*

 

In de Sahara vindt ze vader en vrijer terug

Willy Wielek − 30/03/02, 00:00

recensie In het jaar 523 voor Christus werd, volgens Herodotus, een legerafdeling van de Perzische koning Cambyses, die optrok tegen de Egyptenaren, door een zandstorm in de Sahara bedolven. Nooit is er iets van teruggevonden. Of wel? Volgens Paul Sussman is het eventjes blootgelegd en toen weer aan het oog onttrokken door zo'n zelfde zandstorm. In zijn boek 'Het verloren Leger van Cambyses' gaat Tara Mullray naar Egypte om zich te verzoenen met haar vader, een beroemd archeoloog, maar ze treft hem dood aan. Hij is gestorven aan een hartaanval, dat wordt door iedereen bevestigd. Maar de Egyptische inspecteur, tevens oudheidkundige, Khalifa, die op zoek is naar een wrede moordenaar, twijfelt. De oude archeoloog past in het seriemoordenaars-plaatje: die is kennelijk op zoek naar iets. Tara vindt niet alleen haar vader: een vroegere vrijer, die ze nooit helemaal uit haar hoofd heeft kunnen zetten, komt weer opdagen. De mensen en de draden komen samen in de woestijn, welzeker: bij het verloren leger van Cambyses, waar Khalifa iemand ontmoet die hij had doodverklaard. Dan blijkt dat lang niet alles is wat het lijkt en dat er velen met vuile handen rondlopen, tot in de hoogste kringen. Een mensenleven heeft kennelijk weinig waarde. Ik ben niet zo dol op die jongensboeken voor volwassenen, maar deze avonturenroman is wel heel boeiend en vlot geschreven. En de liefdesgeschiedenis onttrekt zich gelukkig aan het cliché.

Is een boek een thriller, alleen omdat er een moord in voorkomt? Me dunkt van niet. Als dat zo was, zou een groot deel van de literatuur (niet te vergeten de klassieken) tot de thrillers gerekend moeten worden. In 'Het brandende Eiland' van Gianni Farinetti worden we al heel in het begin op de hoogte gesteld van het feit, dat er ergens onder het zand niet een heel leger, maar één lijk ligt. Pas helemaal aan het eind komen we te weten wie dat is en hoe het lijk een lijk werd. En tussen het begin en het einde krijgen we een zedenschets van een stelletje vaste bewoners en vakantiegangers op het vulkaaneiland Stromboli. Een prinses van den bloede, een filmproducer, een filmregisseur, een trouwe huishoudster, twee homoseksuele stellen en een lesbisch paar, een nijvere assistente en nog veel meer. En dan is er nog de vulkaan. Die slaapt, maar hij is bij lange na niet dood en hij droomt vaak luidruchtig. Farinelli beschrijft de mensen, de huizen, de tuinen en de natuur zo levendig dat je wordt meegesleept en van alles gaat houden, ook van de snobs. Alhoewel... Een pikzwart strand, dat lijkt me toch niet zo fijn. Ja, er is een dode, ja er is een moord, en er is ook een verrassend slot. Zelfs word je als lezer bijna het hele boek door op het verkeerde been gezet. En toch zou ik het geen thriller willen noemen. Maar dat hindert niet, ik ben blij dat ik het boek gelezen heb. Het is spannend en uitstekend geschreven. Daar kunnen veel echte thrillerschrijvers een voorbeeld aan nemen.

mailIcon print |