recensie Victor Roland Gold, Thomas L. Hoyt e. a. (red.): The New Testament and Psalms - An Inclusive Version. Oxford University Press, New York; geb., 535 blz. - ca ¿ 40.
The New Testament and Psalms - An Inclusive Version is een uitgave van de prestigieuze Oxford University Press, afdeling New York. In honderden teksten hebben de samenstellers huisgehouden. 'Onze Vader' vervingen ze door 'Onze Vader-Moeder'; 'de Heer' door 'God'; 'the King of Kings' door het ook op vrouwen toepasselijke 'the Sovereign of Sovereigns'; en 'de rechterhand des Heren' door 'Gods machtige hand'.
Geslachtsregisters zijn niet aan hun vrouwvriendelijke argusogen ontsnapt. Zo dacht macho Mattheus in een overzicht van Jezus' voorouders te mogen volstaan met mededelingen als: Abraham verwekte Izak, Izak op zijn beurt Jakob, en Jakob vervolgens Juda en zijn broers. De inclusive version rehabiliteert de vergeten moeders: “Abraham en Sara waren de ouders van Izak, en Izak en Rebekka de ouders van Jakob, en Jakob en Lea de ouders van Juda en zijn broers”. Zus Dina is, helaas, nog niet van de partij.
De vertalers rechtvaardigen hun plastische chirurgie met vertaaltheoretische argumenten én een beroep op de strekking van de Bijbel. Die gaat immers uit van de gelijkwaardigheid van alle mensen, ongeacht hun sekse, ras, godsdienst (jawel) en fysieke hoedanigheid. De vraag waarom de bijbelschrijvers die verlichte gedachte nogal eens weggemoffeld hebben, behandelen de vertalers niet.
Evenmin bespreken ze het hinderlijke vermoeden dat wie Jezus tot zijn 'Vader-Moeder' laat bidden, hem net zo goed in een Lelijke Eend naar Jeruzalem kan laten rijden, in plaats van op een ezel. Met andere woorden, als de Bijbel dan toch aangepast moet worden aan de westerse beschaving van nu, waarom dan half werk geleverd en voornamelijk de beeldspraak aangevat? Zulke vragen mogen onze dankbaarheid evenwel niet overstemmen. Beter dan welke rivaal slaagt de inclusive version erin, bij mensen zonder historisch besef de indruk weg te poetsen dat de Heilige Schrift niet meer van deze tijd is.
Kwetsbare groepen
Hoe de samenstellers dat karwei klaren, kan het best worden verduidelijkt door zes hedendaagse kwetsbare groepen te nemen en te bekijken, hoe de nieuwste vertaling hun belangen behartigt. Daar gaan we dan:
1. Vrouwen. Hun discriminatie in oudere vertalingen heeft de meeste ingrepen veroorzaakt. Mannelijke aanduidingen van God en van Christus (behalve in de hoedanigheid van historische Jezus) zijn goeddeels opgeruimd. In plaats van “Looft de Heer, want Hij is goed, ja, zijn goedertierenheid is tot in eeuwigheid” zingt nu de auteur van Psalm 118: “Breng dank aan God, want God is goed; Gods standvastige liefde duurt eeuwig”.
Vader - een metafoor voor God die in alle bijbelboeken op één na voorkomt - is menigmaal verruimd tot het androgyn ogende Vader-Moeder. In de Psalmen is Heer (Lord) soms gehandhaafd, soms vervangen door God. “The Lord of hosts (Heer der heerscharen), He is the King of glory” werd “The God of hosts, God is the Ruler of glory” (Psalm 24). Ook in het Nieuwe Testament moesten Heer (Grieks kyrios) en Koning veelal het veld ruimen. Zo prijst 1 Timotheüs Christus niet meer als 'the King of Kings and Lord of Lords', maar als 'Ruler of rulers and Sovereign of sovereigns' - twee termen die desgewenst op Hare Majesteit kunnen slaan.
'Koninkrijk' opgedoekt
Jezus is weliswaar een zoon van Maria gebleven, maar kind van God geworden. Zijn raadselachtige predikaat 'Zoon des mensen' werd 'the Human One' ('de Menselijke'). Dopen 'in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest' is verleden tijd; de nieuwe formule doet het 'in de naam van de Vader-Moeder, het geliefde Kind en de Heilige Geest'. Vanzelfsprekend is tevens het Koninkrijk der hemelen opgedoekt. Dat heet nu 'the dominion of heaven' - stellig tot genoegen van republikeinen, maar niet van etymologisch onderlegde feministen, die geleerd hebben dat dominion teruggaat op het Latijnse dominus 'heer, meester'.
Overigens, een blij boodschapje voor mannen hebben de vertalers óók. Mannelijke voornaamwoorden (hij, zijn) die naar de duivel en Satan verwijzen, zijn weggewerkt. Jezus noemde de duivel 'de vader der leugen' (Johannes 8). Die verspreking is nu gecorrigeerd, want Jezus bedoelde natuurlijk 'de bron van de leugen'. Of zijn tolken ook hier het alternatief 'vader-moeder' hebben overwogen, vermelden hun voetnoten niet.
2. Kinderen. Onbeschrijflijk kinderleed is, zoals bekend, in de hand gewerkt door nieuwtestamentische teksten als “Kinderen, gehoorzaamt uw ouders in alles” en “Is er wel een zoon die (lijdend voorwerp!) zijn vader niet tuchtigt?”. Gelukkig blijkt de Griekse tekst interpretaties toe te laten die huistirannen nièt aanmoedigen: “Children, heed (sla acht op) your parents in everything” en “What child is there whom a parent does not guide?” oftewel “Is er wel een kind dat niet door zijn ouders de weg gewezen wordt?”.
