recensie Het nieuwste nummer van Raster heet 'De schaduwbibliotheek'.
De stukken die erin staan, gaan over boeken die ten onrechte weinig bekendheid genieten. Ze worden aanbevolen door echte liefhebbers en omdat ze het uit overtuiging doen, werken dat aanstekelijk. Omdat Gerrit Krol zo enthousiast is over 'Zoo, of brieven niet over liefde' uit 1923 van Viktor Sjklovski, 'een klein meesterwerk' noemt hij het, ga ik het binnenkort nu eindelijk eens lezen. Ik wil graag iets aannemen van iemand op wiens smaak ik vertrouwen kan, getuige het stuk dat ik lees. Hetzelfde geldt voor Willem van Toorns beschouwing over 'de andere blik' op de oorlogsjaren van Walter Kempowski in 'Tadelloser & Wolff'. Joris Note maakt de lectuur van een bloemlezing met middeleeuwse Hebreeuwse poëzie tot de volstrekte noodzakelijkheden. Jan de Roder, in een subliem en diepgravend essay, attendeert op een van de allerbeste boeken van Alfred Kossmann, 'De gouden beker', een dialoog over de herinnering en de vergetelheid. Anthony Mertens maakt nieuwsgierig naar (voor mij) herlezing van 'Het nichtje van Mozart', een roman van Willem G. van Maanen. Piet Meeuse haalt het belang en de bijzonderheid naar voren van 'Gesprekken met Leuco' van Cesare Pavese, dialogen tussen figuren uit de Griekse mythologie, waarin Pavese zijn visie op het leven kon samenvatten. De meest intrigerende aanbeveling komt van Douwe Draaisma. Hij haalt 'The Duality of the Mind' uit 1844 van Arthur Ladbroke Wigan onder het stof vandaan, waarin beweert wordt dat onze twee hersenhelften twee afzonderlijke hersens zijn, elk met een zelfstandig, bewust leven. Draaisma vindt dit 'een boek dat een boek verdient' en zegt er direct achteraan: ,,Ik zou het graag schrijven'. Kijk, dat is nou 'ns een goed voorstel. Doen, zou ik zeggen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.