recensie Het is begrijpelijk dat de Australische regisseur Paul Cox naar zijn geboorteland Nederland is teruggekeerd om zich te distantiëren van de versie van 'Damiaan' die nu in de Nederlandse bioscopen uitkomt. Het drama over de Belgische priester die in 1873 een leprozenkolonie op het eiland Molokai onder zijn hoede nam om daarna zelf aan de ziekte ten onder te gaan, is zo'n opsomming van clichés, dat niemand er graag zijn naam aan verbonden ziet.
'The making, the unmaking and the remaking of Father Damien', zoals Cox zijn boek ('een thriller') over de conflicten met zijn financiers wil noemen, lijkt in eerste instantie op het productieproces van vele films: ontevreden producenten ontslaan hun regisseur en hermonteren het door hem geschoten materiaal. Wat nieuw is, is dat Cox nadat 'de duurste Vlaamse film ooit' in België al was geflopt, uiteindelijk toch de kans heeft gekregen 'Damiaan' te maken zoals hij hem zich voorstelde. Zijn versie draaide met succes op het filmfestival in Toronto, en kreeg daar goede kritieken. Waarom hier dan toch dezelfde kopieën als in België? Distributeur RCV wil zich het liefst verre houden van het conflict tussen regisseur en producent: ,,Wij hebben een contract met de Belgische distributeur Kinepolis en brengen uit wat zij ons aanbieden. Over andere versies valt te praten, maar Cox heeft gewoon veel te laat contact met ons opgenomen. Zo slecht deed 'Damiaan' het trouwens niet in België.'' Cox ziet kwadere bedoelingen achter de uitbreng: ,,Er zijn blijkbaar mensen die er belang bij hebben dat mijn film het publiek niet bereikt; producenten die niet willen toegeven dat hun versie is mislukt.''
Het leven van Damiaan bestaat nu uit een aaneenschakeling van korte, niet erg sterk met elkaar verbonden fragmenten. De priester ziet een naakte vrouw, wijst haar af en biecht. Binnen een paar minuten is het onderwerp afgerond en kunnen we verder naar de volgende episode, waarin hij binnen enkele scènes als morele winnaar uit de strijd tegen de hypocriete premier van Hawaii komt. De Damiaan in deze film is zo foutloos, dat het vreemd is dat de heiligverklaring van zijn historische voorbeeld tot 1995 heeft moeten wachten.
Het blijft onzeker in hoeverre deze zwaktes te wijten zijn aan de nieuwe montage, inherent zijn aan het geschoten materiaal, of al te vinden waren in het oorspronkelijke scenario. Volgens de Belgische producent Tharsi Vanhuysse zijn de verschillen tussen de twee versies minimaal (maar waarom werd de regisseur dan ontslagen?). Eén verschil is echter zeker: de muziek die door Cox gebruikt is kan nooit zo slap, sentimenteel en misplaatst zijn als de score van Wim Mertens die nu te horen is; onder elk beeld van de aan overdadige make-up stervende priester dezelfde lamlendige piano en strijkers. Ook het spectaculaire landschap wordt er geheel door verpest. Alleen daarom al was het beter geweest in Nederland de zogeheten director's cut te vertonen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.