recensie Dr. E. Hofman: Nieuw licht op het Wilhelmus en zijn dichters. Boekencentrum, Zoetermeer; 124 blz. - ¿ 24,90.
Na de aandachttrekkende ontdekking van een oude versie uit 1578 van ons volkslied (door Martine de Bruin in februari van dit jaar in de Bibliothèque Nationale te Parijs) is er opnieuw interessant materiaal tevoorschijn gekomen.
Het is dit keer dr. E. Hofman, specialist op het gebied van de zestiende-eeuwse geestelijke lyriek, die nieuwe discussiestof op tafel legt. Hij vond in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag een map met drie niet genummerde handschriften over het 'liedeken Wilhelmus van Nassauwen', met daarbij handgeschreven aantekeningen.
In de map zitten diverse varianten van Wilhelmus-teksten. Hofman kwam aan de hand daarvan tot een reconstructie van een Wilhelmus-tekst die gedateerd kan worden op omstreeks 1569. Dat is negen jaar ouder dan de versie die Martine de Bruin ontdekte en twaalf jaar ouder dan de versie in het 'Geuzenliedboek' uit 1581. Die versie gold lange tijd als de oudst bekende Wilhelmus-tekst. Van die tekst uit 1581 is men de afgelopen eeuwen bij onderzoeken steeds uitgegaan.
Hofman stelt nu in zijn studie dat er aan de tekst uit het 'Geuzenliedboek', waar de versie van 1581 een afschrift van is, een andere tekst moet zijn voorafgegaan die daarvan ingrijpend verschilt. Bij zijn speurtocht stuitte Hofman op het gegeven dat er een handgeschreven Wilhelmus-tekst zou staan in een zestiende-eeuwse bundel 'Nederlandtsche Oudheden'. Zijn zoektocht naar die bundel in de Koninklijke Bibliotheek was tevergeefs, maar omdat het daar aanwezige materiaal uit de zestiende en zeventiende eeuw nog onvolledig is ontsloten, zijn er in dit opzicht hoopvolle perspectieven.
Reconstructie aan de hand van de door Hofman gevonden varianten brengt hem tot de uitspraak dat het Wilhelmus oorspronkelijk geen naamdicht is geweest. De oorspronkelijke compositie zou in de zestiende eeuw ernstig ontregeld zijn teneinde er een naamdicht van te maken. De versie uit 1569 was duidelijk niet het aan Willem van Nassov opgedragen strijd- en bevrijdingslied dat het Wilhelmus later werd.
Wat de tekstschrijver betreft gaat Hofman ervan uit dat er alle reden is om aan te nemen dat twee dichters aan de wieg van het Wilhelmus hebben gestaan. Hij heeft - in tegenstelling tot hetgeen Bram Maljaars in april van dit jaar in een doctorale studie over het Wilhelmus beweerde - sterke aanwijzingen dat een van die twee toch Marnix van St.-Aldegonde is geweest. Van St.-Aldegonde werd trouwens in 1602 al genoemd als dichter van het gehele Wilhelmus.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.