*

 

Niet van deze tijd

Hester Haarsma − 28/12/99, 00:00

recensie Het is pijnlijk als aan het einde van tweeduizend jaar christendom nog eens flink aan bijbelse waarheden wordt geschud. Enkele maanden voor het nieuwe millennium schreef archeoloog Ze'ev Herzog dat het oude testament vol onjuistheden zit.

Het blad Profetisch Perspectief van Christenen voor Israël slaat terug met een speciale bijlage naar aanleiding van de publicatie van Herzog. De 'rechtszaak' is begonnen.

Als eerste deskundige wordt P.A. Siebesma, die semitische talen bestudeerde, naar voren gebracht. Hij zegt dat de archeologen hun 'bewijzen' baseren op hetgeen ze niet hebben gevonden. Veel liever plaatst Siebesma de vraagtekens bij de archeologie zelf. Het beloofde land is nog steeds voor de Joden, pleit hij. ,,Niet op basis van de archeologie, maar op basis van de bijbel. God belooft Abraham dat zijn nageslacht eenmaal het land van Israël zal bezitten. Het is op basis van dit document dat Israël recht kan laten gelden op het beloofde land. Natuurlijk worden die aanspraken niet door iedereen aanvaard, maar het vormt mijn inziens wel de enige basis. De archeologie kan daaraan niets toevoegen of afdoen.'

De volgende deskundige is rabbijn L.B. van de Kamp. Hij wijst op de vroegere Joodse geleerden van wie de commentaren pasten binnen de kaders van de waarheid. De openbaringen van de schepper vormen het enige maatgevende criterium waar in de lijn van de eeuwigheid geen enkele niet-gelovige wetenschapper tegen opgewassen is, zegt Van de Kamp. Een wetenschapper als Herzog ontspoort als hij zich verdiept in de bijbelse waarheid, stelt Van de Kamp. ,,Het vergelijken van twee disciplines die ieder ondergeschikt zijn aan een tegenovergestelde methode van kennisontwikkeling leidt slechts tot 'blunders' zoals Herzog ze heeft begaan.' Bemoedigend zegt hij tegen de gelovigen dat ze in goed vertrouwen moeten vasthouden aan de absolute bijbelse waarheid. ,,Met of zonder Ze'ev Herzogs opgravingen'. De Christenen voor Israël kunnen met een gerust hart het nieuwe millennium ingaan.

Kritische geluiden stijgen op uit de kerkbladen. Wordt niet het einde der tijden besproken, dan is het wel de aansporing om spiritueel het nieuwe jaar in te gaan.

Een volgend oordeel komt van de zijde van de Sow-kerk, vanuit de eigen hervormde gelederen. Het blad Woord & Dienst heeft onlangs wel de rechtstreekse relatie met die kerk verbroken. Flink wordt de opening van het landelijk dienstencentrum onder vuur genomen wegens gemis aan nieuw spiritueel elan. Sow-predikant Jean-Jacques Suurmond vraagt zich af of deze kantorenkathedraal past in deze tijd. ,,Ik signaleer namelijk een afnemend draagvlak voor zo'n opgetuigde organisatie. Dit, terwijl de mensen wel degelijk verlangen naar wat de kerk wezenlijk te bieden heeft.' De plaatselijke kerk moet het uitgangspunt zijn en 'een organisatie die als een flexibel weefsel de gemeenten met elkaar verbindt'.

De vooruitzichten zijn somber. De mensen verlangen naar echte relaties, maar de kerk laat dat liggen. Door de organisatorische structuur is er nauwelijks ruimte voor die ontmoeting, zegt Suurmond. ,,Als een Saulsharnas slokt deze zelf de meeste aandacht en energie van de kerk op. Het logge calvinistische model met zijn afvaardiging door ambtsdragers, de vele vergaderingen en nu ook nog een massief landelijk centrum, is niet meer van deze tijd.'

Toch is niet alles reddeloos. Mensen kijken naar een nieuw millennium, vol hoop op een betere toekomst. C. van der Kooi maakt in De Waagschaal een pas op de plaats. Duizend jaar is te veel voor de mens om te behappen en het is tijd om tot rust te komen. ,,Als we echt alleen met ons zelf te maken hebben, als echt deze wereld alleen mensenwerk is, dan zijn we verloren in een eindeloze ruimte. Dan hebben we de tijd, maar de tijd wordt tot gapende leegte. Daarom lijkt het me beter terug te gaan naar de maat van de dag, het ritme dat in de Schriften wordt beschouwd als gave van God. Alleen binnen een dergelijke omgang met de tijd verwordt de tijd niet tot een verschrikking, maar tot een mogelijkheid van werk, ontplooiing en genieting', aldus Van der Kooi. Wat dat betreft heeft ook het landelijk dienstencentrum nog ruim de tijd om wel van deze tijd te worden.

mailIcon print |