*

 

Kruseman portretteerde de rijken van zijn tijd

door Els de Baan − 09/11/02, 00:00

Drommen mensen vergaapten zich vorige winter aan de bruidstoiletten van onze vorstinnen en van Máxima. Ook voor de Russische hofkostuums rondom Anna Pavlovna en de garderobe van Wilhelmina liep het storm. Nu belicht Het Loo de 19de-eeuwse portretschilder Jan Adam Kruseman. Behalve schilderijen zijn er ook enkele kledingstukken en accessoires te bewonderen.

Het lijkt of de welgestelden die ons vanaf de portretten van Jan Adam Kruseman (1804-1862) aankijken zo uit een boek van Hildebrand zijn gestapt. De schrijver en de schilder beschikken over dezelfde gave: zij blinken uit in de fijne waarneming en uitbeelding van de werkelijkheid. Wat Hildebrand bijvoorbeeld in zijn Camera Obscura noteert over kleding, kapsels, juwelen en accessoires is moeiteloos te herkennen in de schilderijen van Kruseman. Hildebrand was trouwens een groot bewonderaar van Krusemans werk. Na een tentoonstellingsbezoek schrijft hij: 'Voor een liefhebber der schilderkunst is één uurtje in een zijkamer met een portret van Kruseman (-) alleen gelaten ruim zo aangenaam als de aanblik van een ganse zaal vol goud en glans waar de kunstgewrochten in lagen opgestapeld zijn.'

Kruseman kon meer belangrijke lieden tot zijn fans rekenen. Zijn werk viel bijvoorbeeld bijzonder in de smaak bij WillemII en zijn vrouw Anna Pavlovna en zij lieten zich meermalen door hem portretteren. Ook mensen uit de hogere kringen wilden graag door hem geschilderd worden. De dames hebben zich voor de schilder stuk voor stuk fraai uitgedost. De heren zijn sober gekleed maar door hun waardige manier van kijken tonen zij, op een wat minder opzichtige manier, eveneens hun status. Want Kruseman was een meester in het treffend weergeven van rijkdom en grandeur. Hij behoorde niet voor niets tot de meest gewaardeerde portretschilders uit zijn tijd.

In zijn secuur bijgehouden offerte- en kasboekjes is exact na te gaan hoe hij werkte en hoeveel hij voor de portretten betaald kreeg. Hoofdconservator en adjunct-directeur Eelco Elzenga: ,,Kruseman vroeg hoge prijzen. Hij keek daarbij de persoon aan. Zo moest Anna Pavlovna veel meer betalen dan een minder gefortuneerde.''

Kruseman heeft zo'n zeshonderd portretten gemaakt. Elzenga: ,,Ongeveer de helft van zijn oeuvre is na veel speurwerk achterhaald. In de tentoonstelling zijn uiteindelijk veertig portretten opgenomen. De schilderijen zijn chronologisch geplaatst en daardoor ontstaat een mooi overzicht van de ontwikkeling van de kunstenaar, van veranderende opvattingen over het in beeld brengen van de geportretteerden en van het verloop van de mode.''

Jammer genoeg zijn de afgebeelde japonnen niet bewaard. Toch is het gelukt om uit diverse kostuumcollecties acht vergelijkbare stukken te lenen. Zij vertellen als het ware een apart verhaal. Bijvoorbeeld over het opklimmen en vervolgens afzakken van de mouw. En over de geleidelijke veranderingen in het silhouet. Vanaf 1825 worden de mouwkoppen volumineuzer. Het blijft een raadsel hoe ze bij het dragen hun vorm behielden want het poffende gedeelte ziet eruit of het bij de geringste beweging genadeloos zal inzakken. Later verplaatst het volume zich richting ellebogen en polsen en vervolgens loopt de mouw uit in een wijde, kelkachtige vorm. Het silhouet is eerst in evenwicht: schouderbreedte en zoombreedte zijn ongeveer gelijk. Op het eind van Krusemans carrière is de crinoline ingevoerd. De schouders zijn dan smal en het accent ligt vooral op de omvangrijke rok. Opzichtige mutsen en hoeden, lange breedhangende halskettingen, oorhangers en gouden armbanden en gespen waren eveneens blikvangers. Veel van dergelijke stukken zijn op de tentoonstelling aanwezig. Ook de op de portretten afgebeelde meubelstukken en luxueuze gebruiksartikelen zijn deels achterhaald.

Aan de opstelling van de kostuums en accessoires is wederom veel aandacht besteedt. En dat mist zijn effect niet. De reeds lang overleden geportretteerden lijken ineens wonderlijk dicht bij ons te staan.

mailIcon print |