recensie Nicholas Evans: De Paardenfluisteraar. Vert. Irving Pardoen. De Boekerij, Amsterdam; 330 blz. ¿ 34,90.
Zo'n verstandhouding moet natuurlijk wel bevochten worden: “Toen Grace op hem zat en voelde hoeveel leven er in hem zat, wist ze dat hij in wezen goedig was en niet gemeen en dat ze het goed zouden kunnen vinden samen.”
Het is proza dat met zijn herhalingen en clichés niet direct voor een schoonheidsprijs in aanmerking komt, maar een kniesoor die daarop let. Het wordt wat anders als de schrijver van dit soort zinnen wordt aangeprezen als 'een schitterende nieuwe stem in de literatuur'. Dat is het geval met de Britse auteur Nicholas Evans, uit wiens debuut 'De paardenfluisteraar' bovenstaand citaat afkomstig is.
Het succes van deze roman - hij schoot in Amerika als een komeet naar de eerste plaats van de top tien - is het resultaat van uitgekiende marketing en illustratief voor de overspannen reacties op een commercieel interessant produkt. Nog voor Evans het boek af had, was zijn literair agent er al mee op de markt: Robert Redford - wat heeft die man toch met paarden? - wist de filmrechten te verwerven voor het sommetje van drie miljoen dollar.
Voor eenzelfde bedrag veroverde de Amerikaanse uitgeverij Dell de publikatierechten, waarna nog eens zeventien landen de vertaalrechten kochten voor een totaal van een slordige zestien miljoen gulden.
'De paardenfluisteraar' beschrijft een dramatische periode uit het leven van de dertienjarige Grace, die op een winterse dag met haar paard Pilgrim op een spiegelgladde helling onderuit gaat en bekneld raakt onder een truck met oplegger waarvan de remmen blokkeren. Ze overleven het, maar Grace moet een been missen en Pilgrim is zwaar gewond. Annie, de moeder van Grace, wil hem niet af laten maken, omdat ze het gevoel heeft dat het herstel van Grace onlosmakelijk verbonden is met Pilgrim's conditie. Ze gaat op zoek naar iemand die Pilgrim - en indirect haar dochter - weer op de been kan helpen.
Zo komt ze in contact met Tom Booker, een paardenfluisteraar: hij bezit de gave om met zijn stem wilde paarden te kalmeren en met zijn inlevingsvermogen getraumatiseerde paarden te genezen. Terwijl haar man Robert, een briljante jurist, in New York achterblijft, reist Annie met Grace en Pilgrim naar het verre Montana waar Tom Booker zijn domicilie heeft. De gevolgen laten zich raden.
Het boek wordt geafficheerd als 'een emotionele reis', een vlag die de lading niet helemaal dekt, al leunt Evans hier en daar stevig aan tegen het holistische gedachtengoed: “Al het bestaande vormde een eenheid”. Toch gaat het maar om incidentele passages met een hoog New-Age-gehalte, die het betrekkelijk simpele verhaaltje kennelijk ideologisch omhoog moeten krikken. Evans, die voorheen zijn brood verdiende met het schrijven en produceren van documentaires voor de BBC, weet natuurlijk wel hoe hij een verhaal moet opbouwen: de passages die toewerken naar het ongeluk, zijn strak parallel gemonteerd, maar die rechtlijnige constructie brengt tegelijkertijd een enorme voorspelbaarheid met zich mee. De vrijheid die de roman biedt ten opzichte van het keurslijf van een documentaire produktie, is door Evans onvoldoende benut.
Het verhaal spoort wel met de tijdgeest: de tegenstelling tussen het hectische New York en de ongerepte natuur van het weidse Montana laat zich natuurlijk goed combineren met het idee van amputatie en healing. Dravende paarden appelleren prachtig aan een gevoel van avontuur dat met het voortschrijden van de westerse cultuur een steeds zeldzamer artikel is geworden.
Maar de psychologische uitdieping van de personages schiet hopeloos te kort en de liefdespassages zijn pijnlijk clichématig: als Annie naar haar minnaar kijkt, ziet ze hem nogal eens omkranst door het stralende zonlicht of gevangen in het licht van de maan. Dat belooft dus weer een geweldige ego-trip voor Redford, die zichzelf ongetwijfeld als de ideale vertolker van de stoere paardenfluisteraar zal zien.
Ik heb sterk de indruk dat we voorlopig niets meer zullen vernemen van deze 'schitterende nieuwe stem in de literatuur'. Ondanks zijn commerciële succes lijkt me zijn positie als schrijver niet echt benijdenswaardig: je bent als een voetballer die voortdurend zijn krankzinnige transfersom moet waarmaken. De eerste kritieken in toonaangevende bladen waren ronduit vernietigend. Wie het boek gelezen heeft, kan zich alleen maar verbazen over de omvang van deze literaire hype. De schrijver Evans is door de commercie volledig over het paard getild.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.