*

 

Eenzaamheid en extase in 'Vive L'Amour'

Eva van Schaik − 20/04/02, 00:00

opinie AMSTERDAM - Gebrek aan moed valt regisseuse Margrith Vrenegoor en de dansers Anne Affourtit, Dries van der Post en Derrick Brown niet te ontzeggen en terecht noemen zij hun productiekern 'Courage'.

Zelfs de aanvangstijd van 'Vive l'Amour', hun nieuwste co-productie met de Amsterdamse Stadsschouwburg, getuigt van moed. Want wie is bereid om zich om zes uur in de namiddag in de Grote Foyer maar meteen knock-out te laten slaan? In hun adaptatie van de Taiwanese film van Tsai Ming Liang (1995) halen de drie dansers al in de eerste ronde direct hard uit, met een rake linker en rechter uppercut.

Onder een staketsel met lichtspots ligt midden in de foyer een matras op een stalen bed. Het is een altaar met magnetische kracht. Derrick Brown komt binnen, gaat er aarzelend op zitten en doorbreekt zijn wanhoop met een mes aan de pols. De suïcide met prachtig gezang op een gedicht van Herman Hesse wordt abrupt verstoord door hard klinkende voetstappen. Enter Affourtit en niet veel later Van der Post. Voor hen is het matras geen laatste offerplaats voor eeuwige rust, maar de plek van kortstondig genot. Zo sereen het verlangen van Brown, zo onstuimig hun vrijpartij. Verdriet en verrukking zijn daarmee de uitersten van eenzelfde desolate offerbereidheid, met dien verstande dat de suïcidale outsider de eenzaamheid tegen zijn wil krijgt opgelegd en de anderen juist bewust de verlatenheid verkiezen.

'Vive l'Amour' is daarmee een direct vervolg van Vrenegoors vorige productie op de bekende film 'Hiroshima Mon Amour', waarmee Anne Affourtit en Dries van der Post al grote bewondering oogstten. 'Vive l'Amour' gaat nog een stap verder in het aftasten van de grenzen van het fysiek haalbare en het oogsten van hun rijke toneelervaring. De komst van Derrick Brown als versterking van dit op zich al ijzersterke duo blijkt een schot in de roos. Ook hij is het levende bewijs dat goede dansers zelfs de beste acteerprestaties in hun zak steken. Alle drie deze dansers beheersen de kunst van het projecteren tot in de finesses. Zij weten hoe en waarom het strijken van een handpalm langs de slaap, het optrekken van een voet of zelfs maar het opheffen van een kin voor een raadselachtige diepgang kan zorgen, naar Herman Hesse's woorden 'um im Zauberkreis des Nacht tief und tausendfach zu leben'.

Het oprakelen van emoties door middel van een subtiel gebaar of oogopslag is hun tweede aard geworden en wanneer het tot zulke expliciet opdringerige acties komt als het afrukken van elkaars kleding of het rammen van elkaars lendenen of suggestief etaleren van kruis en kont dan is dat heel bewust een aftasten van de aaibaarheid van eigen en ieders schaamtegevoelens. En toch, ze aaien en graaien zonder een moment overdrijving of behaagzucht.

Het corpus delicti, oftewel het matras, staat op maar enkele meters afstand van het publiek op banken rondom. Knap in deze filmische dansregie is vooral de evenredige verdeling van hun drieër focus op alle wanden rondom, waardoor zij hun voyeurs in de foyer bewust tot medevoyeurs maken. De desolate intimiteit van hun zoeken en hun tot mislukken gedoemde vastklampen aan lust als liefde is extreem realistisch en explicieter vorm gegeven dan ooit. En hoewel die twee optaters aan het begin best even laten slikken, blijken zij onontbeerlijk voor de staaltjes van bezinning en ontsporing in de volgende rondes. De eenzame outsider weet zich via een krachtmeting met Dries van der Post, in diens aflopende relatie met Anne Affourtit te dringen, verovert een liefdevolle plek in hun spel. Maar in de uitzinnige kermisattractie die zij van hun nieuwe, broze driehoeksrelatie maken zit daarmee ook de kiem van een gif. Het matras verandert van bindende in ontbindende factor en laat alle drie als uitgeputte, vermoeide kinderen hun eigen onmachtig verlangen erkennen. Als zij tot slot een voor een de kamer verlaten is de breuk onherstelbaar is. Alle drie rijpten zij in hun hang naar echte liefde en werden onbereikbaar voor elkaar. Het uitzinnige evenwicht of de balorige balans bleek niet vol te houden, juist omdat ze zich op de hoogste toppen van romantiek begaven, prachtig verklankt door een filmische compositie van Mariecke van der Linden. Zo'n uurtje liefde, die het daglicht en het leven buiten op straat niet kan velen, hakt er genadeloos in, maar bevestigt ook een vermoeden. Deze drie dansers leveren het overtuigende bewijs dat hun beroepskeuze 'ein sehnliches Verlangen' is gebleven, hoe isolerend en liefdeloos het theater ook is.

mailIcon print |