recensie Huckleberry Finn is in de verhalen van Mark Twain de schrik van iedere burger. Hij is lui, verwaarloosd, hij zwerft, zijn vader is gewelddadig en drinkt en over zijn moeder geen woord. Waarom gaat het Huck Finn dan toch niet slecht? Dat is de kernvraag in Waarom Huckleberry Finn niet verslaafd raakte, een boek van de Duitse arts en psychotherapeut Eckhard Schiffer dat een poging is verslaving en zelfdestructie bij jongeren te voorkomen.
Het aantal therapieën tegen verslaving groeit, maar volgens Schiffer zijn ze duur en ineffectief - net als voorlichting en het inzetten van meer politie. Schiffer hecht er veel meer waarde jongeren van binnenuit immuun te maken tegen verslavingen - of dat nu die aan gokken, drinken, drugs of geweld is.
Een verslaafde, weet Schiffer, heeft een lege, doodse, innerlijke wereld zonder fantasie. Huck Finn heeft absoluut geen slappe, doodse fantasie. Huck Finn kan ook zonder verslavende middelen 'overleven, zelfs al mist hij de geborgenheid van ouders. Volgens Schiffer zitten moderne kinderen overigens eerder in een klemmende wurggreep, van verbeten ouders die willen dat ze fantastisch tennissen en geweldig zijn op de dwarsfluit. Ze verdienen een 'vrijplaats', waar ze net als Huck Finn op avontuur kunnen gaan. (SWP, f 29,50, ISBN 90 6665 219 5
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.