recensie Het was een mooi feestje dat Het Brabants Orkest donderdagavond in Muziekcentrum Frits Philips vierde ter ere van de vijftigste sterfdag van Henriëtte Bosmans. Er werd een nieuwe biografie gepresenteerd en een cd, maar het was vooral Bosmans' muziek die onder dirigent Michel Tabachnik een nieuw en on-Nederlands élan kreeg.
Het werk van de relatief onbekende Nederlandse componiste Henriëtte Bosmans (1895-1952), volgens tijdgenoten een vrouw met de uitstraling van een 'wilde zigeunerin', wordt altijd in één adem genoemd met dat van haar compositiedocent en vriend Willem Pijper. Tijdens haar leven was Bosmans een gevierd musicus, die bekend werd door haar optredens als solist, bijvoorbeeld in haar eigen 'Concertino voor piano en orkest'. Ze werkte met grootheden als dirigent Pierre Monteux en zanger Peter Pears, correspondeerde met een belangrijk componist als Benjamin Britten, maar werd door tijdgenoten ook met enige argwaan bekeken. ,,Wee, wanneer de sadistische woede van een componerende vrouw losbreekt!'', schreef een feminofobe Duitse recensent zelfs in die jaren.
Vond Benjamin Britten zijn muze in Peter Pears, zo vervulde zangeres Noémie Perugia, met wie Bosmans na de oorlog een duo vormde, voor haar eenzelfde rol. Bosmans schreef de prachtige liedcyclus 'Receuil' speciaal voor haar stem. De orkestratie van de oorspronkelijk voor piano geschreven liederen werkte met Het Brabants Orkest onder Michel Tabachnik als een sprookjesboek met opklapplaatjes. De vermaarde dirigent liet Bosmans on-Nederlands gonzen en zingen. Dat was verrassend: je vroeg je af waarom de werken niet gewoon tot het repertoire behoren.
De orkestratie van 'Receuil' door Willem Strietman legde vooral de nadruk op de kleurige harmonieën in Bosmans' gewezen pianopartij, die als een gelijkwaardige partner aan de zijde van de zangeres voortschrijdt. De cyclus ademde een Franse ziel, mooi in zijn verfijnde gestiek en authentiek wat idioom betreft.
Verre van 'sadistisch woedend' klonk ook het lyrische 'Poème' voor cello en orkest en het operaëske orkestlied 'Belsazar', al had mezzosopraan Sylvia Schlüter soms wat moeite om hoorbaar te blijven in de krachtige orkestrale stroom. Een kniesoor die daarop lette, want het programma (verder nog met werk van Pijper en Britten) was een feest vol surprises. Een eigenzinnige stem als die van Bosmans duikt tenslotte niet elke dag op uit de muziekgeschiedenis.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.