recensie De jaarboeken zijn een fenomeen in de Nederlandse architectuur. Ze zijn een ijkpunt voor wat als het beste van het afgelopen jaar wordt gezien, waardoor een uitverkiezing voor de betrokken architecten een grote eer is. Alhoewel bij sommige architecten de gewenning groot zal zijn, omdat alles dat ze bouwen automatisch in het Jaarboek komt. Het gaat dan om architecten als Neutelings, Koolhaas en Van Berkel. In principe gaat het boek over bouwwerken in Nederland, maar bij gebrek aan een interessant project van Koolhaas afgelopen jaar in ons land is in de jongste editie ook een gebouw uit het buitenland in het overzicht opgenomen: zijn villa in Bordeaux. Een prachtig ontwerp, dat vooral uitblinkt in constructiedetails als een enorme platformlift die als een verticale as voor de invalide bewoner alle delen van het huis met elkaar verbindt. Maar de villa staat wel in Frankrijk, terwijl zoveel architecten met hun Hollandse bouwwerken hunkeren naar een van de plaatsen in het boek.
Ieder jaar dezelfde namen, dezelfde soort architectuur. Er is wel eens een poging gedaan om grotere bouwgroepen aan de orde te stellen, en dus ook de 'mindere' goden een kans te geven, maar we zijn weer terug bij de oude formule. Het vergroot de voorspelbaarheid van het boek (al zitten er iedere editie ook weer ontdekkingen tussen, zoals ditmaal een uitvaartcentrum van Molenaar & Van Winden in Delft), maar het heeft ook iets geruststellends. Ieder jaar verschijnt er een stapel papier voor de boekenkast, die een fraaie referentie is voor de staat van de hedendaagse elite in de Nederlandse architectuur.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.