*

 

Cyrille Offermans' bezwaren tegen de geest der eeuw

ROB SCHOUTEN − 03/01/97, 00:00

recensie Cyrille Offermans, Dag lieve vis - Essays. De Bezige Bij, Amsterdam; 248 blz. - ¿ 39,90.

W. F. Hermans, Karel van het Reve, Rudy Kousbroek, Hugo Brandt Corstius, Kees Verheul - ze hebben in meer of mindere mate ook primaire literatuur, fictie, afgeleverd. Vaak zie je dan ook dat deze deeltijd-essayisten vooral hun stokpaardjes berijden en kleine ergernissen of verrassingen op hun essayistische programma zetten.

Zo iemand is Cyrille Offermans niet, hij is de essayist pur sang. Zijn belangstelling is niet primair literair of artistiek gericht maar hij put zijn onderwerpen behalve uit de kunst vooral uit de cultuurgeschiedenis, de sociologie en de filosofie. Hij is niet iemand die stil blijft staan bij het enkele kunstwerk maar er direct een heel (maatschappij)-kritisch apparaat op loslaat.

Zijn denken is sterk beïnvloed door de voormannen van de Frankfurter Schule, Adorno en Habermas met name, die poogden zowel innerlijke tegenstrijdigheden in de democratische samenleving bloot te leggen als een geëngageerde wetenschap te creëren.In hun denkbeelden was kunst (evenals andere sociale uitingen) nooit een zaak van alleen schoonheid maar primair een uiting van een bepaalde maatschappelijke gesteldheid.

In zijn jongste essaybundel, 'Dag lieve vis' (een citaat van Van Ostayen), verwoordt Offermans zijn credo als volgt:

“Ik geloof niet in zuivere literatuur. Elk gedicht, elke roman bestaat uit woorden, zinnen, vormen die ongewild naar een bepaalde tijd verwijzen. Ik geloof dus ook niet in een hiërarchie tussen de literaire genres gebaseerd op de mate waarin een tekst zich heeft gedistantieerd van de actualiteit (en volgens welke een gedicht dus hoger staat dan een roman, een roman of verhaal hoger dan een essay en een essay hoger dan een reportage).”

Voor Offermans is dus iedere kunstuiting bedoeld of onbedoeld geëngageerd en zegt ze iets over de tijd waarin de schrijver leefde en de tijd waarin wij de boodschap ontvangen.

Offermans is ook een product van het humanisme en de Verlichting, het denken waarin men poogt de mens te verbeteren. Je krijgt soms zelfs het gevoel dat voor hem pure esthetiek en nihilisme gevaarlijk dicht bij elkaar liggen. In twee boeiende essays over vermeende misantropen, de Italiaan Ceronetti en de Roemeense Fransman E. M. Cioran (die de laatste tijd door vertalingen van zijn werk in ruimere Nederlandse kring bekendheid heeft gekregen) komt zijn standpunt naar voren.

Het pessimisme en de mensenhaat van Ceronetti (“de mens kan niet meer veranderen, noch een andere weg kiezen; hij kan alleen slecht eindigen”) is paradoxaal genoeg niet uitzichtloos maar hij is een 'asceet uit verlangen naar heilzame ervaringen'. Cioran daarentegen staat een radicale terugtocht uit de wereld voor, hij “zou 'een waarheid' willen verkondigen die hem liefst 'voor eeuwig uit de boeken der levenden verdreef'. Dat plaatst zijn afkeer van populariteit in een ander, minder lofwaardig daglicht.” Het is duidelijk dat Offermans van zo'n radicaal escapisme niet veel wil weten; een direct of averechts engagement met de wereld is hem heel wat liever.

Vandaar zijn voorkeur voor kunstenaars in een grenssituatie, daar waar de mens twijfelt tussen leven en dood, daar waar hij de dingen als het ware op het scherpst van de snede ervaart zonder ervoor op de loop te gaan. Vandaar ook zijn voorkeur voor figuren als Goya (over wie hij in zijn vorige essaybundel, 'Niemand ontkomt', een reeks boeiende opstellen schreef) en de late Beethoven.

In het opstel 'Ondergang in soorten' over de tekeningen van George Grosz, schetst hij hoeveel liever de woedend betrokken kunstenaar Grosz, die de Duitse bourgeois-geest en het bekrompen militarisme in de eerste twee decennia van deze eeuw in graffiti-achtige tekeningen opriep, hem is dan de Grosz, die later naar Amerika vertrok en in dezelfde stijl maar zonder het inlevingsvermogen een soort onverplichte ironie afleverde.

De inzet van een kunstenaar moet altijd hoog zijn, is de achterliggende gedachte en met die voorwaarde begeeft Offermans zich in 'Dag lieve vis' in het oeuvre van zulke diverse kunstenaars als Hans Faverey, Daniël Robberechts en de schilder Harrie Gerritz en werpt er zijn evenzeer persoonlijke als scherpzinnige licht op.

Offermans heeft zich altijd sterk met de avant-garde verbonden gevoeld (alle avant-gardes bedoel ik) en de teloorgang van een kritische vooruitstrevende mentaliteit in onze tijd geeft hem soms essays in met een soort 'bezwaren tegen de geest van deze tijd'. In 'Waar het pijn doet' verzet hij zich tegen de lees-commercie van onze tijd. In zijn opvatting is de ware lezer een 'grensganger', die zich niet laat sturen door media-bombardementen en marketingspecialisten. Waar hij het idee vandaan haalt dat de glorietijd van deze omnivore lezer voor tijdgenoten in het jaar 1970 moet worden gesitueerd, is mij onduidelijk, maar ik vermoed dat hij aan zijn eigen studietijd refereert.

In 'De teloorgang van de humanistische traditie in het onderwijs' richt hij zich tegen de onderwijspraktijk van onze tijd. Het is een intelligent betoog tegen de 'opvoedingsdressuur' van mensen als Ritzen en andere onderwijsmagnaten die economisch nut en efficiency laten prevaleren boven het moeilijk bewijsbare nut van een brede educatie. Offermans vindt het krankzinnig dat er juist in een wereld die steeds complexer wordt, over 'studieduurverkorting' wordt gepraat. Hij ziet eerder argumenten voor een studieduurverlenging.

Welk onderwerp hij ook aanraakt, steeds gaat het deze essayist om de verantwoordelijkheid die kunstenaar en intellectueel dragen voor het welzijn en het geweten van de maatschappij. De marxistische ideologie, waardoor zijn denken sterk is beïnvloed (al was hij nooit een slaafse volgeling) moge haar kracht hebben verloren, dat betekent niet dat het kind (maatschappelijke betrokkenheid) maar met het badwater (historisch materialisme) moet worden weggegooid.

Offermans' essays zijn evenzovele bezwaarschriften tegen de mogelijke verloedering en esthetische vrijblijvendheid van kunst en intellect.

mailIcon print |