*

 

Nabokov preludeert in 'De tovenaar' op 'Lolita'

T. VAN DEEL − 25/10/96, 00:00

recensie Vladimir Nabokov: De tovenaar. Vert. Marja Wiebes. Nawoord Dmitri Nabokov. De Bezige Bij, Amsterdam; 96 blz. - ¿ 29,90.

Het is pas in 1986, bijna tien jaar na Nabokovs dood dus, door zijn zoon Dmitri uitgegeven. De Bezige Bij voegt het verhaal nu terecht als een aparte uitgave toe aan haar schitterende reeks Nabokov-vertalingen. 'De tovenaar' is volgens Nabokov zelf “een prachtig stuk Russisch proza, helder en precies”. Hoewel er een Engelse vertaling van Dmitri voorhanden is, heeft Marja Wiebes vanzelfsprekend de Russische tekst vertaald. Het is een fascinerend verhaal over een man die verliefd wordt op een jong meisje, een nimfijn, en die omwille van haar zelfs met haar chagrijnige moeder in het huwelijk treedt. Is die eenmaal gestorven, wat al werd voorzien, dan denkt hij haar helemaal voor zichzelf te hebben op een reis die ze samen ondernemen. Maar al de eerste nacht in het hotel, als zij slaapt, kan hij zijn lichaam niet meer beheersen. Haar ontwaken betekent het einde van deze noodlottige liefde. Het verhaal is beeldend geschreven, de plot is dramatisch, thrillerachtig, en speelt vernuftig met de tegenstelling tussen verbeelding en werkelijkheid. Het belendende commentaar van Dmitri Nabokov, die zijn vader in het ellenlange nawoord bijkans parodieert, relativeert het verband tussen 'Lolita' en 'De tovenaar': ze zijn 'slechts zijdelings verwant'. Maar toch.

mailIcon print |