*

 

Harnoncourt verkavelt hemelse Schubert

Anthony Fiumara − 30/11/02, 00:00

recensie Als je zijn volledige naam uitgeschreven ziet, begrijp je hoe de in Berlijn geboren Oostenrijkse dirigent zijn orkesten zo'n nobele klank kan ontlokken. Johannes Nikolaus de la Fontaine und d'Harnoncourt (beter bekend als Harnoncourt) stroomt namelijk het blauwe bloed van de Habsburgers door de aderen.

Harnoncourt ziet zichzelf het liefst als tolk. Eentje die de taal van componisten uit het verleden begrijpelijk wil maken voor het hedendaagse publiek. En die de muziek van eeuwen terug wil ontdoen van de grauwsluier die zijn voorgangers er overheen legden. Een nobel adagium, dat hij ook donderdagavond in de grote zaal van het Amsterdamse Concertgebouw met het Koninklijk Concertgebouworkest weer in de praktijk bracht.

Zelfs in de lichtvoetige openingscomposities van Franz Schubert (Ouverture 'Im italienischen Stile' in D) en Robert Schumann (Ouverture, Scherzo en Finale) toonde Harnoncourt een kleurenpracht die je zelden hoort bij deze werken. De dirigent eiste volledige flexibiliteit voor zijn detaillistische schilderingen en fraseringen, en kréég die ook. Transparant, licht en fris klonk het Concertgebouworkest.

Met zijn nadruk op de details deed Harnoncourt vooral in de uitvoering van Schuberts Achtste symfonie meer nog dan aan een tolk denken aan een natuurgids die zijn publiek meevoert tijdens een lange bostocht. Het eerste halfuur viel je van de ene verbazing in de andere: elk bloempje werd gedetermineerd en ieder vogeltje kreeg een naam. Maar al snel werd die ambulante exegese vermoeiend en zag je letterlijk door de bomen het bos niet meer. Harnoncourt wilde zijn luisteraars attent maken op alle kleine frases en hij gebruikte elke komma in de muziek voor een lange snuivende adempauze. En juist dat aspect deed Schuberts Achtste (door Schumann ooit geroemd om zijn 'hemelse lengte') geen goed. Het oneindig weidse landschap werd onder je ogen verkaveld, terwijl hier juist de grote vorm de aandacht had moeten krijgen. Al klonk het openingsdeel met zijn prachtige hoorn-introductie betoverend en was de finale met haar schetterende koper spannend en heftig. En dus bleef je achter met het gevoel iedere zeldzame paddestoel te hebben gezien. Maar waar waren nou die uitgestrekte wouden waar ze het in de folder over hadden?

mailIcon print |