*

 

Sammie Eigenwijs doet alles zelf

LIEKE VAN DUIN − 13/09/95, 00:00

recensie Francine Oomen: 'Sammie Eigenwijs', Van Goor, ¿ 24,90; Judy Hindley en William Benedict: 'De grote rode bus', Gottmer, ¿ 19,90; Trish Cooke en Helen Oxenbury: 'Zó veel', Gottmer, ¿ 24,90; Riemkje Pitstra en Marianna van Tuinen: 'Grutte Giele & Lytse Loer', Stichting It Fryske Boek, t/m 21/10: ¿ 4,95 bij aanschaf van ¿ 10 aan Friestalige kinderboeken; daarna ¿ 16,50; alle vanaf 21/2 à 3 jaar.

'Sammie Eigenwijs' is het prentenboekdebuut van Francine Oomen, en het mag er zijn. Een cyclisch, herkenbaar verhaallijntje dat in het veilige konijnehol begint en eindigt, maar ook spanning en avontuur brengt. En stevige, direct aansprekende prenten in heldere kleuren, vertederend, maar zonder poezeligheid. Met Sammie als ondernemend konijnekind met wie elke naar zelfstandigheid strevende peuter zich graag zal identificeren.

Deze maand, door de bibliotheken in Noord-Nederland uitgeroepen tot peuterboekenmaand, verschijnen er armenvol goede prentenboeken. Vorige week kwamen in deze rubriek nieuwe boeken voor nul- tot driejarigen ter sprake, nu zijn die voor drie- tot zesjarigen aan de beurt.

'De grote rode bus' van Judy Hindley en William Benedict is evenals 'Sammie Eigenwijs' zo'n prentenboek waar menige peuter verzot op zal raken. Het heeft iets ouderwets gezelligs, niet alleen omdat de rode bus zo'n romantisch model uit de jaren vijftig is, maar ook omdat Benedict onbekommerd strip-achtig heeft getekend, compleet met enthousiast wolkende vroem-vroem-uitlaatgassen. De kracht ligt weer in de eenvoud van het verhaal, dat het stramien probleem-chaos-oplossing volgt. De bus komt vast te zitten in een gat in de weg en houdt het verkeer op. De middelste pagina's zijn uitklapbaar en tonen de verkeersopstopping in volle glorie. Een plezierig pretentieloos prentenboek met onvervalste rode-autootjes-magie.

Ook 'Zó veel' van Trish Cooke en Helen Oxenbury is vrolijk. Trish Cooke heeft er een stapelverhaal van gemaakt, dat zich afspeelt in een Caribisch ogende familie met een peuter als hoofdpersoon. Steeds gaat de bel en komen er andere familieleden binnen die met de kleine knuffelen, zingen, dansen en dollen. Tot het feest voorbij is en hij naar bed gebracht wordt. Tekstueel is het boek niet zo sterk: na elke binnenkomst is er een moment van opwinding, waarna de sfeer even inzakt: 'Ze vervelen zich een beetje', tot de bel weer gaat. Pas als de jarige vader van de peuter binnenkomt, barst het feest echt los.

Dat vervelen tussendoor is niet geloofwaardig, maar Oxenbury heeft het wel handig aangegrepen om ritme in haar prenten te brengen. De momenten van binnenkomst en stoeien met de kleine zijn geschilderd als explosies van kleurige uitbundigheid, terwijl het vervelen sober neergezet is in zwart, grijs en bruin, met soms een toefje rood. In deze prenten werkt Oxenbury geraffineerd met zich herhalende patronen en schaduwen, waardoor ze een sterk grafisch effect sorteren en een welkome afwisseling vormen met de exotische feestvreugde in de andere prenten.

Qua stijl en techniek is dit boek, vergeleken met Oxenbury's eerdere werk, verrassend. Meestal werkt ze in aquarel, met losse, open lijnen en weinig details, maar in 'Zó veel' schilderde ze met dekkende verf, gesloten lijnen en zeer gedetailleerd. Alsof ze tijdenlang houding, gelaatstrekken, bewegingspatronen, haardracht en kleding van Caribische mensen bestudeerd heeft. Toch schildert ze hen niet puur naturalistisch, zoals in 'Rosa' en 'Djo Boy' van Caroline Binch. Ze durft ze zelfs een tikkeltje karikaturaal af te beelden. Dúrft, ja. Want er geldt nog altijd een ongeschreven regel dat blanke kunstenaars zwarte mensen niet karikaturaal mogen afbeelden, omdat dat in het verleden al veel te veel is gebeurd. Oxenbury's Caribische familie is echter lekker karikaturaal: menselijk, op elkaar betrokken. Je zou zó mee willen dansen.

De laatste jaren verschijnt in september een Fries kinderboek, thematisch aansluitend op de Kinderboekenweek, van opmerkelijk hoge kwaliteit. Vorig jaar was dat 'De Kilekanen' van Berber van de Geest, dit jaar het prentenboek 'Grutte Giele & Lytse Loer', van Riemkje Pitstra en Marianna van Tuinen. Het is een kleurig 'Oost West, thuis best'-verhaal over een hond en een kat die niet meer tevreden zijn over hun slaapplaats thuis en de wijde wereld intrekken, op zoek naar een beter plekje. Het is voorspelbaar waar ze ten slotte 'it moaiste sliepplakje fan de hiele wrâld' vinden, maar ze beleven net als Sammie Eigenwijs spannende avonturen. De frisse collages van Marianna van Tuinen, over dubbele pagina's, zijn verhalend en compositorisch sterk.

mailIcon print |