*

 

'De beste zondebok voor de misdaden van het nazi-regime'

Jann Ruyters − 18/11/00, 00:00

recensie Zo eens in de tien jaar duikt de Duitse regisseuse, fotografe en filmster Leni Riefenstahl weer op in de media, als het duveltje uit het doosje waarvan de springveer maar niet wil slijten. In oktober gaf de 98-jarige nog een druk bezochte persconferentie op de Frankfurter Buchmesse. Een gelegenheid waarop de maakster van de nazi-propagandafilm 'Triumph des Willens' (1934/1935) en de lyrische sportfilm 'Olympia' (1938) zichzelf maar weer eens verongelijkt betitelde als 'de beste zondebok voor de misdaden van het nazi-regime'. Riefenstahl beleeft dezer dagen ook een revival in Amerika waar feministes met Riefenstahl-buttons rondlopen en haar roemen om haar pionierswerk (om haar persoonlijke 'triomf van de wil', zeg maar) en waar Jodie Foster inmiddels heeft aangekondigd de hoofdrol te zullen spelen in de eerste film over haar leven.

In Nederland valt het met de populariteit van Riefenstahl wel mee. Pas dit jaar verscheen het eerste boek over haar, een boekje eigenlijk, want Thomas Leeflang kreeg slechts 192 kleine bladzijdes tot zijn beschikking om over het lange leven en spraakmakende werk te verhalen. Hij beperkt zich in 'Gevallen Engel' tot de meest geruchtmakende periode uit de zeventig jaar bestrijkende carrière: de periode van haar twintigste tot haar veertigste waarin Riefenstahl eerst furore maakt als danseres en actrice en vervolgens als filmmaakster. Haar na-oorlogse werk, de door Susan Sontag als fascistische kunst bestempelde foto's van de Afrikaanse Nuba-stam en de nog onaffe documentaire over haar diepzeeduikexpedities, laat Leeflang buiten beschouwing. Dat is maar goed ook want ook nu is 'Gevallen Engel' al een wat overbevolkt boekje, vol namen en titels, die niet altijd chronologisch worden opgediend en soms doen duizelen.

Leeflang schrijft nuchter, wat familiair over de Duitse diva; een ambitieuze vrouw die vanwege die blinde gedrevenheid door niemand helemaal serieus lijkt te worden genomen. Leeflang houdt zich aan de omstreden feiten en levert maar spaarzaam commentaar. Hij constateert bijvoorbeeld simpelweg dat Riefenstahls zoeken naar uiterlijke perfectie in 'Olympia' aansluit bij een fascistische esthetica, maar dat ze de zwarte hardloper Jesse Owens in die film even glorierijk fotografeert als de blonde Duitse sporthelden. Die encyclopedische invalshoek maakt van 'Gevallen Engel' een handig naslagwerkje, maar de nuchtere verteltrant roept toch ook de vraag op naar het 'waarom' van deze monografie die verder weinig nieuws bevat. Van hevige fascinatie voor de filmmaakster lijkt niet echt sprake. Misschien wilden uitgever en schrijver toch alvast inspelen op het rumoer rond de komende Hollywood-biopic?

mailIcon print |