*

 

Hardste vechtersbaas wordt Priem door Lieke van Duin

LIEKE VAN DUIN − 21/06/95, 00:00

recensie Giles Diggle: 'Het hanengevecht', vert. Helene Reid, 225 p, Jenny de Jonge, ¿ 26,75, vanaf 12 jaar; Mieke van Hooft: 'Treiterkoppen', 160 p, Holland, ¿ 24,90, vanaf 9 jaar.

'Het hanengevecht' van de Britse auteur Giles Diggle en 'Treiterkoppen' van Mieke van Hooft zijn twee nieuwe boeken over pesten. In beide moet een nieuwe leerling zich waarmaken op school; in 'Het hanengevecht' is dat de 15-jarige Douglas in de vierde van de middelbare school en in 'Treiterkoppen' gaat het om de ongeveer 10-jarige Olaf op de basisschool. Beiden krijgen onmiddellijk een bijnaam: Olaf wordt Olaf Stank, vanwege zijn achternaam Stans en Douglas wordt Snoek omdat hij vanwege de fish-and-chips-zaak van zijn vader in het begin een vislucht om zich heen heeft hangen. Maar daar houdt de overeenkomst mee op.

Het sterkst geschreven van de twee is 'Het hanengevecht'. Het beschrijft hoe op een middelbare school in een plaatsje ten oosten van Londen in de loop der jaren door de leerlingen een systeem van macho-geweld is opgebouwd, zonder dat de leraren iets in de gaten (willen?) hebben. Het begon met partijtjes Ninja-achtig kickboksen waar geld werd ingezet.

Dat kickboksen groeit uit tot de instelling van een militaristische, fascistoïde organisatie, waarbij brugklassers tegen elkaar opgezet worden om te vechten. De acht sterksten worden Haan. Als Haan bèn je iemand. Wie in de eerste Haan was, wordt in de tweede Runner, in de derde Stomper, in de vierde Schraper en in de vijfde Steker. De sterkste Steker is de Priem, en dictator van de leerlingen. De Stekers zijn bewapend met messen, die ze in het handenarbeidlokaal geslepen hebben uit metalen linialen.

Amper op zijn nieuwe school maakt Douglas twee schokkende dingen mee: hij vindt het bebloede lijk van een ongeveer 12-jarige jongen in de netten van een cricket-oefenkooi, en hij stuit op Wazzer, de Priem van de school, als hij het - ondanks waarschuwingen van de omstanders zich er niet mee te bemoeien - opneemt voor de zwakste van twee vechtersbaasjes uit de brugklassen. Met zijn 1 meter 80 is Douglas een stuk groter dan Wazzer, maar deze 'neemt hem de halsmaat' met zijn mes. Door het gezag dat Wazzer blijkt te hebben, weet Douglas nu waar hij aan toe is. Hij wordt gepest en geschaduwd. Echter niet door Wazzer; die laat dat soort klusjes over aan zijn ondergeschikten. Douglas' vader praat met de rector, maar deze imponeert hem met 'geparfumeerde zinnen' over de uitstekende verstandhouding tussen de school en de politie.

Douglas gaat er niet aan onderdoor. Hij heeft zijn lengte mee, zijn kracht en hij is een uitmuntend keeper, waardoor zelfs de 'tweede man' van Wazzer, de beste voetballer van het schoolelftal, respect voor hem krijgt.

Samen met twee andere jongens organiseert Douglas het verzet tegen het Wazzer-imperium. De communicatie verloopt via het computernetwerk van de school, want Wazzer heeft daar zoveel macht als Saddam Hoessein in Irak. Ze vermoeden dat Wazzer te maken heeft met de dood van het jochie, dat vorig jaar de sterkste Haan was. Zo ontstaan op school een ondergrondse tegenbeweging, gericht op de ontmaskering van Wazzer c.s.. Tenslotte geven de meisjes, die tot dan toe fungeerden als versierobject, een fraaie wending aan deze machowereld en krijgt het verhaal een spectaculair slot, waarin het Wazzer-koninkrijk in elkaar stort, een interregionale criminele organisatie van pittbull-eigenaars in zijn val meeslepend.

Dit alles moge knap opgeklopt klinken voor een middelbare school, het wordt, op de ontknoping na, geloofwaardig en gedetailleerd beschreven. Het verhaal heeft de vakkundig opgevoerde spanning van een Engelse detective en vertaalster Helene Reid heeft de leesbaarheid met haar up-to-date scholierenjargon nog versterkt.

Wat de in detail uitgewerkte wreedheid betreft, en de hardnekkige blindheid van de volwassenen, doet de roman denken aan het werk van Peter Pohl. Maar Pohl heeft in 'Wij noemen hem Anna' geen enkele fiducie in de mens, terwijl in Diggle's roman het goede uiteindelijk het kwaad overwint. Bovendien verleent de per computer gevoerde strijd tussen de jongens om een meisje het verhaal een vleugje zeer welkome humor.

Wraak

'Treiterkoppen' is vergeleken met 'Het hanengevecht' oneindig veel onschuldiger. Criminaliteit is hierin niet aan de orde. Wat dit verhaal interessant maakt is het thema wraak, dat genuanceerd uitgewerkt wordt. Hoever kun je gaan met wraak nemen, en wanneer moet je stoppen? Wanneer is een geintje geen geintje meer?

Olaf raakt bevriend met Jacco, die hem helpt tegen zijn kwelgeest Derk. Met een ongeladen buks maken ze Derk tenslotte doodsbang, binden hem vast aan een boom, zoals Derk eerder bij Olaf gedaan heeft, en laten hem vervolgens alleen achter in een boshut. Maar hoewel Olaf 'met vlammend rode letters 'wraak!' in zijn taalschrift heeft geschreven, is het Jacco die het meest wraakzuchtig is. Olaf bevrijdt Derk 's avonds laat, tot woede van Jacco.

De karakters in 'Treiterkoppen' zijn nogal stereotiep. Hoofdpersoon Olaf is een vreselijk braaf jongetje, dat voor zijn moeder, die net een baby heeft, kookt en afwast zonder dat hem dat gevraagd wordt. Derk daarentegen is de geharde pestkop, die achteraf gezien een angstig jongetje blijkt met een vader die alcoholist is. Jacco is interessanter, met èn zijn vriendschap voor Olaf, èn zijn behoefte aan wraak.

mailIcon print |