel van een van de zoons.

Maar een daverend literair werk is het niet, wel dikwijls ontroerend om te lezen. Het is af en toe ronduit onbeholpen geschreven, wat bijdraagt aan de indruk van authenticiteit. Kort: Sijtje van Koedijk, afkomstig uit een arm gezin, was van jongs af aan een zelfbewuste en ondernemende vrouw die zich aan haar milieu wist te onttrekken. Ze trouwde een drankzuchtige man die in ons Indië bij de BPM werkte. Dat huwelijk liep in den vreemde al snel stuk op zijn karakter en de mannenmaatschappij van de oliewinning. Ze kreeg twee kinderen, werd verliefd op een andere man, en had grote moeite om van haar eerste man af te raken en haar kinderen te behouden.

Haar tweede man, ook een medewerker van de Bataafse Petroleum Maatschappij, werd haar grote liefde, schonk haar twee kinderen en kwam door inwendige bloedingen om het leven na een val in het zwembad. Weer terug in Nederland voedde ze haar kinderen alleen op, werkte zich door de Tweede Wereldoorlog heen en vond daarna opnieuw het geluk bij een man, die door ziekte aftakelde en overleed. Kort nadat hij overleed begon ze haar levensverhaal op te schrijven.

Het is genoeg leed, ellende en geluk voor meer dan een persoon. Het had als roman uitgeschreven kunnen worden, het portret van een strijd. In de inleiding van Elsbeth Etty wordt het maatschappelijke decor uitgebreid neergezet, zonder dat het daarna in Van Koedijks verhaal werkelijk een rol speelt. Sijtje was een zeer zelfbewuste vrouw, die haar eigen plaats en haar eigen emancipatie bevocht zonder dat daar een meeslepend idee achter zat, behalve een sterk streven naar persoonlijk geluk.

Een beschrijving van het decor had ook iets kunnen verklaren over de rol die de Bataafse Petroleum Maatschappij speelde bij de afwikkeling van de scheiding en bij de dood van haar tweede man. BPM was een groot en toch zeer sociaal bedrijf, dat met begrip en mededogen tot in de details de zaken regelde voor medewerkers in de problemen. Sijtjes eerste man werd uiteindelijk als niet te handhaven terug naar Nederland gezonden.

Bekend is het verhaal van premier De Geer, die bij de BPM z'n financiële onafhankelijkheid kon bewerkstelligen om daarna de politiek in te gaan. Daar was bij de BPM ruimte voor in de bedrijfsvoering, al hing daar ook de geur omheen van het kopen van politieke invloed. Toch treedt BPM ook in Sijtje van Koedijks verhaal sociaal op. Kennelijk beperkte het sociale beleid zich niet tot de hoge rangen, want Sijtje's beide echtgenoten bevonden zich in de laagste rangen.

'De hemel ziet blauw van de dagen' (zoals een kansloos verliefde man ooit tegen Sijtje zei) is een bewogen levensverhaal. Nooit zullen we weten of er toch niet beter een prachtige roman van gemaakt had kunnen worden.

mailIcon print |