recensie Het Museum Mesdag, niet te verwarren met het eveneens in Den Haag gevestigde Panorama Mesdag, heeft lang een slapend bestaan geleid. Tot het in 1990 onder beheer van het Van Goghmuseum in Amsterdam kwam, telde het vanwege zijn collectie niet onbelangrijke museum dagelijks niet meer dan een handvol bezoekers. Met de komst van de nieuwe beheerder kwam daar verandering in. Het gebouw ging dicht om het middels een restauratie mogelijk te maken zowel de woon- en werkvertrekken van de schilder Hendrik Mesdag te bekijken als de door hem bijeengebrachte verzameling van schilderijen maar ook antieke voorwerpen en snuisterijen.
Een van de vele activiteiten die het Van Gogh rond het Mesdag heeft ontwikkeld, is de verschijning van de bestandscatalogus. Het omvangrijke boek maakt het mogelijk om het belang van de verzameling te leren. Vooral de aanwezigheid van de vele Franse realisten als Millet, Daubigny, Courbet en Corot en romantici als Rousseau en Gericault geeft een goed voorbeeld van Mesdags smaak. Meer nog dan die van de Haagse School-schilders die met Blommers, Mauve, De Haas, de broers Israëls en Maris, Roelofs en Toorop weliswaar breed vertegenwoordigd is maar geen echte hoogtepunten kent. Over inhoudelijke kwaliteit spreekt een catalogus als deze zich gewoontegetrouw niet uit, ze maakt de verzameling voor de beoordelaar echter wel toegankelijk.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.