recensie Een half mensbeeld beheerst het denken: denkend aan een mensenleven zien we een mens die geboren wordt en groeit, niet een mens die aftakelt en sterft. Dat schrijft het Thijmgenootschap voor wetenschap en levensbeschouwing in een boek over dementie.
Het moderne mensbeeld omvat plezier maar geen pijn, groei maar geen krimp, zelfstandigheid en geen reddeloosheid. De mens moet zelf zijn leven zin geven en we weten ons geen raad met wie dat niet of niet meer kan.
Wie dit halve mensbeeld voor de hele waarheid houdt, zal onvermijdelijk vinden dat iemands leven zinloos wordt zodra hij dementeert. Het leven van demente mensen is in die optiek lijden waar beter een einde aan gemaakt kan worden.
De auteurs van 'Dementie, schaduw als schrikbeeld', Martien Pijnenburg en Vincent Kirkels, lijken bij hun ontleding van dit halve mensbeeld nergens zo bang voor als om het vooroordeel te bevestigen dat zij, als christenen, het wel nuttig zullen vinden als de mensen flink lijden. In het lijden, in de dementie, in de dood moet niet de zin van het leven gezocht worden, en ook zij vinden ziekte en aftakeling heel erg, zo verzekeren de schrijvers hun lezers. Ze plaatsen echter vraagtekens bij de opvatting dat het leed in onze huidige cultuur wordt gezien als iets dat niet meer bij het leven hoort.
Dat dementie zo'n schrikbeeld is geworden, kan ons iets leren over onze cultuur, denkt het Thijmgenootschap. ,,De negatieve beelden die dementie omringen geven toegang tot de beelden die onze cultuur juist als positief en waardevol duidt. Dementie omvat zo ongeveer alles wat als strijdig met onze culturele idealen wordt beschouwd.''
Niet dat men het vroeger, toen er een ander mensbeeld heerste, leuk vond om te dementeren; aftakeling en dood zijn altijd gevreesd. En terecht, er is geen enkele reden om te doen alsof het leuk is.
Dat 'kinds worden' vroeger desondanks werd geaccepteerd, terwijl de huidige 'dementie' als iets zo ondraaglijks wordt ervaren dat je volgens velen beter dood kunt zijn, komt volgens de auteurs door het maakbaarheidsideaal dat we nu hanteren. Als er één centrale waarde is in de westerse wereld, dan wel het geloof dat de mens zijn leven grotendeels in eigen hand heeft, dat we onze idealen kunnen verwezenlijken, dat ons leven maakbaar is en het noodlot afgeschaft.
Als we ons leven in eigen hand hebben, als onze levensloop maakbaar is, belet niets ons om zelf het ideale mensbeeld te verwezenlijken. Door ons best te doen, kunnen we allemaal succesvol, mooi en jong zijn.
Op het moment echter dat ons leven helemaal niet maakbaar blijkt, als het noodlot sterker is dan wijzelf, leven we niet meer echt, zo luidt de keerzijde van dit ideale mensbeeld.
Een beeld van de ideale mens bestond vroeger ook wel - toen werden de heiligen de mensen ten voorbeeld gesteld - maar de meeste mensen beseften maar al te goed dat ze zelf geen heiligen waren, dat het ideaal nooit hun werkelijkheid zou worden. Door de goede gezondheidszorg en de welvaart is het ideale mensbeeld van nu voor velen wel onder handbereik gekomen. Menigeen gaat daardoor denken dat vitaliteit een recht is, dat ziekte, afhankelijkheid en vroegtijdig sterven levensvreemd zijn.
,,Als het ooit zo ver komt dat ik mijn kinderen niet meer ken, dan mogen zij er bij mij een einde aan maken'', zei minister Borst (D66) van volksgezondheid enkele jaren geleden. Zij spreidde daarmee haar gehalveerde mensbeeld tentoon, vinden Pijnenburg en Kirkels. Laat Borst zich niet verschuilen achter het makkelijke idee dat zij alleen maar haar eigen voorkeur bekendmaakte door dit te zeggen en niemand iets op wilde leggen. Want impliciet zei ze iets over de vraag wat menswaardig en wat mensonwaardig leven is.
Dit vaak onbewuste beeld over wat leven is en wat niet, wordt in dit boek boven tafel gehaald. Het Thijmgenootschap maakt de lezer bewust van het mensbeeld dat in onze cultuur dominant is als we voor de vraag staan te bepalen wat de waarde is van een mens. Bovendien laat het aan de hand van de uitspraak van Borst zien hoe die waarde - leven is geen leven meer als je je kinderen niet meer kent - uitmondt in een norm - dan kun je beter dood zijn. Waar kritiek op de huidige tijd soms niet meer is dan makkelijk geroep om niet nader aangeduide 'normen en waarden', is dit boek een rake kritiek van de tijdgeest omdat het diens waarden en de daaruit volgende normen expliciet maakt.
Zo leidt de grote waarde die we in de westerse cultuur hechten aan autonomie van het individu in de discussie over euthanasie op dementen tot de norm dat we moeten proberen te achterhalen wat de demente zou hebben gewild als hij nog bij zijn volle verstand was. Daartoe wordt dan gekeken naar wat een demente oudere in het verleden heeft vastgelegd of tegen zijn familie heeft gezegd. Kennelijk kan autonomie alleen worden gerespecteerd als iemand tot rationele afwegingen in staat is.
