*

 

Als Sigurd de draak verslaat, krijgt hij wat bloed van het serpent op de tong

T. VAN DEEL − 17/01/97, 00:00

recensie De saga van de Völsungen: Völsungasaga. Vertaald uit het Oudijslands en van aantekeningen voorzien door Marcel Otten. Met inleiding van prof. dr. M. C. van den Toorn. Ambo, Baarn/ Kritak, Antwerpen; gebonden, 157 blz. - ¿ 44,50.

Een paar geleden werd dat embargo verrassend genoeg opgeheven, want toen verscheen in de voorname reeks Ambo-Klassiek een splinternieuwe vertaling van de 'Edda', de beroemde compilatie van goden- en heldenliederen, geschreven rond 1275, maar als genre van veel ouder datum. De 'Edda' is de trots van IJsland; toen de codex, die in Denemarken werd bewaard, in 1971 terug werd gebracht naar zijn eiland van herkomst, stonden er vijftienduizend mensen in de haven van Reykjavik hun nationale tekst op te wachten. Tussen het Oudijslands en het huidige IJslands is zo weinig verschil, dat iedereen ze nog zonder veel moeite kan lezen en dat doen de IJslanders dan ook.

Marcel Otten, de vertaler, bracht de grote en eigenaardige kwaliteiten van de 'Edda' voor het voetlicht, waardoor het begrijpelijk wordt dat Jorge Luis Borges de hemel prees om het bestaan van IJsland, dat met zijn klassieke teksten de wereldliteratuur heeft verrijkt.

In het handschrift van de 'Edda' ontbreken een aantal pagina's, juist in de episode van Sigurds omgang met Brynhild. Otten heeft in zijn editie de lacune opgevuld met enkele hoofdstukken uit de Völsungasage, een dertiende-eeuwse prozabewerking van liederen over de lotgevallen van het geslacht der Völsungen. Nu komt hij met de complete tekst, 'De saga van de Völsungen', een verhaal waarvan de stof ook wordt aangetroffen in de 'Edda' en in het Middelhoogduitse 'Nibelungenlied'.

In zijn inleiding legt Van den Toorn uit dat we verschil moeten maken tussen de termen sage en saga. Een sage is de nog ongevormde verhaalstof, die op verschillende wijzen vorm kan krijgen, onder meer in een saga, een typisch IJslands prozaverhaal, waarin de familiebanden sterk benadrukt worden, veel dialoog voorkomt en dat een snel handelingsverloop kent en een sobere stijl. De Völsungasaga is een van de befaamdste, een faam waaraan zeker Wagner sterk heeft bijdragen met zijn bewerking van de saga in de 'Ring des Nibelungen'.

Sagen hebben in de kern betrekking op historische gebeurtenissen, maar het is niet eenvoudig te bepalen welke dat in het geval van deze saga zijn, al zullen ze zich hebben afgespeeld ten tijde van de grote volksverhuizingen. Het geslacht der Völsungen stamt van de god Odin af. Hij staat aan het begin en aan het eind van de saga en zal, in het eerste gedeelte, zeker een tiental malen optreden in het verhaal, meestal als oude, eenogige man met lange baard. Hij mengt zich dan in het leven der stervelingen, soms om het te laten beëindigen zodat ze het Walhalla kunnen betreden.

Het verhaal is een aaneenschakeling van moord en doodslag, bloedwraak, vetes, eedbreuk, bedrog, in een zo nuchter en eenvoudig gehouden stijl verteld dat de loop der gebeurtenissen simpel en onontkoombaar lijkt. “Niemand kan zijn lotsbestemming ontkomen” staat ergens, en zo is het in deze saga. De logica is vaak onthutsend, bij voorbeeld als Sigurd op instigatie van zijn leermeester Regin diens broer, de draak Fafnir, verslaat: hij krijgt wat bloed van het serpent op de tong en kan dan de taal der vogels verstaan, en hij hoort een stel meesjes zeggen dat hij nu wel Regin moet doden, want anders zal Regin tot bloedwraak moeten overgaan vanwege de moord op zijn broer. “En hij trok het zwaard Gram en sloeg Regins hoofd af.”

Dat zwaard is het beroemde van zijn vader Sigmund en afkomstig van Odin zelf. Het was onwaarschijnlijk krachtig en scherp, maar brak door interventie van Odin tijdens de laatste strijd van Sigmund in tweeën. Op deze manier nam Odin de grote koning Sigmund, de zoon van Völsung, tot zich:

“Toen de strijd een tijdlang had geduurd, kwam er een man in het strijdgewoel met een hoed met een brede rand op en een blauwe mantel om. Hij had maar één oog en een speer in zijn hand. Die man kwam op Sigmund af en hief zijn speer hoog voor hem op. En toen koning Sigmund krachtig met zijn zwaard hieuw, trof hij de speer en het zwaard brak in twee delen uiteen.”

Sigurd heeft het gebroken zwaard van zijn moeder gekregen en het laten herstellen. Het speelt nog een belangrijke rol in de tragische liefdesgeschiedenis van Brynhild en Sigurd, een onderdeel van het verhaal dat zonder enige twijfel tot het aangrijpendste behoort dat de Völsungasaga heeft te bieden. Sigurd en Brynhild zweren elkaar bij hun eerste ontmoeting dat zij met elkaar zullen trouwen, maar daarna zal Sigurd een drank der vergetelheid te drinken krijgen, waardoor hij zich deze eed niet meer herinnert. Hem wordt dan Gudrun als vrouw aangeboden en hij aanvaardt haar. Zelfs misleidt hij Brynhild door in de gedaante van Gunnar op zijn paard door de vlammencirkel te rijden die Brynhild om haar behuizing heen heeft staan. Alleen wie daardoorheen reed, mocht met haar trouwen (kennelijk wist ze dat alleen Sigurd daar toe in staat was).

Het bedrog komt later uit, als de twee koninginnen Brynhild en Gudrun aan het twisten slaan. En een bron van nieuwe ellende is geschapen, Brynhild, een sterk en manhaftig karakter, keert zich tegen Sigurd en verraadt hem. Ze laat Sigurd en zijn drie jaar oude zoon, die zij ook had laten doden, op de brandstapel leggen en verbrandt zichzelf met hen.

Van de honderd bladzijden van de Völsungasaga vormen de kleine veertig die de tragische liefde van Brynhild en Sigurd tot onderwerp hebben het mooiste gedeelte. Het is of daarin de nogal houterige, archaïsche personele bezetting van de saga ineens van warm menselijk bloed wordt voorzien. Er komen gevoelens in het spel, die door list en bedrog gecorrumpeerd worden, en er volgen reacties die juist door de krachtige wijze van vertellen imponeren. Zo zegt Brynhild tegen Gunnar bij voorbeeld het volgende:

“Ik wil niet meer leven, want Sigurd heeft mij bedrogen en jou niet minder toen je hem met mij het bed liet delen. Ik wil niet met twee mannen tegelijkertijd getrouwd zijn in één zaal en dit zal Sigurds dood worden of jouw dood of de mijne, want hij heeft Gudrun alles verteld en ze bespot mij ermee.”

Lezing van de Völsungasaga, van deze eerste Nederlandse vertaling ervan, is een bijzondere ervaring en hoewel men over het algemeen te rade gaat bij het 'Nibelungenlied' of bij Wagners 'Ring', kan de geschiedenis van het geslacht der Völsungen het meest authentiek gekend worden uit de oude IJslandse saga zelf. Dankzij de animerende vertaling van Marcel Otten is die nu voorhanden, terecht in de serie Ambo-Klassiek.

mailIcon print |