recensie W. A. A. Mes (red.): Céramique Maastricht. Uitgeverij 010, Rotterdam; geïll. 128 blz. - ¿49,50.
Het hier besproken boek concentreert zich op het Céramique-terrein in Maastricht, waar tot voor kort de Sphinx-keramiekfabrieken stonden. In 1988 maakte de Maastrichtse architect Jo Coenen daar een ambitieus ontwerp voor met woningen, winkels, kantoren en een museum (het Bonnefantenmuseum). Erg diep gaan de auteurs niet in op de merites van Coenens plan. Meer dan in de andere boeken over dit soort onderwerpen, concentreert het zich op de industriële en stedenbouwkundige historie van de plek. Daarnaast wordt ingegaan op de architectuur van de Céramique-fabrieken. Deze invalshoek mondt uiteindelijk uit in een verhaal over de nieuwbouw van het Bonnefantenmuseum en meer specifiek de integratie van de Wiebengahal - een fabriekshal met een bijzondere betonnen boogconstructie op de zolderverdieping - in de nieuwbouwplannen. Het is een manier van hergebruik van industrieel erfgoed, die volgens auteur Daniëls door Jo Coenen te weinig is toegepast in zijn plan. Naast de Wiebengahal heeft alleen de biscuithal-bordenfabriek het mes van Coenen 'overleefd'.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.