Maar autonomie van een demente bejaarde kan ook anders worden uitgelegd, beweren de auteurs. Ook al is iemand afhankelijk en niet meer in staat zelfstandig te handelen, hij heeft wel zijn beweegredenen. In plaats van iemands leven actief te beëindigen vanwege een euthanasieverklaring uit het verleden, kun je beter proberen zijn beweegredenen van nu te begrijpen en te respecteren, ook al zijn dat misschien eerder beweegredenen van het hart dan van het verstand, suggereren de schrijvers.
Maar wat nu als een verzorger dat advies opvolgt, de beweegredenen van een demente probeert te vatten en tot de slotsom komt dat die niet meer wil leven? Dat wijst precies op de makke van dit boek. Het Thijmgenootschap slaagt er heel goed in om vragen te stellen die ertoe doen, waarbij de auteurs bovendien alternatieve antwoorden aanreiken die afwijken van de geijkte antwoorden uit de dominante liberale cultuur. In die zin is dit boek een voorbeeld hoe christelijk gedachtegoed kan werken als een tegencultuur, die de dominante cultuur uitdaagt om haar onuitgesproken aannames te benoemen.
Moeilijker blijkt het de schrijvers te vallen om uit die christelijke tegencultuur ook argumenten te halen die iedereen ervan overtuigen hoe het dan wel moet. Als ze de kritiek op de dominante cultuur verlaten en een alternatief formuleren, begeven ze zich op het terrein van doel en zin van het leven. Actieve euthanasie op demente bejaarden mag niet, betogen zij, maar hun op geloof gebaseerde argumenten zullen een post-christelijke samenleving niet snel overtuigen.
In het mensbeeld van het Thijmgenootschap hoeft een mens niet bij zijn volle verstand te zijn om zinvol te leven. De zin van zijn leven vindt een mens in de relaties die hij in zijn leven aangaat met anderen, en met God. Dat stopt niet bij tegenslag. 'Een langdurig proces van loslaten en doorgaand samenleven' maakt de mens tot wie hij is.
In het christendom is een mens vanaf zijn geboorte goed; hij hoeft zich daarvoor niet te bevrijden van zijn schaduwkanten, hoeft geen maatschappelijk succes te boeken. ,,Dit goed-zijn van de mens en van menselijk leven verdwijnt niet in situaties van lijden en gebrekkigheid, maar verschaft juist de basis om ook dan ten principale het leven als in zichzelf goed en zinvol te bejegenen'', schrijven de auteurs.
Grappig is het te zien hoe de auteurs hier in het voorbijgaan de wijdverbreide opvatting op zijn kop zetten, dat het christendom een somber geloof is dat de mens van nature slecht acht terwijl de post-christelijke cultuur ruimte zou bieden aan de goede mens die plezier heeft in het leven. In plaats daarvan wordt hier de christelijke aanvaarding van de onvolmaakte mens reden tot opluchting, terwijl het post-christelijke geloof in de vrolijke mens die alles kan, alleen nog zwartgalligheid te bieden heeft als de mens merkt helemaal niet alles te kunnen - of niet meer.
Ook wijzen Pijnenburg en Kirkels op het mensbeeld van de middeleeuwse kerkleraar Thomas van Aquino, volgens wie elk mens beeld van God was. In die opvatting doet het er niet toe of iemand wel of niet bij zijn volle verstand is: ieder staat in een relatie die God met hem is aangegaan. De principiële reden om tegen actieve euthanasie te zijn is voor de auteurs dan ook dat niemand het recht heeft te zeggen dat iemands leven het leven niet meer waard is. Juist het zwakke is waardevol, concluderen de auteurs uit de bijbel, als ze citeren uit de Eerste Brief van Paulus aan de Corinthiërs. ,,Wat voor de wereld zwak is, heeft God uitverkoren om wat sterk is te beschamen.''
Uit zulke christelijke opvattingen is de zorg voor zieken en zwakken ooit voortgekomen, maar inmiddels is de zorg van die wortels afgesneden. Gezondheidszorg is nu bij uitstek een sector waar een instrumenteel-rationele benadering overheerst. Deze past in de westerse cultuur; door onze omgeving te onderzoeken, beheersen en zo mogelijk uit te baten zijn we heel ver gekomen in het zo efficiënt mogelijk verwezenlijken van onze doelen. Zwakker is onze cultuur in het bepalen wat die doelen dan wel zijn.
Een debat over bijvoorbeeld de vraag wat het goede leven is, wat de zin is van welvaart en wat de zin van de samenleving gaat niet over instrumentele rationaliteit maar over substantiële rationaliteit, niet over de meest doelmatige weg naar een doel, maar over de vraag wat het doel zelf is. In onze maatschappij wordt dat laatste gezien als iets waar niet over te debatteren valt.
Vragen over de zin van het leven en het samenleven worden, net als emotie en religie, gezien als zaken uit de persoonlijke levenssfeer waar we ons in het publieke debat niet in willen mengen. Een debat over euthanasie wordt dan ook al gauw afgekapt met de stelling dat iedereen dat voor zichzelf moet besluiten, dat daar verder niet op zinvolle wijze over te praten valt.
Zonder nu meteen terug te verlangen naar de verzuilde ziekenhuizen en zorginstellingen van vroeger, denkt het Thijmgenootschap dat het nodig is om in de zorg wel voeling te houden met de tradities die ooit de sociale kwaliteit van de samenleving hebben helpen voeden. Te midden van alle efficiëntie moet ook het uiteindelijke doel van de gezondheidszorg kunnen worden besproken. Om de humaniteit van de zorg te versterken, zou moeten worden geput uit het 'menselijk en kritisch kapitaal dat in het christendom aanwezig is'.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.