recensie UTRECHT - Over twee jaar wordt Mahler, gestorven in 1911, antiek. Vallen zijn symfonieën nu nog te rekenen bij de muziek van de twintigste eeuw, vanaf 2000 kun je zijn werken als 'oude' muziek gaan aanmerken. Zo denkt de directeur van het Festival Oude Muziek, Casper Vogel; voor hem is Brahms nu al 'oude' muziek. Mahler hoorde hij al spelen op instrumenten die in de tweede helft van de negentiende eeuw gebruikt werden. Hij vond alleen de uitvoering nog niet goed genoeg.
Op zich interessante gedachten. Maar ervaren de liefhebbers die negentiende eeuw als 'oude' muziek? Laat ik mezelf nemen: zondagavond sloot het zeventiende festival in Vredenburg af met een programma gewijd aan Schubert (geestelijke stukken voor koor en orkest) en het 'Stabat Mater' voor solisten, koor en orkest van Rossini. Muziek die je kunt aantreffen in de normale programmering, weliswaar minder dan symfonieën van Brahms en Mahler.
Zondagavond had ik niet het gevoel naar 'oude' muziek te luisteren. Het koor (Chorus Musicus Köln) zong goed, maar zou dat net zo doen bij een modern betuigd orkest. De solisten zongen uitstekend (vooral de heldere, krachtige tenor José Reyes) maar zij hadden niets van het specialistische dat je associeert met 'oude' muziek. Zij zingen in operahuizen, werken met moderne orkesten en zetten echt een stem op. Alleen de instrumentalisten (Das neue Orchester) speelden op strijkinstrumenten met darmsnaren bespannen en op ouwe toeters. Dat leverde mooie klankmomenten op, maar ik heb talloze malen ervaren dat het Concertgebouworkest geleid door Riccardo Chailly nog veel subliemer expressie kan maken op moderne instrumenten. En Chailly is een paar klassen betere dirigent dan Christoph Spering; het samenspel verliep soms knap rafelig.
Wat is nou de meerwaarde van zo'n 'oude' Rossini. Eigenlijk weinig. Bovendien: als Brahms, Bruckner, Mahler, et cetera dan zo nodig op 'oude' instrumenten moeten klinken, dan wil ik daar ook een 'oude', echte symfonische concertzaal om heen. Die staat alleen in Amsterdam: het Concertgebouw, daterend van 1888. Dat is biotoop voor 'oude' Brahmsen, Mahlers, ed alius. Vredenburg, in 1978 gebouwd voor een symfonie-orkest is te benauwd voor grote symfonische muziek.
Bovendien de kosten: voor zo'n ensemble als zondagavond heb je minstens tien ensembles met muziek waar bovendien een veel grotere publieke belangstelling voor is. Schubert-Rossini zat lang niet vol; zondagmorgen trok het Rossini-con-crema programma bedroevend weinig bezoekers! Maar het zat stampvol bij Hespèrion met Montserrat Figueras en Jordi Savall in zestiende-eeuwse Spaanse muziek; de Gertrudiskerk puilde uit bij een perfect concert van Tapestry, een kwartet vrouwen met een schitterend programma rond Hildegard von Bingen; de Jacobi zat tweemaal stampvol bij de onvergetelijke 'Ordo virtutum' van Hildegard door Sequentia. Idem de Pieterskerk voor Anne Azéma. Dát is oude muziek; oud in de betekenis van: andere klank, tonaliteit, mentaliteit, meerstemmigheid. De Engelsen spreken van 'early music', de Duitsers van 'frühe Musik'. Op die 'vroege' muziek moet het Festival Oude Muziek zijn kaarten zetten. Ton Koopman had gelijk toen hij zei: “Ik ga niet verder dan Mozarts dood.” Jammer dat hij zich er niet aan gehouden heeft.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.