Helaas is het de kindvriendelijke buiksprekers niet gelukt, de dichter van Psalm 137 mores te leren. Deze bruut blijft roepen dat het kroost van Babylonische ouders wat hem betreft gegrepen en tegen een rots verpletterd mag worden.
3. Zwarten. Bijbelse auteurs bedienen zich soms van begrippen als 'dark' en 'darkness' ('donkerte, duisternis') om de gedachte aan onwetendheid, onrecht, kwaad of zonde op te roepen. Heel wat mensen met een donkere huid - darkies in het jargon van Engelstalige blanke minkukels - zijn daarover al uit hun vel gesprongen. De vertalers pogen de schade te herstellen, onder andere door 'the unfruitful works of darkness' ('de onvruchtbare werken der duisternis') te veranderen in 'the unfruitful works of the night'. Jammer voor nachtzusters en nachtportiers misschien, maar het is voor een goed doel.
4. Gehandicapten. Oudere bijbelvertalingen reppen van 'de blinden', 'de lammen' en 'de doven', alsof hun gebrek hét kenmerk van deze mensen is. De inclusive version verheft hen tot 'mensen die blind zijn', 'zij die doof zijn', 'degenen die lam zijn'. Echt veel scheelt het niet, maar alle beetjes helpen. Alleen de doden blijven the dead, want van die zijde zijn nooit protesten vernomen.
'De joden'
5. Joden. De evangelist Johannes lijkt soms wat slordig om te springen met het begrip 'de joden'. Zo bericht hij dat de volgelingen van Jezus na diens dood achter gesloten deuren bijeenkwamen, uit vrees voor 'de joden'. Johannes dacht uiteraard aan 'de godsdienstige autoriteiten', en dat staat er nu ook. En in 1 Thessalonicenzen zijn 'de joden' ('die de Here Jezus en de profeten gedood hebben') verdwenen achter het bepalingaankondigend voornaamwoord 'degenen'.
6. Linkshandigen. De bijbelse gewoonte om te doen alsof God een rechterhand heeft en daarmee zijn macht te symboliseren, heeft menige linkshandige van de Heilige Schrift vervreemd. Vandaar dat de dichter van Psalm 118 niet meer 'de rechterhand des Heren', maar 'de machtige hand van God' krachtige daden ziet doen. Ook als teken van nabijheid is de rechterhand Gods afgeschaft. “Zet u aan mijn rechterhand” (Psalm 110) luidt nu “Sit at my side” ('Kom naast mij zitten').
Niet meer onderdanig
Volledig is dit overzicht van filantropische hervertalingen lang niet. Vrouwen bijvoorbeeld wachten méér aangename verrassingen. Ze hoeven, indien getrouwd, zich niet meer aan hun man 'te onderwerpen' of hem 'onderdanig' te zijn, maar mogen hem 'toegewijd' wezen. En de door Jezus in Mattheus 5 gewekte indruk van een beperkt éénrichtingsverkeer in begerige blikken, exclusief van mannen naar vrouwen, is als volgt rechtgezet: “Anyone of you who looks at another (een ander) lustfully, has already committed adultery in your heart”. Te oordelen naar dat your, in plaats van his or her of desnoods their, is de Engelse grammatica van Jezus er niet op vooruitgegaan, een klein offer overigens voor een grote zaak.
Ten slotte. Ongetwijfeld zijn de Amerikaanse vertalers erin geslaagd, ettelijke miskende volksdelen te verzoenen, zo niet met het evangelie - dat blijft ook in hun versie 'voor de Joden een struikelblok en voor de heidenen dwaasheid' - dan toch met menige bijbeltekst. Zelfs aan de gymnastiekleraren is gedacht. In de eerste brief aan Timotheus is physical training subtiel opgewaardeerd: vroeger 'van weinig nut', nu 'van enige waarde'.
Maar het kan nòg beter, en consequenter. 'De armen' zijn weliswaar gepromoveerd tot 'those who are poor', maar 'de rijken', die het tegenwoordig toch ook niet makkelijk hebben, zijn in de brief van Jacobus 'the rich' gebleven. Tegenover tegemoetkomingen aan de joden staat nog altijd Paulus' onthulling dat 'de joden' hem meermalen hebben afgeranseld. Linkshandigen vernemen nog steeds van Mattheus dat Jezus bij het laatste oordeel de kandidaten voor het eeuwige vuur 'aan zijn linkerhand' zal verzamelen.
Bovendien blijft een lange stoet van kwetsbare of licht gekwetste schepselen in de kou staan, omdat hun belangen in het geheel niet zijn behartigd. Bedreigde diersoorten ('Sla de tanden der jonge leeuwen uit, O Most High!'). Homoseksuelen (Romeinen 1 vers 27). Het personeel van de belastingdienst, in Mattheus over één kam geschoren met verstokte zondaars. Mode-ontwerpers en kledingverkopers, wier klanten in hetzelfde evangelie nog steeds wordt voorgehouden dat ze zich niet bekommeren mogen om wat ze zullen aantrekken.
Kortom, de inclusive version is een goed begin, maar zeker niet meer dan het halve werk. Spoedige voltooiing is helaas onwaarschijnlijk. Als het gerucht tenminste juist is dat de Amerikaanse uitgever nu eerst Homerus, Vergilius, Ovidius, Chaucer, Shakespeare en Dickens gerenoveerd wil zien.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.