recensie De keuze aan cd's is tegenwoordig zo groot dat potentiële kopers al snel aan verwarring ten prooi vallen. 'Voorspel', van de Belgische muziekscribent Bert Eeckhout, wil hun de helpende hand bieden. Eeckhout bewerkte voor dit boek een selectie uit bijdragen die hij voor het 'Nieuwe Wereldtijdschrift' schreef. Het resultaat mag er wezen. In twintig tegen het essay aanleunende verhalen, steeds anders van opzet, etaleert hij zijn kennis en goede smaak. Eeckhout is van huis uit geen musicoloog - wat zo zijn voordelen heeft. Hij is nooit betweterig, onderschat zijn publiek niet en blijft toch begrijpelijk.
De onderwerpen waarover hij schrijft zijn divers. Een beschouwing over zeven verschillende interpretaties van de Préludes van Debussy staat tussen een interview met de pianist (en piano-fortespeler) Jos van Immerseel en een verhaal over de klavecinist Christophe Rousset. Een bespreking van de cellosuites van Bach, uitgevoerd door Heinrich Schiff, wordt geflankeerd door verhalen over Cecilia Bartoli en Valeri Gergjev. Daarbij levert Eeckhout veel achtergrondinformatie. Hij plaatst zijn personages en hun muziek in een historische context, legt dwarsverbindingen met andere takken van kunst en geeft psychologische analyses. Zijn stijl is plastisch, flamboyant en bevlogen. Zwaarwichtig wordt de schrijver nooit, maar oppervlakkig evenmin.
Een van de mooiste stukken is gewijd aan Svjatoslav Richter, de Russische pianist die op 1 augustus overleed. Op dezelfde dag stierf Gérard van Blerk, een Nederlandse pianist die maar weinig opnames maakte en toch zo prachtig speelde. Over hem had ik bij Eeckhout ook graag iets gelezen. Maar deze volgt het spoor van de marktmechanismes. Ik denk echter dat Richter, die uiterst bescheiden was en - al zeer beroemd - in Parijs les nam om meer vat te krijgen op Debussy, aangenaam verrast moet zijn geweest toen hij bij de hemelpoort iemand aantrof die deze muziek misschien wel beter speelde dan hijzelf.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.