*

 

Onegin verandert Nationale Ballet in Internationale Ballerette

Eva van Schaik − 18/03/02, 00:00

opinie Onegin, de nieuwe 'klassieker' van Het Nationale Ballet, biedt voor leken en kenners tal van stunts. Maar door de super oubollige aankleding en drakerige decors duwt het wel erg veel versteend marsepein en verstoft suikerspinsel door de strot.

Onegin, de nieuwe avondvullende "klassieker" van Het Nationale Ballet is een topzwaar melodrama oude stijl, met in elk bedrijf meerdere solo's en pas de deux van de allerhoogste categorie. Voor de vereiste adempauzes zijn er veel dweilnummers ingelast, dus vertragende divertissementen voor provinciaalse jongelui in folkloristische jolijt of keurig opgedirkte balgangers onder kandelabers. Associaties met verkeerde merken eau de toilette en behoefte aan een 'fast forward'-knop dringen zich dan meedogenloos op.

Ook al is deze John Cranko-kraker nog geen veertig jaar oud, hij verwijst naar de Romantiek, zoals die in de vorige eeuw in een opmerkelijk verbond van Sovjet-choreografen en Engelse traditionalisten in een mierzoete saus van expressionistische superlatieven werd ondergedompeld. Echt alles is overdreven, op het hysterische af. Gewoon gaan zitten of lopen is uitgesloten. Zelfs lezen, borduren of kaarten is een kwestie van koortsachtige beeld- en breedsprakigheid. Dat geldt helemaal voor de plattelandszusjes Tatjana en Olga en de stedelijke aristocraten Onegin en Lensky. Dan wordt het smachten en smalen, zwelgen en zieltogen, dus naar het voorhoofd grijpen, de handen ten hemel heffen, de witte handschoen neersmijten, de capes laten wapperen en elkaar in een duel overhoop schieten. Nooit zonder uitgedraaide voeten, gewelfde wreven, klapperende kuiten, draaiende polsen.

Toen John Cranko in 1962 op het idee kwam om van Poeshkins befaamde novelle op rijm een ruim twee uur durend Jane Austen-kostuumdrama te maken, moet hij de Sovjet-pathos uit de Stalin-tijd hebben willen overtreffen. Dus tilt ook zijn anti-held zijn minnares met een hand boven zijn hoofd om er als zijn trofee mee rond te lopen. En smijten de dames zich met ruggen als berkentwijgen om mannenhalzen, erop vertrouwend dat hun snoekduiken door sterke armen worden opgevangen.

Kortom, Onegin vraagt om absolute overgave, van dansers en toeschouwers. Arme Tsaikovsky, niet zijn Onegin-opera maar zijn voltallig oeuvre wordt daartoe tot lijm voor muzikaal behang vermalen. Hamvraag na afloop is of Onegin wel of niet om mededogen vraagt na zijn botte gedrag, waarmee hij uit verveling en overmoed niets en niemand serieus wil nemen, en dat bezegeld ziet door de vrouw die hem ooit als de man van haar dromen had aanbeden. In de meest hartstochtelijke pas de deux uit de 20ste eeuw komt simpel gesteld boontje om zijn loontje. John Cranko liet er geen twijfel over bestaan: Tatjana behaalt een Phyrrus-overwinning. Ook zij eindigt als een wrak achter het dichtvallende doek.

Nathalie Caris blijkt vooral voor die laatste acte alles bewaard te hebben. Weet ze de Giselle-prilheid die de eerste twee actes van haar vragen niet overtuigend in haar spel te leggen, als de volwassen vrouw in tweestrijd is ze verbluffend, danst ze ongeremd dwars door alle ballettechnische barrières heen. Mijn hart gaat dan al uit naar Altin Kaftira, want in zijn Onegin laat hij de dramatische paradoxen meer intact, waardoor hij de Poeshkin-Austenwedstrijd boven het niveau van Holiday on Ice of de boeketreeks verheft. Een Nureyev is hij niet, maar meer dan Caris legt hij de kern van romantiek bloot.

In hun karakterisering van Olga en haar brave fiancé Lensky moeten Marieke Simons en Tamas Nagy de tegenpolen van Onegin en Tatjana zijn. Olga wil zich bewijzen als overspelrijpe vrouw. Simons danst in een wolk van charme, maar in dramaturgisch opzicht maakt Cranko het haar niet makkelijk, want echt versieren doet Onegin haar nauwelijks. Juist die afwezigheid maakt Nagy's solo in het maanlicht, kort voor zijn duel, tot een aangrijpend moment.

Hoe veel stunts deze Onegin ook biedt, de onder streng toezicht van de erven Cranko opgeklopte replica duwt door de super oubollige aankleding, de drakerige decors en belichting wel erg veel versteend marsepein en verstoft suikerspinsel door de strot. Wie deze ballerette in optima forma als knipoog naar camp of knieval naar het grote publiek serieus wil nemen, wil meer geilheid en minder stijfsel.

mailIcon print |