recensie Tim Krabbé: De Paardentekenaar. Bert Bakker, Amsterdam; 255 blz. - ¿ 25.
Ten dele lag de thriller-achtige stijl van Krabbé ten grondslag aan de weifelende ontvangst van zijn boeken. Zo wees een adviescommissie van het Fonds voor de Letteren in 1984 een subsidie-aanvraag af voor Krabbé's succesvolste boek tot nu toe: 'Het gouden ei'. De schrijver toonde zich hoogst verontwaardigd. Hij vond dat zijn roman weldegelijk literair hoogstaand was en uitsteeg boven de 'spannende amusementslectuur', zoals het Fonds voor de Letteren 'Het gouden ei' had gekarakteriseerd.
Paradoxaal genoeg waren het een decennium later uitgerekend de schrijvers van thrillers die protesteerden toen Krabbé met de roman 'Vertraging' De Gouden Strop won, de prijs voor het spannendste boek. De lectuurschrijvers vonden nu juist dat Krabbé bij de literatuur hoorde, en daarom hun prijs niet mocht krijgen.
Dergelijke indelingskwesties zijn natuurlijk buitengewoon dubieus en triviaal. Toch is de inzet van het debat weldegelijk de overweging waard. Krabbé verwijt de critici dat zij geen waardering op kunnen brengen voor 'het goede verhaal'. In een interview in de Haagse Post na het verschijnen van 'Het gouden ei' riep hij: “De lagenziekte heerst in Nederland! Het misverstand heerst dat een boek met oppervlakte oppervlakkig is.”
Krabbé's beperkende opvattingen over de vorm spreken duidelijk uit 'De paardentekenaar', de onlangs verschenen bundel van zijn 'beste' verhalen. Al die verhalen zijn als gevolg daarvan razendsnel te lezen. Schijnbaar achteloos jaagt hij zijn personages over de pagina's, op weg naar de volgende dramatische plot. (Zelfs de climax heeft bij Krabbé een geschiedenis: hij heeft het wrede, claustrofobische slot van 'Het gouden ei' met hand en tand moeten verdedigen tegen de Amerikaanse verfilmers van het boekdie het schokkende einde voor hun tere filmpubliek wilden afzwakken).
De meeste verhalen uit 'De paardentekenaar' eindigen dan ook tragisch. In 'De Muur' wordt een verzetsheld omgebracht door de loodzware stenen herdenkingsplaquette, waarop hij zelf figureert. In 'De rots' pleegt een jongetje bijna zelfmoord en in 'De Matador' wordt de argeloze toerist Schwap, die in een Baskisch kustplaatsje herinneringen op komt halen, zonder pardon door de ETA gefusilleerd.
Ondanks de zware wendingen die zijn verhalen kenmerken, heeft Krabbé oog voor detail. In de mooiste verhalen uit de 'Paardentekenaar' buit hij de subtiliteit het beste uit. In 'Stanneke', dat nog niet eerder ergens werd gepuliceerd, jaagt een gevestigde journalist de schim van een ver verleden na. Hij komt er langzaam maar zeker achter hoeveel zijn eerste vriendinnetjes, Stanneke, voor hem heeft betekend. Via een omweg, de dood van zijn oude leraar Storm, komt de hoofdpersoon erachter hoe het Stanneke na hun schooltijd is vergaan.
Krabbé heeft dit verhaal met een mix van melancholie en afstandelijkheid geschreven. Dat blijft vooral uit de terloopse gedachten van de hoofdpersoon: “Het was prachtig weer bij de begrafenis, helder en zonnig, symbolisch voor Storm - maar ieder weer bij een begrafenis is symbolisch.”
De afkeer voor gelaagdheid en symboliek komt nog het sterkst tot uitdrukking in het titelverhaal van het bundel. Het lijkt wel of Krabbé in 'De paardentekenaar' de critici impliciet van repliek heeft willen dienen. Hij vertelt namelijk van de strijd van een klein jongetje met zijn vader, een experimentele kunstschilder. Het beste vriendje van het jongetje, Jan Punt, tekent mooi en natuurgetrouw paarden. De geborneerde vaderfiguur vindt die tekeningen maar niks. 'Cliché', merkt hij minzaam op. Wanneer de vader als tekenleraar voor de klas van de beide jongetjes komt te staan, verbiedt hij Jan Punt nog langer paarden te tekenen. Maar de heldhaftige Jan tekent gewoon door. Wat hij ook moet tekenen, hij levert een prachtig paard in.
Tim Krabbé is een soort Jan Punt. Hij zal altijd dezelfde, rechtlijnige verhalen blijven schrijven. Hij experimenteert niet met zijn vorm en slaat geen zijwegen in, waarin hij een ingewikkeld idee verbeeldt of een filosofie uiteenzet. Ondanks het onderhoudend en spannend zijn geschreven, zullen toch er altijd 'lagenzieke' lezers zijn die, zoals ik, iets missen. Veel meer dan de ontknoping valt er dan Krabbé's verhalen niet te ontdekken. Toen ik 'De paardentekenaar' dichtsloeg, was er geen verrassende gedachte of intrigerende zin in mijn hoofd blijven hangen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.