*

 

Helena Blavatsky, moeder van New Age

COKKY VAN LIMPT − 09/02/96, 00:00

recensie Sylvia Cranston: Het bijzondere leven & de invloed van Helena Blavatsky, Stichtster van de moderne Theosofische Beweging. Theosophical University Press, Den Haag; Ankh-Hermes, Deventer; vertaald uit het Engels; 643 blz. - ¿ 59. H. P. Blavatsky: Isis ontsluierd. Ankh-Hermes, Deventer; Facsimile-uitgave van de enige Nederlandse editie, uitgegeven door de Theosofische Uitgeversmaatschappij in 1911 (deel I) en 1914 (deel II); ¿ 99,90.

Voor zover dat ruim een eeuw later nog nodig was, heeft Sylvia Cranston zich in haar biografie van H. P. Blavatsky ingespannen de kwade reuk die er ruim een eeuw na Blavatsky's overlijden nog was blijven hangen, weg te werken. Van de beschuldigingen en verdachtmakingen aan het adres van Blavatsky weet zij er een respectabel aantal met overtuigend bewijsmateriaal te ontzenuwen. In een enkel geval echter zijn haar argumenten ronduit zwak en gebaseerd op vage getuigen.

Wat de rest van de voorspelling uit de 'New York Daily Tribune' betreft: Blavatsky's werk is inderdaad overeind gebleven, evenals de Theosophical Society (in Nederland Theosofische Vereniging genaamd), met nog steeds afdelingen in zestig landen. Maar haar werk is niet alleen blijven bestáán, het heeft een enorme spin-off opgeleverd, waarvan Cranston in haar biografie uitvoerig verslag doet.

Zo hebben Blavatsky's boeken 'Isis ontsluierd' en 'De Geheime Leer' een geweldige invloed gekregen op het occulte denken in Amerika en Europa. Blavatsky wordt wel de 'moeder van de New Age' genoemd. Ook op het gebied van de christelijke gnosis was zij goed thuis. Zij stelde 'dat de evangeliën zelf onthullen dat Jezus zijn discipelen een esoterische of geheime leer onderwees' en verwijst daarbij naar Markus 4:11 en 4:34. Bovendien zei ze dat de esoterische leringen werden bewaard en onderwezen door de christelijke gnostici, die deze op hun beurt ontvingen van Jezus' discipelen. Een gevaarlijke ketterij in de ogen van de orthodoxe christenen van haar tijd.

Een 'dramatische bevestiging' van het theosofische standpunt dat de geheime leringen van Jezus werden bewaard en gekoesterd door de eerste gnostici, ziet Cranston in de spectaculaire vondst bij Nag Hammadi in 1945 van een kruik waarin (voornamelijk) vroeg-christelijke gnostische geschriften bleken te zitten, ook wel 'de gnostische evangeliën' genoemd.

Ook in het Verre Oosten oefende Blavatsky invloed uit. Cranston merkt terecht op dat het hindoeïsme in India en het boeddhisme in Sri Lanka, Birma en Japan misschien zelfs het voortbestaan van het geloof in hun erfschat te danken hebben aan haar en haar rechterhand kolonel Henry Steel Olcott. Die twee gaven in de tweede helft van de vorige eeuw de hindoes en boeddhisten hun gevoel van eigenwaarde terug.

Als waardering voor wat de Theosofische Beweging in India had gedaan, gaf de regering in 1975 zelfs een postzegel uit bij de honderdste verjaardag van de Theosophical Society, met daarop het zegel van de Society en haar motto: 'Er is geen religie hoger dan de waarheid'.

Ook op mensen als Ghandi en Jawaharlal Nehru, die lid werd van de Society, hebben Blavatsky's theosofische ideeën grote invloed gehad. Tegenover zijn biograaf Louis Fischer verklaarde Ghandi: 'Theosofie is de leer van mevrouw Blavatsky. Het is het hindoeïsme op zijn best. Theosofie is de broederschap van de mensheid'.

De cultuurhistoricus Theodore Roszak, door Cranston geciteerd, noemde Blavatsky 'een van de grote geëmancipeerde vrouwen van haar tijd'. In haar boeken 'Isis Ontsluierd' en 'De Geheime Leer', verscheen “voor het eerst in het moderne Westen een filosofie over psychische en spirituele evolutie”. “Haar streven was er niet op gericht om, zoals bij de christelijke fundamentalisten, het werk van Darwin af te wijzen, maar om duidelijk te maken dat het, door zich op het zuiver materiële te richten, het verstandelijke, scheppende en intuïtieve leven van het mensenras geheel wegliet; kortom, hij liet het bewustzijn weg, waarvan de ontwikkeling een heel andere evolutionaire weg volgde. Darwin ging eenvoudig niet ver genoeg; zijn theorie was niet ruim genoeg om de menselijke aard werkelijk te omvatten”.

Cranston besteedt een heel hoofdstuk aan de invloed van Blavatsky's theosofische denkbeelden in de twintigste eeuw. Dat het atoom deelbaar is, zoals de natuurwetenschap inmiddels heeft vastgesteld, beweerde Blavatsky al in 'De Geheime Leer', maar die gedachte vond in haar tijd geen geloof. Ook beschrijft Cranston de invloed van Blavatsky en haar theosofie op schrijvers als William Butler Yeats en Thornton Wilder, E. M. Forster ('Howard's End') en D. H. Lawrence, op kunstenaars als Kandinsky, Klee, Mondriaan en Gauguin en op musici, met name Mahler, Sibelius en Skrjabin.

In de paragraaf 'Niet zonder eer' maakt Cranston melding van de hernieuwde belangstelling voor Blavatsky's leven en werk in haar moederland Rusland. In 1991, honderd jaar na het overlijden van hun illustere landgenote, stroomden inwoners van Moskou en omstreken toe voor een herdenkingsbijeenkomst ter ere van Madame in de Schrijversclub, veel te klein voor zo'n grote toeloop. Haar werk wordt herdrukt en vooral jonge Russen zijn sterk geïnteresseerd in haar theosofische leringen.

Hoewel natuurlijk niet nieuw, na de vele biografieën die eerder over haar verschenen, blijven het toch ook in Cranstons werk weer de fantastische avonturen en gebeurtenissen die deze vrouw heeft meegemaakt, die het meest fascineren. Haar wonderlijke jeugd in Rusland, haar zwerftochten over de wereld, haar ontmoetingen met Meesters van Wijsheid in het Verre Oosten, die na verloop van tijd bij wijze van spreken onder haar huid kropen en haar, naar eigen zeggen, het grootste deel dicteerden van 'De Geheime Leer'.

En, niet te vergeten, alle kostelijke verhalen over haar eigen paranormale gaven: de 'verschijnselen' die zij wist op te wekken - klopgeluiden, geluiden van 'astrale belletjes', bewegende meubels.

De vertaling van de biografie is af en toe niet denderend en dat de uitgave van de theosofen zelf is, is ook af en toe te merken. Maar naar mijn smaak slaagt Cranston erin objectief te blijven.

mailIcon print |