*

 

Schaakchroniqueur wil ook niet-schakers amuseren

Jaap de Berg − 15/07/00, 00:00

recensie Een eeuw geleden maakten schaakmeesters tijdens een toernooipartij wel eens een praatje met bekenden. Bij Amerikaanse toernooien wordt zelfs van grootmeesters soms verwacht dat ze zelf bord en stukken meebrengen. Grootmeester Kortsjnoi noemt oud-wereldkampioen Karpov wel 'de Karper` of 'de Vis'. Grootmeester Ivantsjoek pakte in Groningen eens vijf bekertjes tegelijk uit een koffiezetapparaat en liet er 'met superieure nonchalance' vier op de grond vallen.

Niet-schakers reageren nu vermoedelijk met: So what? of – als het puristen zijn – met een Nederlands equivalent. Als zulke mededelingen al interessant zijn, dan toch alleen voor wie genoeg van het schaakspel weet om te kunnen opzien tegen eminente beoefenaars als Kortsjnoi, Karpov en Ivantsjoek. Niettemin hoopt Dirk Jan ten Geuzendam met zijn bundel 'Schaaklezen', waaraan deze ditjes en datjes ontleend zijn, een breder publiek dan alleen de schaakliefhebbers te boeien: IJdele hoop, vrees ik.

Voor schaakliefhebbers valt er overigens, zeker wanneer hun belangstelling zich niet tot de gebeurtenissen op het bord beperkt, veel genoegen te beleven aan deze verzameling van bijna veertig stukken uit Vrij Nederland. Ten Geuzendam, met Jan Timman hoofdredacteur van het vakblad New in Chess, weet zijn kennis van wat er in de internationale schaakwereld omgaat, levendig te presenteren. Boeiend, voor de fans, zijn ook zijn excursies in de schaakgeschiedenis. Elk hoofdstukje besluit met een licht geannoteerde grootmeesterpartij. Leuk voor vergevorderden, maar een partijenselectie van het niveau waarop Ten Geuzendam zelf schaakt, zou waarschijnlijk voor het publiek dat hij wil bereiken, leerzamer zijn geweest.

mailIcon print |